Hoe CVC de waarde van C1000 oppompte

CVC wist in vier jaar tijd fors te verdienen aan C1000. Het paste klassieke private equitytrucs toe, maar maakte het bedrijf ook efficiënter.

Het is een interessant lijstje namen, de hoofdgasten van de Dag van de Belegger vandaag: Niek Hoek van Delta Lloyd, Jan Hommen van ING, Feike Sijbesma van DSM. Menig groot beursfonds heeft zijn topman afgevaardigd naar de door beleggersclub VEB georganiseerde conferentie in Amsterdam.

Maar: kunnen deze heren aan het beleggend publiek ook demonstreren hoe je snel en slim een gunstig rendement kan maken? Had de VEB niet beter Rolly van Rappard en Hugo van Berckel kunnen uitnodigen?

Van Rappard en Van Berckel zijn de twee partners van CVC Capital die voor het Britse private-equityhuis de investeringen in de Benelux in de gaten houden. Met de gisteren aangekondigde verkoop van supermarktketen C1000 aan Jumbo maakt CVC een klapper, waar genoteerde bedrijven in het huidige beursklimaat niet aan kunnen tippen. CVC haalde C1000 in 2008 voor een kleine 700 miljoen euro van de beurs en weet het na drie jaar nagenoeg schuldenvrij weer door te schuiven voor 950 miljoen. Dat alleen al is een indrukwekkend rendement van 10,5 procent per jaar. Ter vergelijking: in dezelfde periode verloor concurrent Ahold 3 procent van z’n beurswaarde.

In werkelijkheid ligt het rendement nog vele malen hoger, zegt een betrokkene.„Ik schat de boekwinst op 700 à 850 miljoen euro.” De aandeelhouders – niet alleen CVC Capital (met 59,5 procent grootste), maar ook een deel van het management en de 350 aangesloten franchisenemers – legden slechts een bedrag in dat door betrokkenen wordt geschat tussen 50 miljoen tot 150 miljoen euro.

Hoe kan een door retailkenners als middelmatig omschreven supermarktformule in drie jaar tijd zoveel in waarde stijgen, terwijl de omvang van het concern verkleind is? Het aantal winkels daalde van 443 tot 389, de omzet met 10 procent tot een kleine 3 miljard euro.

„CVC Capital heeft veel bekende private-equitytrucs uit de kast getrokken”, verklaart een retailconsultant. In willekeurige volgorde: Er werden direct bij de aankoop van C1000’s houdstermaatschappij Schuitema bijna zestig winkels inclusief vastgoed aan concurrent Albert Heijn verkocht (wiens moederbedrijf Ahold met 73 procent grootaandeelhouder van Schuitema was). Dat leverde een boekwinst van 174 miljoen op. „Toen was CVC al uit de overnamekosten.” Begin vorig jaar volgde meer vastgoed. Zes distributiecentra gingen met een boekwinst van ruim 50 miljoen over naar een Amerikaanse belegger.

Een andere goudmijn bij de aankoop van C1000 in 2008 was de ingewikkelde verhouding met de stichting CKK, een stichting die franchisenemers kredieten verstrekt. De stichting hield ruim een kwart van de aandelen in het moederconcern en werd door CVC destijds op 177 miljoen gewaardeerd. Dat bedrag heeft CVC handig weten te gebruiken om de overname van Schuitema goedkoop te financieren.

De CKK-constructie en de transactie met Albert Heijn was de inzet van een langdurige gerechtelijk procedure die beleggersclub VEB had aangespannen. De VEB wilde dat de potentiële winsten bij die transacties niet alleen aan de nieuwe aandeelhouders zouden moeten toekomen, maar ook aan de oude. Namens een kleine groepje minderheidsaandeelhouders, kreeg de VEB uiteindelijk ruim 24 euro voor elk aandeel Schuitema, 4 euro meer dan CVC’s aanvankelijke bod. Het kostte haar slechts 14 miljoen extra.

Betrokkenen wijzen erop dat CVC niet alleen met ingewikkelde financieringsconstructies en het afstoten van vastgoed heeft kunnen profiteren. C1000 is in de afgelopen jaren beslist efficiënter gaan werken. „Men is veel slimmer omgegaan met het werkkapitaal van het bedrijf”, zegt de consultant. Dat werkt op één punt heel simpel: „De betalingstermijn van eigen facturen verschoof zonder al te veel verzet van leveranciers van 30 naar 90 dagen. En debiteuren werd gesommeerd om juist binnen 30 dagen hun rekeningen te betalen.” Daardoor kwam er veel sneller veel meer geld binnen.”

C1000 richtte vorig jaar ook een nieuwe inkooporganisatie op, Bijeen, met de huidige koper Jumbo. Die ging snel voor veel hogere winstmarges zorgen. Datzelfde Jumbo heeft nu bijna een miljard over voor een bedrijf dat aanmerkelijk winstgevender is dan vier jaar geleden, toen het nog beursgenoteerd was. Met een lagere omzet steeg de nettowinst in het tijdperk-CVC van 35,2 miljoen naar 80,1 miljoen euro.

Daar profiteert niet alleen de private-equityfirma zelf van. Ook het management en een groot deel van de franchisenemers worden rijk. Volgens een berekening van Het Financieel Dagblad kunnen ongeveer 60 managers bijna 100 miljoen verdelen. De certificaten die de franchisenemers in 2008 voor 60.000 euro konden kopen, zijn nu volgens een betrokkene zo’n 650.000 euro waard.

    • Philip de Witt Wijnen