Er zijn er gewoon té veel

Soms ben ik stiekem een beetje jaloers op filmcritici. Elke donderdag gaat een handvol films in première die ze in een uurtje of twee kunnen kijken. Ze zakken onderuit, gooien de beentjes omhoog, grabbelen wat popcorn en laten de rolprent over zich heen komen.

Wat hebben wij gamecritici het dan zwaar! Games zijn veel langer dan films, en je moet actief aan de slag met al die knoppen en pookjes. Tijdens het spelen kun je niet eens je notitieblok vasthouden. Zelf speel ik meestal ’s avonds, dus ik kom thuis na een lange dag, eigenlijk al moe, ik leg de kinderen op bed – en dan moet ik ook nog eens de wereld redden. Waar haalt een mens de kracht vandaan?

Deze maand verschijnen er nieuwe games in ten minste tien grote reeksen, waaronder The Elder Scrolls, Assassin’s Creed en Saints Row. Allemaal blockbusterproducties waarmee je tientallen uren bezig kunt zijn. Als ik heel november non-stop speel, red ik het nog niet. En dan laat ik de alternatieve games, zoals het charmante Deense puzzelspel Where Is My Heart?, nog buiten beschouwing. Als ik naar de onmogelijke stapel op mijn bureau kijk, krijg ik soms zin om alles in een la te schuiven en een filmpje aan te zetten...

Je kunt natuurlijk proberen van alles een beetje te spelen. Dat deed ik vroeger, maar het ging me al snel tegenstaan. Net als je je draai vindt in een game, dient de volgende zich alweer aan.

Tegenwoordig maak ik een zorgvuldige selectie, die ik ook echt uitspeel. Nu ben ik, samen met mijn vrouw, bezig met de nieuwe Zelda. Net als andere jonge ouders hebben we maar weinig tijd voor onszelf, dus zijn we blij als we dit jaar het einde nog halen. De meeste andere grote namen raak ik waarschijnlijk niet eens aan, hoe gaaf ik ze ook vind.

Uiteindelijk is dit niet mijn probleem, maar het probleem van de game-industrie. Er zijn gewoon te veel grote games, en de games zijn gewoon te groot. Uit cijfers van bijvoorbeeld de openbare statistieken van downloaddienst Steam, blijkt dat de meeste gamers hun games nooit uitspelen. Tegelijk klagen ze als een korte game de volle mep kost.

Maar het is lastig om de prijs van kortere blockbustergames lager te maken, omdat de kosten van gameontwikkeling niet alleen zitten in de hoeveelheid content, maar ook in benodigde software. De spectaculaire ervaring van grootschalige games komt voor een aanzienlijk deel voort uit heftige technologie, geschreven door grote programmeerteams. Kijk naar het digitale domein: de lage prijzen (zoals ‘gratis’) die inmiddels gebruikelijk zijn op onder andere iPhone en Facebook zorgen uiteindelijk niet per se voor korte, maar vooral voor technisch simpele spellen.

Toch hoop ik dat er ooit een tussenvorm komt: elke donderdag een handvol nieuwe, indrukwekkende games, die zich met een uurtje of twee laten uitspelen. Lijkt me heerlijk. Ik gooi de maïs vast in de pan!

Niels ’t Hooft

    • Niels `t Hooft