Dino's, doden en vulkanen

Publiceren na je dood wordt echt een trend, grote namen genomineerd voor de Bad Sex Award en Jan Cremer schoffeert Facebook en grammatica.

Niet alleen op p. 8-9 van deze bijlage, maar ook elders is dit een seksueel getint weekje. In Engeland werden de nominaties voor de Bad Sex Award bekendgemaakt, een jaarlijkse manifestatie van, zoals The Guardian schreef, ‘de vruchtbare verbeeldingskracht’ van schrijvers. Tot de genomineerden behoren Stephen King, James Frey, Haruki Murakami, Jean M. Auel en David Guterson die, schrijft de krant, de woorden massaging, kneading, stretching, rubbing, pinching, flicking, feathering, licking, kissing én gently biting in één zin wist te krijgen. Verder zijn de nominaties wederom een feest van metaforen, getuige de ‘warm wet caves’, ‘volcanic releases’ en ‘wafts of gaseous bouquets’ die meedingen. Doel van de prijs is en blijft ‘aandacht te vestigen op het vaak botte, smakeloze en overbodige gebruik van seksuele beschrijving in de moderne roman en dit te ontmoedigen.’

Kennelijk heeft Facebook exact hetzelfde verlangen, want het Letterkundig Museum laat verheugd weten dat deze orwelliaanse firma, die eerder Salman Rushdies profiel al zonder pardon blokkeerde, nu Jan Cremers profiel geblokkeerd heeft – tot twee maal toe. Het persbericht is een poging tot publiciteitsstuntje bij de online Jan Cremer-‘tentoonstelling’ van het Museum op Facebook, Twitter en Hyves. Cremers profiel wordt verzorgd door ‘de jonge schrijfster Elfie Tromp’. Facebook verbiedt opereren onder andermans naam.

Toen Cremer met een paspoortkopie bewees wel bij zijn eigen posts betrokken te zijn mocht hij weer publiceren, maar vervolgens werd het profiel opnieuw geblokkeerd. ‘Wegens aanstootgevende teksten’, vermoedt Sjoerd van Faassen van het Letterkundig Museum.

Cremer zelf zegt in het persbericht: ‘Ik vind dat ook de huidige jeugd rebels moet zijn om hun draai in het leven te vinden. (...) Jongeren moeten mijn boek lezen, want dan kunnen ze zien en misschien begrijpen wat het voor gigantische indruk en schandaal het heeft achtergelaten bij de autoriteiten destijds, bij hun vaders en moeders toen en nu.’

Zulk slecht Nederlands van een schrijver. Dat is pas aanstootgevend.

Grenzen van toelaatbaarheid bestaan niet meer, want zelfs de dood weerhoudt schrijvers, of beter, uitgevers, niet meer van publiceren. Deze week verscheen Micro, een postume sciencefictionroman van de in 2008 overleden Michael Crichton. Dit meldt onder meer de Washington Post. Auteur Richard Preston heeft een rudimentair manuscript uit Crichtons bureaulade voltooid. Micro gaat over een stel studenten dat door een gentech-bedrijf gekrompen wordt, waarna ze moeten vechten tegen lagere organismen en we op het vertrouwde terrein van Jurassic Park aanlanden. Crichtons uitgever Jonathan Burnham zegt dat HarperCollins nog steeds Crichtons papieren doorvlooit op bruikbaar materiaal. Als je dino’s kunt maken uit DNA tenslotte, en daarmee miljarden kunt verdienen, waarom dan geen romans uit een paar droedels?