PVV-gedeputeerden gaan af en toe per taxi

De twee Limburgse PVV-gedeputeerden, Antoine Janssen en Theo Krebber, gaan „met grote terughoudendheid” gebruikmaken van taxi’s. In alle ander gevallen zullen ze met eigen vervoer reizen. Het duo blijft weigeren om, zoals de commissaris van de koningin en de gedeputeerden van CDA en VVD, een dienstauto met chauffeur te nemen.

De PVV hekelde in de campagne voor de Statenverkiezingen van vorig jaar de volgens haar regenteske bestuurscultuur in het Limburgse provinciehuis. Een van de beloften was het afschaffen van de dienstauto met chauffeur.

De belofte om af en toe een taxi te nemen volgt na een oproep van de Limburgse commissaris van de koningin Theo Bovens (CDA) vorige week. Hij vond het onverantwoord om zelf te rijden na een lange werkdag, zeker bij slecht weer. Te meer omdat de PVV-gedeputeerden verkeersveiligheid (Janssen) en volksgezondheid (Krebber) in hun portefeuille hebben.

Afgelopen september kwamen al berichten naar buiten dat de twee PVV’ers het reizen moe zou zijn. Na intern beraad met de Statenfractie hield de partij toen vast aan de eerder ingezette lijn. „We betreuren het dat de media het beeld hebben geschetst dat dit punt intern ter discussie stond.”

Martijn van Helvert, CDA-fractievoorzitter in de provincie, zegt „het voortdurend in het nieuws houden van dit onderwerp” moe te zijn. „Neem die terminologie ‘terughoudend omgaan met’. Ik wil helemaal niet dat gedeputeerden terughoudend omgaan met rijden. Ze moeten zijn waar ze moeten zijn. Straks lopen we bijvoorbeeld miljoenen uit Den Haag mis, omdat we hier een paar centen willen besparen.”

Volgens de PVV maakt het CDA zich met deze opmerkingen belachelijk. Fractievoorzitter Laurence Stassen: „Het is treurig te moeten constateren dat het CDA een besparing van honderdduizenden euro's een farce noemt. Wij noemen dit het goede voorbeeld geven.”