Om de horizon laveren

galeries

Mapping the horizon. T/m 7 jan in Upstream gallery, Van Ostadestraat 294, Amsterdam. Inl: www.upstreamgallery.nl

Geen mooier thema in de kunstgeschiedenis dan de horizon: die kaarsrechte lijn aan de einder, symbool voor zowel verlangen en weidse verten, als voor eeuwige onbereikbaarheid. Door die combinatie van dominante aanwezigheid en ongrijpbaarheid groeide de horizon uit tot een van de bekendste onderwerpen in de Nederlandse schilderkunst en konden zelfs de conceptuele kunstenaars, toen ze de schilderkunst hadden doodverklaard, het niet laten hun krachten met hem te meten. Het bekendste werk dat hieruit voortvloeide is vermoedelijk de ‘Kinselmeerserie’ van Ger van Elk: foto’s die precies op de horizonlijn zijn doorgesneden waarna de twee vlakken, licht gekanteld, weer aan elkaar werden gezet onder het motto: pas als iets weg is, weet je wat je mist.

Van Elk doet ook mee aan Mapping the horizon, een expositie bij Upstream Gallery in Amsterdam die zich richt op de ‘post-schilderkunstige’ horizon. Hiervoor komen twee generaties kunstenaars bij elkaar: de oudere rotten Van Elk, Marinus Boezem en Luis Camnitzer en de ‘jongeren’ Jeroen Jongeleen, Marc Bijl, Frank Ammerlaan en Noor Nuyten. Van Van Elk is een foto te zien waarvoor hij verschillende zeventiende-eeuwse landschappen met hun horizonlijnen tegen elkaar hing – een statement over schilderkunst, geschiedenis als illusie. Dat sluit mooi aan bij de overige werken, die vooral opvallen doordat ze met enige joyeusheid om die dwingende rechte lijn heen laveren. Soms vraag je je daardoor wel af wat ze nog met het concept te maken heeft (de Rietveld- en Mondriaan-pastiches van Marc Bijl bijvoorbeeld), maar meestal werkt deze ruimdenkendheid prima. Neem het ‘schilderij’ van Jeroen Jongeleen die een horizonlijn creëerde door met vuile schoenen over een wit vlak te lopen. Mooier nog is Della Scultura & La Luce (1985) van Marinus Boezem: een ronde doos met in de bodem een kaart van de Mont Blanc, en in de deksel een verbeelding van de sterrenhemel aan het noordelijk halfrond. Eigenlijk is de doos het mooiste als ie dichtzit: dan raken hemel en aarde elkaar zonder dat je dat echt kunt zien. Want die horizon in je hoofd, daar gaat het natuurlijk allemaal om.