Koning Bahrein ziet kritiek als begin van verzoening

Bahrein heeft zich schuldig gemaakt aan excessief geweld om shi’itisch protest neer te slaan. Dat meldt een rapport in opdracht van de koning. Iran wordt erin vrijgepleit.

Een zeer kritisch rapport over de manier waarop Bahrein in februari-maart protesten van de shi’itische meerderheid heeft neergeslagen, moet het startpunt zijn van hervormingen die herhaling voorkomen. Koning Hamad bin Isa al-Khalifa van Bahrein zei dat gisteren bij het in ontvangst nemen van het rapport van een onafhankelijke commissie van onderzoek. Maar evengoed kan het een machtsstrijd losmaken binnen de sunnitische elite, met onzekere uitkomst.

„In veel gevallen namen veiligheidsdiensten in de regering van Bahrein hun toevlucht tot excessief en onnodig geweld”, zei de voorzitter van de commissie, de Egyptisch-Amerikaanse jurist Cherif Bassiouni bij de uitreiking van zijn 500 pagina’s dikke rapport. Vijf gevangenen zijn doodgefolterd. Maar veel meer gevangenen zijn aan „fysieke en psychologische” foltering onderworpen – gegeseld, met elektrische schokken bewerkt en vernederd.

Het rapport bevestigt cijfers van mensenrechtenorganisaties: bij het neerslaan van de protesten zijn 35 mensen omgekomen, van wie vijf politiemannen, meer dan 1.600 mensen zijn opgepakt, van wie er 500 tot vaak zware gevangenisstraffen zijn veroordeeld, de autoriteiten hebben 30 shi’itische moskeeën gesloopt en honderden shi’itische ambtenaren ontslagen en studenten van de universiteiten gestuurd. Een en ander op een totale autochtone bevolking van 750.000 mensen. De commissie heeft 5.000 mensen gesproken.

De shi’itische meerderheid in Bahrein ageert al tientallen jaren voor democratische hervormingen om een einde te maken aan haar sociaal-economische achterstelling. In februari ging zij massaal de straat op, aangestoken door de opstanden in Tunesië en Egypte. In maart stuurde de Samenwerkingsraad van de Golf troepen uit Saoedi-Arabië en politie uit de Verenigde Arabische Emiraten om koning Hamad te helpen de orde te herstellen. De sunnitische vorsten in de Golf vreesden besmetting van eigen shi’itische minderheden. Bovendien zagen zij de hand van de shi’itische vijand Iran in het protest.

Koning Hamad stelde in juni Bassiouni’s commissie aan, waarvan alleen niet-Bahreini’s deel uitmaakten, in een poging tot verzoening. Bassiouni prees dat gisteren. Hij noemde het een „unieke en historische” gebeurtenis dat een leider in dit gebied uit zichzelf tot zo’n onderzoek door onafhankelijke buitenstaanders had besloten.

Shi’itische oppositiepolitici wezen er gisteren op dat voor het „excessieve geweld” en andere zware mensenrechtenschendingen niet beleidsmakers worden verantwoordelijk gesteld, maar een aantal individuele functionarissen. Zij zwoeren de opstand, die de laatste maanden weer opkomt, te zullen voortzetten. Gisteren sloeg de oproerpolitie rellen neer in Aali, een shi’itische stad bij de hoofdstad Manama.

De koning zit tussen twee vuren. Hij kondigde hervormingen aan om verzoening mogelijk te maken. Maar niet alleen is de oppositie nog niet enthousiast, ook heeft hij te maken met verzet tegen concessies van de zijde van haviken binnen zijn bewind. Zijn belangrijkste tegenstander is zijn oom Khalifa bin Salman al-Khalifa, die sinds de onafhankelijkheid in 1971 premier is.

Sjeik Khalifa en medestanders hebben de afgelopen maanden hun positie versterkt ten koste van de koning en de kroonprins. De premier onderhoudt goede relaties met de nieuwe Saoedische kroonprins, prins Nayef, die net als hij een man van de harde lijn is, zeker als het gaat om democratische eisen van de kant van shi’ieten. Nayef denkt daarbij aan de Saoedische shi’itische minderheid, die zich eveneens misdeeld voelt.

Opmerkelijk is dat het rapport Iran vrijpleit van een rol in de shi’itische opstand. Maar daarin wilde koning Hamad absoluut niet meegaan. Hij beschuldigde Teheran weer van „flagrante en onaanvaardbare inmenging in onze interne aangelegenheden”, en daarmee in die van alle Arabische Golfstaten. Onder verwijzing naar het ‘Iraanse gevaar’ zijn de Saoedische troepen koning Hamad te hulp gekomen. Bahrein geldt als frontlinie in de koude oorlog van de Arabische Golf tegen Iran. Hamad kan nu niet zomaar erkennen dat de beschuldigingen aan het adres van Iran op lucht zijn gebaseerd.