Dé pepernotenspecerij?

Laatst deed ik mee aan een pubquiz. U kent het misschien wel, dan krijgt u binnen een redelijk kort tijdsbestek tientallen vragen voor de kiezen met als doel zoveel mogelijk daarvan correct te beantwoorden. Het leuke van zo’n vragenuurtje – dat behoorlijk wat van je algemene kennis vraagt – is dat je in teams speelt. De een weet veel van kunst, de ander is expert op het gebied van topografie en de deskundigheid van een sportliefhebber komt ook zeker goed van pas.

Niet heel erg moeilijk zou u denken, maar ik ben bar slecht in dit spelletje. Met niets heb ik zo veel poedelprijzen verdiend als met pubquizen. Mijn team weet van alles wel wat, maar niet genoeg om van die eeuwige laatste plek af te komen.

Ook deze avond was niet heel anders. Toen het zorgvuldig samengestelde advocatenequipe naast mij neerstreek en bloedfanatiek onze kant op keek, zag ik de bui al hangen, en toen vervolgens nog achttien van dit type quizclubjes (sommigen hadden zelfs hun zelfontworpen clubshirt aan) het café betraden, wist ik dat het wederom een verloren zaak was. Maar mijn team en ik lieten onze spelvreugde daardoor niet verpesten, ooit moesten we een eervolle negentiende plaats kunnen halen.

Toen de quizmaster na een tijdje aankondigde dat de volgende vraag er een was in de categorie ‘koken’ zei ik zelfverzekerd tegen mijn ploeg: „Kat in ’t bakkie, dit is míjn categorie”. De vraag bleek pittig: „Wat is de belangrijkste specerij van oud-Hollandse pepernoten?” „Kardemom”, mompelde ik. „Of toch kaneel, gember of nootmuskaat?” Ik twijfelde, want ze zijn alle een belangrijke speler in de pietenkeuken. Wat ik uiteindelijk heb ingevuld weet ik niet meer, maar het was in ieder geval niet juist. Het exacte antwoord luidde namelijk ‘speculaaskruiden’. Maar ‘koekkruiden’ werd ook goed gerekend.

Ik probeerde na afloop de quizmaster nog ervan te overtuigen dat speculaaskruiden een mengsel van verschillende kruidenspecerijen is, waaronder kardemom en kaneel, en dat mijn antwoord ook goed was. Maar hij was onvermurwbaar, het was incorrect. Het clubje advocaten naast me juichte zelfingenomen, ik zuchtte en bestelde nog maar een biertje. Om wederom de laatste plaats te vieren.

Voor oud-Hollandse pepernoten:

1 ei

250 g zelfrijzend bakmeel

250 g honing

1 el gemalen anijszaad

1 el speculaaskruiden (uit potje of zelf samengesteld)

snuf zout

Kneed alle ingrediënten in een grote kom goed door elkaar en zet afgedekt een uurtje in de koelkast. Neem vervolgens steeds kleine beetjes deeg en maak daar brokjes van ter grootte van een dobbelsteen. Ze hoeven niet allemaal op elkaar te lijken, deze pepernoten horen rommelig te zijn. Leg de pepernootbrokken op een stuk bakpapier en verwarm de oven op 180 graden. Bak de pepernoten in ongeveer 10, maximaal 15 minuten af. Ze mogen lekker taai zijn.

Stéphanie Versteeg

maandag: Janneke Vreugdenhil, dinsdag: Menno Steketee, woensdag: Roos Ouwehand, donderdag: Stéphanie Versteeg, vrijdag: Joël Broekaert