Stijging pensioenpremie bij PME

Werknemers in de metaalindustrie moeten volgend jaar waarschijnlijk een forse verhoging van de pensioenpremie betalen. De verhoging kan oplopen tot 3 procent van de loonsom. PME, met 600.000 deelnemers het belangrijkste pensioenfonds voor werknemers in de metaalbranche, moet die premieverhoging doorvoeren omdat het fonds anders niet aan haar financiële verplichtingen kan voldoen.

De pensioenpremie wordt mogelijk verhoogd van 23 naar 28 procent. De pensioenlasten in die sector stijgen dan met 150 miljoen euro. Volgens PME-bestuurder Jos Brocken kan ook besloten worden om het jaarlijkse opbouwpercentage van de pensioenen te verlagen. In de praktijk moeten werknemers dan langer doorwerken om dezelfde pensioenrechten te behouden.

Behalve premieverhoging krijgen werknemers in de metaalsector in 2013 ook te maken met kortingen op hun pensioenuitkering- en opbouw. Reparatie van die ‘pensioengaten’ via cao-onderhandelingen is voor volgend jaar niet mogelijk omdat de de huidige cao’s tot 2013 lopen. Volgens Brocken wordt met de werkgevers onderhandeld over hun bijdrage in de premieverhogingen maar is er nog geen zicht op een oplossing voor de premieverhogingen.

Ook andere grote pensioenfondsen overwegen premieverhogingen of kortingen om te kunnen voldoen aan hun verplichtingen. Het ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland, neemt daarover volgende maand een besluit. Het is de verwachting dat het ABP niet de premies hoeft te verhogen. PME heeft vorig jaar al uitstel gekregen van De Nederlandsche Bank van de wettelijke verplichting om de pensioenpremies te verhogen als fondsen er slecht voor staan. Het ABP heeft toen geen gebruik gemaakt van die regeling en rekent erop dat ze dat in 2012 wel mag doen.