Lichtgewicht figuurlijk knock-out geslagen

De Nederlandse bokser Hüsnü Kocabas nam vorige week, tot veler verrassing, afscheid van de topsport.

De lichtgewicht hekelt het selectiebeleid van de bond.

Een bokser kan ook figuurlijk knock-out gaan. De Nederlandse lichtgewicht Hüsnü Kocabas heeft zijn gevecht met de Nederlandse boksbond als zodanig ervaren.

Uit frustratie over tegenwerking van de bond nam de 32-jarige Bossche bokser begin vorige week, tijdens de Bep van Klaveren Memorial in Rotterdam, afscheid. „Ik had niet verwacht dat ik daar zo emotioneel op zou reageren.”

Waarom ben je boos op de boksbond?

Hüsnü Kocabas: „Het begon in september, een week voor de WK in Baku, toen ik van technisch directeur Louis Wijdenbosch te horen kreeg dat niet ik maar Juliano Westhiner, de Nederlands kampioen, zou worden uitgezonden. Hij wilde hem als aanstormend talent internationale ervaring laten opdoen. Maar Westhiner was op dat moment niet fit. Bovendien had ik hem er tijdens een conditietest ruimschoots uitgelopen en bij sparringpartijen alle hoeken van de ring laten zien. Ik heb op vele fronten getoond dat ik op dat moment de beste was. Maar toch liet de bond die jongen gaan.”

Dat besluit was voor je de reden met boksen te stoppen?

„Ja, hoewel ik er lang over heb nagedacht. Ik ben onmiddellijk na de afwijzing voor de WK met vakantie gegaan en heb goed over een carrière-einde nagedacht. Ik twijfelde sterk. Maar toen ik bij terugkeer de eisen voor deelname aan het olympisch kwalificatietoernooi van komend voorjaar vernam, was ik zeker van mijn besluit. De bond eiste dat ik voor uitzending eerste drie boksers uit de topacht van de wereldranglijst moest verslaan. Een onmogelijke opgave. Dat was het laatste zetje. Ik vertrouwde de bond niet meer. Ik heb een gesprek met Wijdenbosch gehad en op advies van vakbond NLSporter gevraagd zijn argumenten te mailen. Dat laatste wilde hij niet. En zijn standpunt was ook onwrikbaar.”

Hoe zwaar valt het afscheid?

„,Héél zwaar. Boksen heeft me gevormd. Ik heb er veel aan te danken. Het heeft me innerlijke rust gebracht, evenals zelfbeheersing, discipline en doorzettingsvermogen.”

Je was erg emotioneel bij je afscheid. Had je dat verwacht?

„Totaal niet. Normaal gesproken ben ik een koele jongen. Maar na mijn laatste partij kwamen alle opgekropte emoties eruit. Ik wist dat Wijdenbosch in de zaal zat, dat had er ook mee te maken.”

Hoe bevalt het nieuwe leven?

„Toch wel goed. Ik had nooit tijd voor een intensief sociaal leven. Vijftien jaar heb ik volgens een strak schema geleefd. En eindelijk hoef ik me niet aan een dieet te houden. Dat continu rekening houden met eten en drinken was vooral zwaar. En ik hoef voor een partij niet meer vier à vijf kilo af te vallen. Het is een feest om alles te mogen eten. Het maakt me vrolijk.”

Je hebt twee keer de Olympische Spelen gemist. Blijft dat een frustratie?

„Nee hoor, daar heb ik me al lang bij neergelegd. Maar ik denk nog wel eens terug aan het kwalificatietoernooi voor ‘Sydney’ in 2000. Ik kwam in de beslissende partij tegen de regerende wereldkampioen twee punten tekort. Dat deed pijn. Tegenover de teleurstellingen staan vele mooie sportmomenten, zoals mijn wereldtitel bij de militairen en het behalen van de kwartfinales op de WK. Ik blik tevreden terug.”

Wat ga je nu doen?

Een opleiding volgen als opsporingambtenaar bij de marechaussee. Nadat ik uit de Defensie Topsport Selectie werd gezet, ben ik gesteund door de marechaussee. Ik heb nu een contract voor vier jaar, maar hoop op een aanstelling voor onbepaalde tijd.”

Wie was jouw voorbeeld?

„Ah, Muhammad Ali. Hij was een technische bokser, type move and punch. Dat was ook mijn stijl.”