Khmer-leiders belijden hun onschuld en patriottisme

De drie leiders van de Cambodjaanse Rode Khmer die in Phnom Penh terechtstaan op verdenking van misdaden tegen de menselijkheid en genocide hebben vandaag en gisteren ontkend dat ze schuldig zijn. Ook betwistten twee van hen de autoriteit van het tribunaal, dat is opgezet met steun van de Verenigde Naties om de schuldigen aan de dood van naar schatting 1,7 miljoen Cambodjanen in de jaren ’70 te onderzoeken.

Oud-president Khieu Samphan (80) beschuldigde de openbare aanklagers er vanmorgen van sterk bevooroordeeld te zijn. De aanklacht tegen hem wegens zijn betrokkenheid bij misdaden tegen de menselijkheid en genocide, wees hij van de hand als „fabeltjes”. Ze zouden slechts berusten op krantenberichten. De aanklagers willen naar zijn mening slechts zijn hoofd.

Oud-minister van Buitenlandse Zaken Ieng Sary (86) bestreed expliciet de rechtsmacht van het hof, omdat hij in 1996 amnestie zou hebben gekregen van koning Sihanouk.

Partijideoloog Nuon Chea (85), ook bekend als Broeder Nummer Twee omdat hij de rechterhand van Khmer-leider Pol Pot was, had gisteren al gezegd dat hij altijd had gehandeld „in het landsbelang” en dat van het „dierbare Cambodjaanse volk”. Hij en zijn kameraden waren in zijn visie tijdens hun regime tussen 1975 en 1979 geen onmenselijke massamoordenaars geweest, maar moedige strijders tegen het Vietnamese gevaar. Het was uiteindelijk ook Vietnam dat door een invasie een einde maakte aan het bewind van de Rode Khmer. Nog altijd is Vietnam er op uit Cambodja „op te slokken”, zo waarschuwde hij.

Bij de enorme aantallen Cambodjanen die in die jaren het leven lieten, bij een massale deportatie uit de hoofdstad Phnon Penh naar utopische agrarische communes, stond Nuon Chea nauwelijks stil. Die deportatie was volgens hem deels ingegeven uit vrees voor verraders.

Het proces van de drie is opgeknipt in stukken, waaronder dat over de deportatie. Dit wordt het eerst afgehandeld. De hoop van het tribunaal is dat het nog tot veroordelingen komt voordat een of meer van de hoogbejaarde verdachten sterven. (Reuters, AFP, AP, BBC)