Harde humor in de rolstoel

Hasta la vista! Regie: Geoffrey Enthoven. Met: Robrecht Vanden Thoren, Gilles de Schryver, Tom Audenaert, Isabelle de Hertogh. In: 14 bioscopen ****

Het is een soort intentieverklaring, zoals de camera al meteen in slowmotion inzoomt op de bezwete decolletés van joggende meisjes op een strand. Het blijkt de smachtende blik van een gehandicapte jongen. Hasta la Vista! gaat over wellust, dat heeft de Vlaamse regisseur Geoffrey Enthoven zo meteen helder. Maar niet alleen.

Wat moet een gehandicapte jongen die niet langer maagd wil zijn? In Nederland bespreken psychologen na een intakegesprek of de nood hoog genoeg is en of het uit het budget dagbesteding mag, waarna bedrijven met a-romantische namen als Flekszorg (‘verwenzorg op maat’) een ervaren sekswerker langs sturen. In Vlaanderen valt zoiets ook wel te regelen, denkt regisseur Enthoven, maar seks is in Hasta la vista! eerder aanleiding voor een film over vriendschap en (on)afhankelijkheid. Enthoven: „Het gaat over die puberale drang iets te doen dat eigenlijk niet mag zonder dat je ouders over je schouder meekijken.”

Neem Philip, een obstinate, cynische lastpak van 28 jaar die aan de rolstoel gekluisterd is door arthrogryposis, een ziekte die de ledematen verlamt. Als hij iets te hard „ik wil poepen!” roept, gaat dat meer om zijn vrijheid. Want hoe is het als je moeder je ’s avonds in de juiste positie moet leggen om te masturberen? Zijn beste vrienden zijn Lars, knap en droevig, want stervend aan een hersentumor, en de zachte, bijna blinde Josef, pispaaltje én geweten van de drie.

Philip heeft gehoord over een Spaans bordeel voor gehandicapten: El Cielo (De Hemel). Op internet regelt hij een invalidenbusje met ene Claude als chauffeur. „Het concept is: geen ouders”, zeg hij: zij moeten geloven dat de vrienden op wijntocht gaan. Wel merken de drie al snel dat ze nu afhankelijk zijn van chauffeur Claude, die tot hun ontzetting een dikke verpleegster met een gevangenisverleden blijkt te zijn.

Hasta la Vista! is een tragikomische roadmovie die overal publieksprijzen wegkaapt: na Montreal en Valladolid onlangs ook op het Noordelijk Film Festival. Zo makkelijk is het niet publiekslieveling te zijn. Hasta la vista! wil „lachen met gehandicapten”, stelt de persmap, dus niet lachen om gehandicapten. Enthoven: „Onderling steken gehandicapten continu de draak met elkaars beperkingen. Zo hoort het. Robrecht Vanden Thoren, die Philip speelt, reed zes weken in een rolstoel, hij deed er zijn boodschappen in. Wat hij het ergste vond, was die blik van medelijden, dat ze je overal als onvolwaardig zien.” Maar de acteurs zijn niet gehandicapt en ook de regisseur is niet ziek, zoals de Vlaamse regisseur Hans Van Nuffel die uit eigen ervaring met taaislijmziekte kon putten toen hij die andere geslaagde Vlaamse tragikomedie regisseerde over ziekte, Adem.

Zo’n vrijbrief voor harde humor mist Enthoven: des te knapper hoe hij in Hasta la vista! laveert tussen exploitatie en sentiment. Je lacht om hulpeloosheid, koppigheid en frustratie van invaliden, om geklungel met rolstoelen en met meisjes, maar leedvermaak wordt dat nooit. Zielig zijn ze evenmin, zelfs niet als de dood aanklopt.

Als arbiter van goede smaak had Enthoven Asta Philpot op de set, een ongeneselijke positivo die net als Philip lijdt aan arthrogryposis. Hasta la vista! is gebaseerd op een documentaire over Philpot, One Night Only. Voor hem ging een wereld open toen hij op vakantie met zijn ouders in Spanje een bordeel voor rolstoelers ontdekte; eenmaal terug in Engeland organiseerde hij meteen een seksreis voor gehandicapten – in zijn geval wél met ouders erbij. Zonder is veel leuker, blijkt in Hasta la Vista!

Coen van Zwol