Clusterbomparadox legt onderhandelingen stil

Zijn de nieuwe voorstellen om clustermunitie te beperken een stap vooruit of juist terug?

Nieuwe voorstellen om het gebruik van clusterbommen te beperken, stuiten op tegenstand uit opmerkelijke hoek. Een coalitie van mensenrechtenorganisaties, activisten tegen clustermunitie en landmijnen, en vredesgroepen als IKV Pax Christi waarschuwen dat een nieuwe afspraak die dezer dagen in Genève in de maak is het al bestaande verbod op clusterbommen ondergraaft.

Het lijkt een paradox. Sinds vorige week staat de nieuwe regel voor beperking van clustermunitie op de agenda van de Conventie over Inhumane Wapens, zoals mijnen, brandbommen en verblindende laserwapens. Enkele landen, de Verenigde Staten voorop, willen in Genève bereiken dat aan het CCW een hoofdstuk (‘protocol’) wordt toegevoegd, dat grenzen stelt aan het gebruik van clusterbommen. Deze explosieven, waarin zich honderden kleine bommetjes bevinden die zich over tientallen meters kunnen verspreiden, leveren vaak nog jaren na gebruik groot gevaar op, onder meer voor kinderen die de kleine bommetjes soms nietsvermoedend oppakken.

Maar juist de felste tegenstanders van clusterbommen zijn in het geweer gekomen tegen de nu voorgestelde nieuwe afspraak. Ze wijzen erop dat er sinds 2008 al een verdrag bestaat, dat gebruik, ontwikkeling, productie, verwerving, vervoer en opslag van clusterbommen verbiedt. Inmiddels hebben 111 landen, waaronder Nederland, zich bij deze Convention on Cluster Munition aangesloten.

Probleem is alleen dat een aantal belangrijke landen – waaronder de VS, Rusland, China, India, Israël en veel Arabische landen – weigert zich erbij aan te sluiten. Critici zeggen: nú staan landen die het verdrag niet steunen nog te kijk als voorstanders van een onmenselijk wapen. Maar als straks in Genève een veel minder sterke afspraak uit de bus komt, kunnen ze zich daarachter verschuilen en zeggen dat ze toch iets tegen clusterbommen doen zonder dat er in de praktijk veel verandert.

In het ontwerp dat in Genève ter tafel ligt, wordt het gebruik van clusterbommen over twaalf jaar alleen nog toegestaan als ze geproduceerd zijn na 1980 en in minder dan 1 procent van de gevallen falen. Is dat een stap in de goede richting, als landen zich daaraan verbinden die nu geen enkele internationale afspraak over deze wapens accepteren? Of is het juist een stap terug, omdat vrijwel alle clustermunitie die de afgelopen decennia gebruikt is legaal blijft?