Sancties tegen Iran verscherpt

De Verenigde Staten, Canada en Groot-Brittannië hebben gisteren zwaardere sancties tegen Iran afgekondigd om het regime te dwingen omstreden delen van zijn nucleaire programma te beëindigen. De sancties tegen de financiële en energiesectoren volgen op een rapport waarin het Internationaal Atoomenergie Agentschap harde aanwijzingen meldt dat Iran heimelijk een kernwapen ontwikkelt. Iran ontkent dat.

Rusland, dat veel handelsbanden met Iran heeft, noemde de sancties „onaanvaardbaar” en in strijd met het internationaal recht. Iran zelf zei dat de sancties „zonder effect” zullen blijven. „Iedereen weet dat onze handel met Groot-Brittannië en de Verenigde Staten op zijn laagste niveau is”, zei een regeringswoordvoerder.

Groot-Brittannië verbrak alle contacten met Iraanse banken. Washington brandmerkte het Iraanse banksysteem als „centrum voor het witwassen van geld”, een aanduiding die is bedoeld als ernstige waarschuwing aan internationale financiële instituties tegen zakendoen met Iran. Maar de Amerikaanse regering ging niet zover dat ze de Iraanse Centrale Bank op de sanctielijst zette. Dan zou ze volgens de Amerikaanse wet de banden moeten verbreken met bijvoorbeeld Chinese en Japanse banken die zaken blijven doen met Iran. De sancties tegen de energiesector blijven eveneens beperkt, wegens de gevolgen voor de olieprijzen.

Frankrijk drong er bij de Europese Unie op aan de tegoeden van de Iraanse Centrale Bank te bevriezen en de olie-import af te snijden. Wegens de individuele belangen van de lidstaten is het onwaarschijnlijk dat die oproep wordt overgenomen. (Reuters, AFP, AP)