Robot kan alles beetje

Asimo oogt als een verkleinde maanreiziger, met een rugzak en een integraalhelm met getint glas. Hij is 130 cm hoog en weegt 48 kilo. In 2000 verscheen de eerste versie; hij is genoemd naar de schrijver Isaac Asimov, die veel heeft geschreven over robots. Asimo is een demonstratieproject. Uiteindelijk moet de robot op de markt komen, aldus Honda-directeur Takanobu Ito, maar voorlopig gebeurt dat niet. Wel is er al volop vraag: zijn helmpje heeft een hoge schattigheidsfactor.

Wat kan Asimo? Rennen met 9 km per uur. De vorige versie ging slechts 6 km per uur. Hij kan huppen op twee benen en hinkelen. Personen die in de weg lopen, ontwijkt hij tegenwoordig beleefd.

Op het gebied van spraakherkenning heeft Honda naar eigen zeggen iets geweldigs gepresteerd. Asimo kan drie mensen die tegelijkertijd spreken, verstaan en begrijpen. Daarna geeft hij ze een voor een antwoord. Ook gebarentaal beheerst Asimo, dankzij vernieuwde handen.

Die handen zijn een sprong voorwaarts. Het aantal vrijheidsgraden (zeg maar: scharnieren) van de robot is gestegen van 34 naar 57. Asimo kan een schroefdop van een fles verwijderen en vervolgens vloeistof inschenken in een slappe papieren beker. De eerste actie vereist kracht, de tweede finesse.

Een humeurige blogger (japanflix.com) stelt dat gespecialiseerde robots alles beter kunnen dan wat Asimo kan. Maar de prestatie van Honda is dat ze zo’n veelzijdige robot hebben gemaakt. Misschien willen we straks in het huishouden of de zorg liever één machine.

Al dat technologisch machtsvertoon roept wel vragen op. De ene waarnemer vraagt zich af wat er gebeurt als je zo’n hinkelende Asimo een duw naar opzij geeft. Een ander zou de spraakherkenning willen testen. En kan hij opdrachten uitvoeren als: haal eens een biertje? Om dat soort dingen gaat het toch.

Geen weblog weet het en Honda Nederland moet de antwoorden ook schuldig blijven. Dat is een nadeel van pr-video’s: ze spreken wel, maar luisteren niet.

Herbert Blankesteijn

De video is te zien op nrc.nl/bekijks

    • Herbert Blankesteijn