Koude douche voor Spaanse winnaar Rajoy

Nog nooit sinds de dood van Franco in 1975 heeft de conservatieve Volkspartij in Spanje zo’n grote overwinning geboekt als zondag. Premier Mariano Rajoy kan gaan regeren met een ruime absolute meerderheid in de Cortes.

Maar gister werd Rajoy al op een koude douche getrakteerd. Op de financiële markten steeg de rente op Spaanse staatsleningen. In afwachting van de voorspelde zege van de Volkspartij (PP) was de rente vrijdag licht gedaald. De nederlaag van de socialistische partij (PSOE), die nog spectaculairder was dan voorzien, had geen duurzaam effect. Deze paradox geeft te denken. Het is de financiële markten kennelijk al weer lood om oud ijzer wie er in Spanje regeert.

Die reactie wordt deels gevoed door rationele afwegingen. Ook de staatsschuld van Spanje, die naar Europese maatstaven overigens niet al te hoog is en dus beheersbaarder dan die van Italië, kan naar elders overslaan. Vooral Duitse, Franse, Britse en Nederlandse banken lopen gevaar.

Maar het gebrek aan enthousiasme op de markten heeft tevens te maken met de onzekerheid die oppositieleider Rajoy in de campagne heeft laten bestaan. Dat de PP het reeds ingezette bezuinigingsbeleid verder zou opvoeren – en dat daarbij ook de gratis gezondheidszorg, de trots van de PSOE, onder het mes zou komen – was wel bekend. Maar Rajoy bleef vaag over de details van zijn plannen. De overweldigende zege van de PP heeft dus meer te maken met een verlangen naar ‘verandering’ na acht jaar PSOE-bewind dan met een beleidsmatige omslag.

Dat Rajoy minder draagvlak heeft dan de uitslag op het eerste gezicht doet vermoeden, blijkt ook uit de opkomst die gisteren lager was dan normaal. Vooral de PSOE wist niet te mobiliseren. De partij verloor een derde van haar zetels en bijna de helft van haar kiezers. Radicaal links en de Catalaanse nationalisten profiteerden daar vooral van.

Tegelijkertijd heeft Rajoy, die volgens de Spaanse wetgeving pas over een maand formeel kan aantreden als premier, vliegende haast. Hij moet volgend jaar 18 miljard euro aan extra bezuinigingen of belastingen zien te incasseren in een land waar maar liefst eenvijfde van de beroepsbevolking en 40 procent van de jeugd werkloos is.

Veel tijd zullen de financiële markten hem niet gunnen. En veel tijd heeft ook de rest van Europa niet. Het epidemisch karakter van de staatsschuldencrisis bleek vanmorgen niet alleen uit de hogere rente voor Spaanse obligaties, maar ook uit de noodkreet van Hongarije waar de conservatieve regering heeft aangeklopt bij het IMF voor noodhulp.

Verkiezingen en meerderheden zijn niet meer genoeg. Dat is eigenlijk het meest omineuze in de eerste reacties op het succes van Rajoy.