Justitie hoeft pedoclub Martijn niet te vervolgen

Justitie hoeft pedovereniging Martijn niet te vervolgen. Het gerechtshof in Leeuwarden heeft gisteren een klacht afgewezen tegen de eerdere beslissing van het Openbaar Ministerie in Rotterdam om Martijn niet te vervolgen.

De klacht was ingediend door de ouders van een seksueel misbruikt meisje. De dader gaf tegenover politie en justitie aan dat hij via Martijn tips had gekregen hoe hij misbruik kon verdoezelen. De ouders verwijten Martijn onder meer medeplichtigheid en/of uitlokking van zedenmisdrijven. Het hof zegt daar geen wettig en overtuigend bewijs voor te zien.

Bovendien vindt het hof de ouders niet voldoende belanghebbend om hun wens te honoreren alsnog veronderstelde activiteiten van Martijn te vervolgen als plaatsing en verspreiding van kinderporno op (het gesloten deel) van zijn website. De ouders, oordeelt het gerechtshof, zijn niet „rechtstreeks getroffen in een belang dat hun persoonlijk aangaat. Of er strafvervolging moet komen, is ter beoordeling van het OM en de minister van Justitie, die een aanwijzingsbevoegheid heeft”.

Letselschadespecialist Yme Drost, die de ouders vertegenwoordigt, heeft Opstelten schriftelijk verzocht van die bevoegdheid gebruik te maken. Hij wil de zaak ook voorleggen aan de Raad van Europa.

Het Openbaar Ministerie in Rotterdam besloot in juni niet tot vervolging over te gaan. Begin september liet Opstelten weten dat het OM nog wel bekijkt of Martijn civielrechtelijk is aan te pakken. De uitkomst wordt in december verwacht.

In oktober is de voorzitter van Martijn veroordeeld voor het bezit van grote hoeveelheden kinderporno. De rechtbank in Haarlem legde hem drie jaar cel op, waarvan een half jaar voorwaardelijk.