Dikke laag duisternis onder witte zandstranden

In Koorts, de nieuwe thriller van schrijfster Saskia Noort, verruilt hoofdpersoon Dorien het kookeiland voor een Baleareneiland. Op Ibiza gaat ze, samen met haar vriendin Ellen, op zoek naar avontuur. Wat ze nog niet weet is dat er een seriemoordenaar actief is.

Soms ontdek je in een roman een zin die zo goed is dat het een staande uitdrukking zou moeten worden. En soms ook in een boek waarvan je het niet bij voorbaat verwacht, zoals Koorts, de nieuwe thriller van Saskia Noort. We zijn op pagina 15, de 35-jarige ik-figuur Dorien is net bezig haar brave borst Joost de bons te geven uit een nog ongearticuleerd verlangen naar avontuur. Ruzie volgt, en Noort laat haar heldin denken: ‘Ik stond met mijn rug tegen het kookeiland.’

Met mijn rug tegen het kookeiland – in zes woorden wordt een leven vastgelegd. Het kan geen toeval zijn. Het gevoel van opgeslotenheid, de materiële welstand (kookeiland = ruimte = duur huis) en de kortzichtigheid van de klacht. Want een kookeiland is de muur niet, je loopt er in een paar stappen omheen!

Dat is dan ook wat Dorien doet. Ze vertrekt met haar vriendin Ellen (die haar tot opstandigheid had opgestookt), voor twee weken ontspanning op Ibiza. Daarmee voegt Koorts zich in de mal van eerdere Noort- thrillers, waarin bedaagde vrouwen hun veilige leventje opgeven om te ontdekken dat wat heerlijk en avontuurlijk oogt, levensgevaarlijk kan zijn. Zo ook Ibiza, vertelt een zekere Nick aan Dorien: ‘Neem dit feestje. Het oogt als een paradijs. Alles is mooi. De gasten, de baai, het personeel, de muziek […] Maar daaronder… Daaronder ligt een dikke laag duisternis. Drugs. Criminaliteit. Seksuele uitspattingen waar mensen kapot aan gaan.’

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 18 november 2011, pagina 10 - 11. U kunt het hele artikel hier lezen.