Cijfers automutilatie

Eén op de twaalf jongeren tussen de 15 en 19 jaar zegt zichzelf weleens met opzet te hebben beschadigd, 1,5 keer zo veel meisjes als jongens.

Bij 90 procent van deze jongeren verdwijnt het gedrag vanzelf voor ze 20 zijn. Als het niet overgaat, gaat het in 93 procent van de gevallen om meisjes. Dat schreven Britse en Australische onderzoekers in The Lancet na een jarenlange studie onder 2.000 Australische jongeren.

Dat zelfbeschadiging of automutilatie onder jongeren relatief vaak voorkomt, was bekend, maar cijfers ontbraken.De Lancet-auteurs richtten zich op zelfbeschadiging door snijden of branden (bij zowel meisjes als jongens de belangrijkste manier), door gif of een overdosis medicijnen, zichzelf slaan of ergens tegenaan bonken, en bewust, overmatig ‘risicogedrag’.

De Lancet-auteurs ondervroegen als eersten een groep jongeren jaren achtereen om te kijken hoe het gedrag zich ontwikkelt, van gemiddeld hun 15de tot hun 29ste. In die tijd werden ze zeven keer ondervraagd. Driekwart van de jongeren die zelfverminking rapporteerden, meldde het gedrag slechts éénmaal in de onderzoeksperiode. Bij de meeste jongeren verdween het gedrag tegen het eind van de puberteit zonder professionele hulp. De auteurs willen nu onderzoeken of er factoren zijn die voorspellen welke jongeren wel hulp nodig hebben. (NRC)