Tweede revolutie tegen leger op Tahrir

Vanmorgen telde Kairo zeker 20 doden en duizend gewonden. Het Egyptische leger botst weer met betogers. Sommigen spreken van een tweede revolutie. „Het was fout het leger te vertrouwen.”

A protester has his eyes washed with milk to protect against tear gas, during clashes with police in Cairo November 21, 2011. REUTERS/Goran Tomasevic (EGYPT - Tags: POLITICS CIVIL UNREST TPX IMAGES OF THE DAY) REUTERS

Op 28 januari, de dag waarop de betogers de gehate politie van het Tahrirplein verjoegen, verloor de 31-jarige tandarts Ahmed Harara zijn rechteroog. Harara droeg zijn handicap als een ereteken: hij had een metalen oogklepje laten maken met het opschrift 25 januari, naar de eerste dag van de Egyptische revolutie. Gisterochtend werd Harara een symbool van hoe onaf die revolutie is toen hij op datzelfde Tahrirplein ook zijn linkeroog kwijtraakte.

In zijn bed in een privé-oogziekenhuis in de wijk Dokki is Harara niettemin opgetogen. „De geest van het Tahrirplein is weer helemaal terug”, zegt hij. „Zelfs de salafisten zijn nu van de partij. We hebben niet gevochten voor het omverwerpen van Mubaraks regime om een nieuwe dictatuur van het leger te accepteren.”

Zoals Harara zijn er de afgelopen drie dagen zo’n duizend mensen gewond geraakt op en rond het Tahrirplein. Volgens officiële cijfers zijn er ook twintig doden gevallen. Sommigen noemen het straatprotest al een ‘tweede revolutie’, dit keer gericht tegen de legerleiding die op 11 februari de macht overnam van Hosni Mubarak.

Vandaag lijkt het centrum vanKairo een oorlogsgebied. In de Talaat Harbstraat zijn drie mannen, gewapend met machetes en een pistool, in een gevecht verwikkeld. Tweehoog staan kantoorbedienden in hemd en das toe te kijken. De vechtpartij wordt afgebroken wanneer duizenden mensen komen aanrennen vanaf het Tahrirplein, waar de oproerpolitie een nieuw salvo traangas heeft afgevuurd. „Welkom in Egypte”, zegt een voorbijganger.

Het begon vrijdag met een massale betoging tegen de legerleiding waaraan ook de Moslimbroeders, de voornaamste gematigde fundamentalistische partij, en opvallend veel salafisten, radicale moslims, meededen.

Wat de betogers gemeen hebben is de overtuiging dat het leger, dat tijdens de revolutie op handen werd gedragen omdat het had geweigerd op de betogers te schieten, zich nu boven de democratie wil plaatsen.

De ordetroepen lieten de betoging ongemoeid maar grepen in toen een deel van de demonstranten zaterdagochtend weigerde het Tahrirplein te verlaten. Volgens veel activisten begon het geweld toen een dertigtal gewonden van de revolutie hardhandig werd aangepakt door de politie. „Dit waren mensen die tijdens de revolutie een been hadden verloren of een oog zoals ik. En ze werden afgeranseld door dezelfde politiemannen als toen”, zegt Harara.

„Ik ben blij met wat er is gebeurd: eindelijk komen de mensen weer massaal op straat”, zegt de 29-jarige Malek Mustafa Mohamed die in het ziekenhuis in de kamer naast Harara verblijft. Ook Mohamed, blogger en activist, werd in één oog geraakt. Maar de dokters zeggen dat het goed komt. „We moeten nu afmaken waar we in januari mee zijn begonnen”, zegt Mohamed. „Zolang het leger aan de macht blijft, is er van een revolutie geen sprake.”

Volgende week beginnen in Egypte de parlementsverkiezingen. Het leger heeft kwaad bloed gezet met een plan dat die verkiezingen bij voorbaat betekenisloos lijkt te maken. Het leger wil aan de macht blijven tot er presidentsverkiezingen zijn geweest, ten vroegste in 2013. Het wil ook greep houden op het democratisch proces zonder zichzelf bloot te stellen aan democratische controle. „Het was een vergissing om het leger te vertrouwen”, zei de 37-jarige Mohamed Abdel-Fatah, salafist, gisternacht op het Tahrirplein. „We dachten dat de militairen aan de kant van het volk stonden, maar we waren het verleden vergeten: het leger heeft het in Egypte altijd voor het zeggen gehad.”

Hij ontkent niet dat de salafisten een toekomstvisie hebben voor Egypte die tegengesteld is aan die van veel andere betogers. „Maar dat zijn zorgen voor later. Vandaag hebben wij onze religieuze slogans opgeborgen om samen te vechten tegen het onrecht.”

De legerleiding heeft gisteren haar eisen enigszins afgezwakt. Het zegt ook dat het de gebeurtenissen van de afgelopen dagen „betreurt”. Maar in de staatsmedia worden de betogers naar goede gewoonte weggezet als „vijanden van Egypte” die zich laten manipuleren door het buitenland.

Het leger weet zich verzekerd van de steun van de meerderheid van de Egyptenaren, die vrezen dat onder een burgerbewind nog meer instabiliteit ontstaat.

De 25-jarige Mohamed Abdu, uitbater van een elektronicawinkel nabij het Tahrirplein, vertaalt dat gevoel zo: „De doden van het weekeinde mogen wat mij betreft branden in de hel”, zegt hij. „Het zijn werklozen die niets beter te doen hebben. Ik steun diegene die ervoor zorgt dat ik opnieuw zaken kan doen.” De Egyptische economie heeft zwaar te lijden onder de voortdurende onrust.

De betogers zeggen dat ze het Tahrirplein bezet houden tot de legerleiding aftreedt, wat de gevolgen ook zijn. „Misschien zal het leger dit als excuus gebruiken om de verkiezingen uit te stellen”, zegt de gewonde activist Malek Mustafa Mohamed. „Maar wat maakt dat uit? Onder deze omstandigheden stellen die verkiezingen toch niets voor. We moeten eerst van dat leger af.”

Uit de kamer van Ahmed Harara klinkt gelach. „Wij zijn allemaal hiernaartoe gekomen om hem op te beuren, maar het is Ahmed die ons opbeurt”, zegt de 31-jarige Kareem Mustafa, een vriend. Maar Harara’s 60-jarige oom Sami Mohamed Gamal is bedrukt. „We hebben zijn ouders nog niet durven bellen. Zijn carrière als tandarts kan Ahmed wel op zijn buik schrijven. En hoe komt hij nu nog aan een vrouw?”