De blonde Holandés mag weer

Op een belangrijk moment in zijn carrière liep Norel (24) een zware knieblessure op.

Na tien maanden revalidatie speelt het talent weer in de sterke Spaanse competitie.

Het is 12 januari 2011. De Spaanse competitiewedstrijd Vitoria - Joventut Badalona zit in de 24ste minuut. Na een mislukt schot verdraait de Nederlandse basketballer Henk Norel bij het neerkomen zijn knie. De beelden zijn afschuwelijk. De speler van Joventut Badalona schreeuwt het uit van de pijn, iedereen in het stadion hoort zijn gegil. De wedstrijd ligt vijf minuten stil. Met een brancard wordt Norel van het veld gedragen, onder luid applaus van de 8.900 toeschouwers.

Op een belangrijk moment in zijn carrière scheurde het grootste basketbaltalent van Nederland de achterste kruisband van zijn linkerknie af. Norel (24) was in die periode in topvorm en was zeer belangrijk voor zijn team. Hij was stilletjes op weg naar de NBA, de Noord-Amerikaanse basketbalcompetitie. Na een intensieve revalidatie van tien maanden maakte de blonde Holandés vorige week zijn rentree in de Spaanse eredivisie, die gezien wordt als de sterkste competitie na de NBA.

De Spaanse sportpers schrijft volop over zijn terugkeer. Het gaat niet goed met de basketbalclub uit Badalona, een stad van ruim 200.000 inwoners vlakbij Barcelona. De ploeg staat dertiende op de ranglijst, terwijl het team de afgelopen jaren een sterke subtopper was. Met Norel erbij is er weer hoop op betere tijden, volgens de Spaanse media. Dat bleek gisteren. Joventut Badalona won thuis met 73-67 van Santiago de Compostela. Norel speelde vijftien minuten en maakte vier punten.

Hoe zwaar was de afgelopen periode?

„Het was vooral frustrerend als ik me een dag goed voelde, maar de dag erna niet hetzelfde kon doen omdat ik mijn knie te zwaar had belast. Mentaal werd ik daar soms gek van. Maar uiteindelijk kom ik hier sterker uit. Fysiek kom ik nog tekort, ik ben iets minder snel en spring minder hoog. Ik zit op zeventig procent van mijn kunnen. Over twee maanden verwacht ik weer helemaal fit en top te zijn. Het zal nog wel even duren voordat die blessure uit mijn hoofd is.”

Spanje wordt hard geraakt door de economische crisis; de werkloosheid bedraagt 21,6 procent. Wat merk je daarvan bij jouw club?

„Het budget van de club is in vergelijking met twee jaar geleden bijna gehalveerd: van ruim tien miljoen euro naar zo’n vijf tot zes miljoen euro nu. Daardoor worden er mindere spelers gekocht. Sponsors investeren minder, er is geen geld. Van de achttien eredivisieclubs, zijn er maar zo’n zes teams die geen last hebben van de economische crisis. Voorheen waren er vier betaalde competities in Spanje, nu nog maar drie. Ook de salarissen zijn veel minder geworden. Nee, mijn salaris niet. Direct gevolg van de economische crisis is dat mijn club geen lange center heeft kunnen kopen. Goede, lange mannen zijn duur. Daardoor ben ik dit jaar center, terwijl ik voorheen altijd als power forward speelde. Dit jaar ben ik de enige speler boven de 2 meter 7.”

In 2009 werd je gedraft door het Amerikaanse NBA-team Minnesota Timberwolves, dat daardoor jouw transferrechten in handen heeft. Wanneer verwacht je de overstap naar Minnesota te maken?

„Tijdens mijn revalidatie wilden ze heel graag dat ik naar Amerika kwam, om met hun arts te praten. Maar daar was ik geen voorstander van. Je weet hoe Amerikanen zijn: alles wat in Europa gebeurt, vinden ze gek. En dan zouden te veel mensen zich met mijn knie bemoeien. Op dit moment heb ik geen contact. Dat komt ook door de lockout (staking) in de NBA – clubs mogen geen contact met spelers hebben. Hoe mijn toekomst eruitziet is nog onduidelijk. Het kan zijn dat ik volgend seizoen naar Minnesota ga, maar het kan ook het jaar erop zijn; of misschien blijf ik wel in Europa. Aan het einde van dit seizoen loopt mijn contract bij Joventut af, dan moet ik beslissen wat ik ga doen. Het hangt er vanaf hoe het de komende zes maanden loopt. De NBA is nog steeds een grote droom voor me.”

Je woont al sinds 2005 in Spanje, begin je al een Spanjaard te worden?

„Ik ben een halve Spanjaard. Ik spreek Spaans en ik versta ook Catalaans. Ik woon in Badalona, ik voel me hier thuis, het is een hartstikke goed leven. Het weer is mooi, en ik woon dicht bij het strand. En als er geen file staat, ben ik binnen tien minuten in het centrum van Barcelona. Bij Joventut zien ze mij als een Spanjaard. Ik speel hier al vanaf mijn zeventiende, ik ben een kind van de club.”