Nu de Arabische revolutie voorbij is kan de vrouw naar huis

Na de Arabische opstanden doen mannen hun best vrouwen hun hard bevochten rechten af te nemen, zegt vrouwenactivist Hibaaq Osman, hier op bezoek.

De ‘Arabische lente’ zou niet alleen democratie brengen. De opstanden tegen het oude gezag zouden ook de vrouwen bevrijden en hun gelijke rechten brengen. Vrouwen stonden aan het front, zij aan zij met de mannen. Ze hielpen de dictatuur verjagen.

„Maar terwijl de opstand nog aan de gang was, waren in Egypte de extremisten of fundamentalisten of hoe je ze ook wilt noemen al bezig alle rechten die de vrouwen onder president Mubarak hadden veroverd af te nemen”, zegt Hibaaq Osman.

Osman leidt vanuit Kairo het Arabische vrouwenrechtennetwerk Karama. Op uitnodiging van de ontwikkelingsorganisatie Hivos was ze vorige week in Amsterdam.

Ze somt op: het recht voor vrouwen om te scheiden, het recht om te reizen. De tegenstanders van deze hard bevochten rechten zijn heel slim, zegt ze in een vraaggesprek. „Ze weten hoe belangrijk het is gewone mensen aan hun zijde te krijgen. Dus ze brengen deze wetten in verband met Mubaraks vrouw Suzanne; ze gelden nu als ‘Suzannes wetten’ en daarmee zijn ze gedoemd bij het volk. Alles wat met het oude regime wordt geassocieerd is slecht nieuws.”

Wij feministen hebben gefaald, zegt ze. „Wij praten over grote ideeën, maar we vergeten deze ideeën te vertalen in de gewone taal van het volk.”

In Egypte zat geen enkele vrouw in de commissie die in april en mei de interim-grondwet opstelde. Dus iedereen was bijzonder blij met Tunesië, zegt ze, waar alle politieke partijen die aan de verkiezingen voor de grondwetgevende vergadering meededen de helft vrouwen op hun lijst moesten zetten. En Rached Ghannouchi, de leider van de fundamentalistische Ennahda-partij, die de verkiezingen met overmacht won, zei dat vrouwen bikini’s mogen dragen.

Maar juist zo’n uitspraak maakt Osman zenuwachtig: „Dat iemand zegt: kijk mij eens, ik ben zo aardig, vrouwen kunnen bikini’s dragen! Waarom moet hij dat aan de orde stellen? Dat betekent: ik geef jullie dat recht, maar ik kan dat terugnemen. Mijn zorg geldt niet alleen de Moslimbroederschap of de [radicalere, red.] salafisten. Die zijn voorspelbaar; dus let iedereen goed op wat ze doen. Ik maak me zorgen over de gang van zaken van de democratie wanneer de traditionele politieke partijen in Egypte én in Tunesië nalaten om vrouwen als woordvoerders te laten optreden. Er is hier in Egypte geen enkele vrouw die het woord voert voor de traditionele politieke partijen! Gisteren gooiden de vrouwen met stenen, voor zichzelf, voor het land, voor iedereen. En vandaag klinkt het: nee, je bent niet goed genoeg, je gaat naar huis.”

Vrouwen werden naar huis gestuurd na de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog en na de Iraakse oorlog tegen Iran. Hoe wilt u dat voorkomen?

„Het zal niet makkelijk zijn. Maar in Egypte kreeg Huda Badran 3.000 vrouwen bijeen voor haar Egyptische Feministische Federatie, uit alle delen van het land. Dat was uniek. Karama gaat haar steunen. Dat is onze strategie: we steunen diegenen die vrouwen steunen. Met taal die gewone vrouwen begrijpen. Met een lijst begrijpelijke eisen.”

Het leger benoemt viervijfde van de leden van de grondwetgevende commissie in Egypte. Niet rooskleurig voor de vrouwen.

„Maar het goede nieuws is dat het leger zal voorkomen dat de commissie wordt gedomineerd door fundamentalisten. Democratie moet soms worden geleid! De wereld is niet ideaal en de huidige situatie vergt een interventie van het leger. Zo zij het.”

Het quotum van 64 vrouwen in het parlement, onder Mubarak is afgeschaft. Betreurt u dat?

„Die vrouwen waren geen vrouwen. Die werden door de regering benoemd, en daarmee werden ze regeringswoordvoerders. Ze hadden geen achterban, ze volgden strikt de lijn van de regering.”

Het islamitisch familierecht zit ook gelijke rechten voor vrouwen in de weg.

„Ik ken geen godsdienst die samengaat met gelijke rechten voor vrouwen. Ik ben dol op de misvatting in het Westen dat vrouwen alles kunnen bereiken. En het glazen plafond dan? Als ik naar de Europese Unie ga, ontmoet ik alleen mannen. Toen ik opgroeide was godsdienst iets voor thuis. We hadden geen politieke partijen nodig die ons vertelden wat we moesten doen. Toen politieke partijen en politici godsdienst begonnen te exploiteren, werd het ingewikkeld. Kijk maar naar de geschiedenis van de katholieke kerk, en hoe die zich heeft gemengd in ieders rechten! Religie en staat zouden altijd gescheiden moeten zijn.”