'NS met kiel langs bodem'

Lange gezichten vrijdagmiddag bij de private vervoerders in het Haagse perscentrum Nieuwspoort. In de komende vijftien jaar mogen ze alleen inschrijven op stoptreinen in de regio. De twee hoofdprijzen van het Nederlandse spoor, het intercitynetwerk en de hogesnelheidslijn (hsl), blijven bij NS, zo maakte minister van Infrastructuur Melanie Schultz (VVD) bekend. Volgens de minister was het de beste oplossing om een bankroet van de hsl te voorkomen. Als dat was gebeurd, dan had dat de schatkist 2,4 miljard euro gekost.

Door het besluit van de minister is NS tot 2024 verzekerd van de grote tenorenrol op het Nederlands spoor. Maar op het NS-hoofdkantoor in Utrecht, zo zegt NS-directeur Bert Meerstadt in Nieuwspoort, is de vlag heus niet uitgegaan. „Het zijn lange en zware onderhandelingen geweest, waarbij de NS met de kiel langs de bodem is geschuurd. Wij kunnen niet veel meer opbrengen dan dit.”

In 2001 werd afgesproken dat NS 148 miljoen euro per jaar zou betalen voor de hsl. Dat bedrag, zo geeft Meerstadt toe, was veel te hoog. Nu wordt dat bedrag verlaagd naar 101 miljoen euro. Daar staat tegenover dat NS vanaf 2015 meer gaat betalen het ‘hoofdrailnet’. In totaal gaat NS jaarlijks 181 miljoen afdragen. „Dat is heel veel geld”, zegt de NS-directeur. „Dat moet je allemaal maar bij elkaar zien te verdienen.”

Meerstadt roemt de moed van minister Schultz. Terwijl de High Speed Alliance (HSA) – de NS-dochter die de hsl exploiteerde – de rode cijfers in dook, bleef de deur bij het ministerie jarenlang dicht voor NS. Volgens Meerstadt gaat de reiziger er straks op vooruit. Door de opheffing van de hsl als aparte concessie kan NS het snelle spoor combineren met het intercity-netwerk.

Een treinreiziger uit Breda kan straks zijn intercityroute naar Amsterdam afsnijden over het hsl-spoor. Reizigers uit Rotterdam kunnen straks over hsl richting Almere en Groningen. Vooralsnog gaat de reiziger daar niet meer voor betalen. Wel staat vast dat klanten straks geen toeslag van 60 procent, maar slechts 30 procent betalen voor de echte high speed- trein, de Fyra. Al met al toch iets om tevreden over te zijn, zegt Meerstadt. „De beste oplossing voor de reiziger, voor de overheid en voor de continuïteit van NS.”

Over de aanbesteding van de regionale spoorlijnen is Meerstadt minder enthousiast. Het probleem: sommige private stoptreinen gaan rijden op het spoor voor de intercity’s. Volgens Meerstadt kan dat leiden tot complicaties. „Die beslissing is aan de minister. Maar wij vinden dit geen verstandig besluit.”