'Kroes droeg bij aan de ondergang van Fortis'

Heeft de staat te veel betaald voor de Nederlandse onderdelen van Fortis? Bijna 17 miljard euro werd in 2008 op tafel gelegd. „Het was de prijs die je betaalt als je echt iets wilt hebben.”

Voormalig Fortis-topman Jan-Michiel Hessels sprak gisteren duidelijke taal voor de parlementaire enquêtecommissie. Zo verklaarde de bankier, jarenlang ook de hoogste man van winkelconcern Vendex, dat Eurocommissaris Neelie Kroes actief heeft bijgedragen aan de ondergang van Fortis. De bank moest van Brussel na de overname van ABN Amro onder meer dochter HBU verkopen om een dominante positie in de markt te voorkomen. „Die verkoop sloeg een gat in ons kapitaal van ruim 1 miljard euro. Disproportioneel”.

Maar Brussel was natuurlijk niet de aanleiding van de problemen. Tegenover de enquêtecommissie, die het overheidsbeleid tijdens de bankencrisis in 2008 onderzoekt, gaf Hessels, vice-voorzitter bij Fortis, een pijnlijk beeld van het topmanagement van de bank. Die was amper betrokken bij de uiteindelijke redding door de Beneluxlanden begin oktober. „We hadden soms het idee dat we aan de zijlijn stonden”. Hij bevestigde een eerder oordeel van de Ondernemingskamer dat de leiding in de laatste drie maanden heel wat viel te verwijten. Topman Jean-Paul Votron was weg, Herman Verwilst werd volgens Hessels door de markt niet als „de meest sterke man” gezien. „Er was toen onvoldoende leiding en betrokkenheid. Een stuurloos schip? Ach, ik weet niet of harder optreden zin had gehad. Fortis was gewoon de zwakste in de kudde.”

Hessels liet gisteren ook duidelijk weten wat hij van de inzet van de Nederlandse delegatie vond die in twee weekeinden in het najaar van 2008 Fortis moest redden. En uiteindelijk besloot die de bank te nationaliseren. „Ik heb oprecht respect voor het handelen van de overheid. Men heeft op basis van gebrekkige info belangrijke beslissingen genomen.”

Juist de vraag of minister Bos van Financiën niet veel te veel geld heeft betaald voor de Nederlandse onderdelen van Fortis (16,8 miljard euro) kwam gisteren bij de drie verhoren langs. „Volgens mij was het bedrag niet onredelijk hoog. Als regering moet je niet de indruk wekken dat je misbruik maakt van de situatie door te weinig te bieden”, aldus Hessels.

In eerdere verhoren voor de commissie-De Wit kwam geregeld naar voren dat de Nederlandse staat te veel zou hebben betaald voor ABN Amro en de andere Nederlandse Fortis-onderdelen, zoals bijvoorbeeld verzekeraar ASR. Hoogleraar Sweder van Wijnbergen rekende gisteren voor dat heel Fortis – inclusief een grote Belgische bank en verzekeraar – net vóór de redding 15 miljard euro waard was. De Nederlandse delen waren vermoedelijk zo’n 10 miljard waard. „Maar die 16,8 miljard was de prijs die je betaalt als je het echt wilt hebben. Ik vind het onterecht om Bos dit te verwijten. Hij voorkwam hiermee paniek bij een van de grootste banken in Nederland.”

Dick Sluimers, topman van pensioengeldbeheerder APG, was vooral kritisch over het lot van de miljarden die van Den Haag naar Brussel verhuisden. Dat bedrag kwam uiteindelijk grotendeels terecht bij de Franse bank BNP, koper van de Belgische onderdelen van Fortis. De staat moest daarom later nog eens bijspringen om ABN Amro te redden. „Ik heb niet de indruk dat Nederland te weinig heeft betaald”, zei Sluimers. Volgens Hessels was het simpel. Zonder het Nederlandse kapitaal „was BNP nooit in Fortis België gestapt”.