'Kleine Adolf' gaf als spion niks door

De inlichtingendienst vond vier pijpbommen in de garage. Maar de makers werden nooit opgepakt. Ook niet toen ze negen racistische moorden hadden gepleegd.

A picture from Ostthueringer Zeitung newspaper made available to Reuters on November 13, 2001, shows portraits of suspected 'doner murderers', released by Thuringia federal police in 1998 when they were searching for people suspected of putting fake bombs in Jena. Fotos aus Fahndungsaufruf des LKS Thüringen 1998. German investigators have linked an unsolved series of murders of nine foreign-born food vendors and shopowners, nicknamed the "doner murders" to a neo-Nazi terrorist cell, the federal prosecutors' office said on November 11, 2011. Police identified the two men found dead in the caravan as "Uwe B" and "Uwe M" and said they had also arrested a woman identified as "Beate Z" who was described as their "companion". The woman faces charges of murder, attempted murder, arson and belonging to a terrorist organisation and police did not rule out connecting more neo-Nazis to the case. REUTERS/Ostthueringer Zeitung (GERMANY - Tags: CRIME LAW) THIS IMAGE HAS BEEN SUPPLIED BY A THIRD PARTY. IT IS DISTRIBUTED, EXACTLY AS RECEIVED BY REUTERS, AS A SERVICE TO CLIENTS. MANDATORY CREDIT: REUTERS/Ostthueringer Zeitung REUTERS

Op een middag in januari 1998 belt de Duitse inlichtingendienst aan bij de rechtse extremist en NPD-sympathisant Uwe Böhnhardt. Zijn woning en garage in de stad Jena, in de Oost-Duitse deelstaat Thüringen, moeten worden doorzocht. Hij en zijn medebewoners Uwe Mundlos en Beate Zschäpe worden ervan verdacht namaakbombrieven te hebben gestuurd aan het regionale dagblad Thüringer Landeszeitung en aan de politie en het stadsbestuur van Jena.

In de woning wordt niets gevonden. Even later doorzoeken ambtenaren de verderop gelegen garage. Daar vinden ze, aldus Tagesspiegel-journalist Frank Jansen – een reporter die de NPD al jaren volgt – „vier pijpbommen en anderhalve kilo TNT-springstof”.

Als de politie en de veiligheidsdienst daarna de drie verdachten in hun woning willen arresteren, zijn ze verdwenen. Hun moordpartijen en aanslagen op allochtonen beginnen twee jaar na de inval. Nooit heeft de complexe en versplinterde Duitse inlichtingendienst een verband weten te leggen tussen de gevluchte verdachten in Jena, die direct uit beeld zijn geraakt, en de serie van negen racistische moorden die later plaatsvindt.

Tot op het laatst van hun gewelddadige bestaan hebben Böhnhardt, Mundlos en Zschäpe samengewoond. Ze gingen gezamenlijk naar bijeenkomsten van de Kameradschaft Jena en de Thüringer Heimatschutz, vriendenverbanden die nauwe betrekkingen met de NPD hebben. In die Kameradschaften legden ze contact met een zekere Andreas T. die – naar nu blijkt – door de inlichtingendienst als NPD-infiltrant is aangetrokken.

Andreas T. staat wegens zijn ultrarechtse sympathieën bekend als ‘Kleine Adolf’. Toen Böhnhardt en Mundlos hun moorden begingen, zou hij zich verschillende keren in de buurt van het misdrijf hebben opgehouden. Kennelijk verzuimde de spion zijn opdrachtgevers bij de NPD te informeren. Over de rol en het nut van infiltranten in de NPD is inmiddels een fel debat ontbrand.

Dan is er nog de inmiddels gearresteerde Holger G., van wie wordt aangenomen dat hij handlanger van het trio was. Hij zou auto’s en huizen hebben gehuurd en logistieke activiteiten voor zijn rekening hebben genomen.

Böhnhardt, Mundlos en Zschäpe waren in NPD-kringen bekende verschijningen. Mundlos (38) was een ontwikkeld man, zoon van een hoogleraar en begaan met het lot van zijn gehandicapte broer. Volgens weekblad Der Spiegel was hij politiek geïnteresseerd en retorisch begaafd. Hij kon op school uitstekend meekomen en zou al op jeugdige leeftijd extreemrechtse sympathieën hebben ontwikkeld.

Böhnhardt (34) zat anders in elkaar. Hij stond in de tijd dat hij veel bij de Kameradschaften in Thüringen kwam, bekend als een wapengekke zonderling die tot alles in staat was. Op de bijeenkomsten van de Kameradschaften nam hij meestal zijn pistool mee. Hij was „militant en gewelddadig”, aldus Katharina König, die namens de linkse partij Die Linke in het deelstaatparlement van Thüringen zit en onderzoek doet naar rechtse extremisten.

Beate Zschäpe (36) is steeds de enige vrouw in het gezelschap geweest. Omdat de twee Uwes vorige week zelfmoord pleegden, is zij nu kroongetuige. Ze heeft zichzelf aangegeven en zou bereid zijn haar verhaal te vertellen in ruil voor strafvermindering. Er is weinig over haar bekend, behalve haar bijnaam: ‘de nazi-bruid’.

Böhnhardt, Mundlos en Zschäpe en hun mogelijke handlangers worden de Braune Armee Fraktion genoemd, een verwijzing naar de linkse terreurgroep die in de jaren zeventig en tachtig in de Bondsrepubliek verantwoordelijk was voor aanslagen en ontvoeringen, de Rote Armee Fraktion (RAF). Uit de bloedige nalatenschap van Böhnhardt en Mundlos blijkt dat ze zelf een andere naam hadden bedacht: Nationalsozialistischer Untergrund.

De NPD zegt niets met het geweld van het trio te maken te hebben. Michael Andrejewski, NPD-advocaat en afgevaardigde in het deelstaatparlement van Mecklenburg Vorpommern, wijst daarentegen op de omstreden rol van de inlichtingendienst. „Laten we die eens onderzoeken. Hier is wellicht sprake van staatscriminaliteit.”