Het blijft gissen naar de zwarte doos van het financiële stelsel

De wereld zit op een immens hoge berg kredietderivaten. De hoogleraar: „Ze vormen een bedreiging voor de financiële stabiliteit.”

Doe wat, roept de voorzitter van de Europese Commissie. Doe wat, roept de Spaanse premier die plots 7 procent moet betalen om op de openbare kapitaalmarkt te kunnen lenen. Doe wat, roepen bestuurders van de Europese Centrale Bank.

De crisis in Europa is in een fase beland waarin iedereen elkaar aanmoedigt actie te ondernemen. Met steeds meer emotie en overtuiging. Maar wie dan, wanneer en waartegen, daar blijkt iedere gefrustreerde supporter weer zijn geheel eigen interpretatie van te hebben.

Duidelijk is dat het op de financiële markten steeds vaker unheimisch is. Curieuze koersreacties, onverklaarbare prijsverhoudingen, hikjes in het systeem. Op de obligatiemarkt zijn eerst de grillige rentebewegingen, waarna economen en analisten altijd wel een verklaring weten te vinden. De Nederlandse rente die van de een op de andere dag stijgt? Dat komt door de bovengemiddelde private schulden of door de economische krimp in het derde kwartaal. Op het eerste gezicht klinkt het aannemelijk, maar het is niet afdoende. Waarom nu? In hoeverre vluchten beleggers veel fundamenteler uit Europa?

Zelfs gezonde banken en gezonde landen kunnen onder de huidige omstandigheden in financiële nood komen, zo is de vrees. Dat hangt vooral samen met alle niet zichtbare krachten in de diepe oceaan van de financiële markten. Alleen de woeste golven zijn te zien, maar de grote wereldwijde stromingen daaronder onttrekken zich grotendeels aan het oog van de waarnemer.

Sinds 2005 moeten financiële instellingen meer openheid geven over de verzekeringen die zij afsluiten tegen het failliet gaan van een debiteur. Deze credit default swaps werden in de jaren negentig geprezen als een waardevolle innovatie. Met zo’n kredietderivaat kun je makkelijker je risico’s afdekken. Banken die een bedrijf geld lenen kunnen zich tegen een bankroet indekken.

„Maar inmiddels is gebleken dat die derivaten ook een bedreiging zijn van de financiële stabiliteit” zegt Willem Verschoor, hoogleraar aan de Erasmus Universiteit. Hij deed onderzoek naar de invloed van kredietderivaten op het financiële stelsel. Die worden ook gebruikt om te speculeren op koersdalingen of faillissementen van marktpartijen. „De speculatie hiermee is een eigen leven gaan leiden waardoor het nu een destabiliserend effect heeft.”

De omvang van deze handel heeft onvoorstelbare proporties bereikt. Uit de laatste deponeringen bij de Amerikaanse beurscommissie SEC blijkt dat de vijf grootste zakenbanken gezamenlijk wereldwijd 11.469 miljard dollar (8.448 miljard euro) protectie hebben verkocht (zie grafiek). Dat bedrag is vergelijkbaar met vijftienmaal het bruto binnenlands product van Nederland. Of, misschien een ijkpunt dat er meer toe doet, het komt overeen met ruwweg dertig keer de slagkracht van het huidige Europese noodfonds.

Maar de banken hebben net zo goed zelf bescherming gekocht. Zij hebben zelfs nog ‘iets’ meer protectie tegen wanbetalingen gekocht dan verkocht waardoor zij per saldo voor 259 miljard dollar speculeren op faillissementen. Anders gezegd, zij verdienen straks aan wanbetalingen. Goldman Sachs is het somberst. De zakenbank heeft voor 127 miljard euro meer verzekeringen gekocht dan verkocht.

Kredietderivaten hebben twee grote nadelen: het stelt allereerst beleggers in staat zaken te verzekeren die zij zelf niet bezitten. Hierdoor kunnen er krachten loskomen die gebaat zijn bij faillissementen. Je kan een brandverzekering afsluiten op het huis van je buurman. En, ten tweede, tot op de dag van vandaag onttrekken deze exotische financiële producten zich grotendeels aan het internationale toezicht.

Toen Lehman failliet ging was onduidelijk wat de kluwen van financiële posities per saldo betekende. Dat komt omdat transacties met deze kredietderivaten – in tegenstelling tot de handel in gewone aandelen of obligaties – niet centraal geregistreerd worden. Na dit debacle streven internationale beleidsmakers ernaar om dit wel zo te organiseren en deze bilaterale contracten uit de schaduwwereld van de financiële markt te halen. Maar in de VS wordt hier met succes tegen gelobbyd.

„Er is na de kredietcrisis niet veel veranderd door de incestueuze relatie tussen politiek en bedrijfsleven in de VS”, zegt Verschoor. Wellicht vormt dat ook de verklaring waarom de Amerikaanse minister van Financiën Geithner onlangs vrijwillig bij Europees crisisoverleg kwam adviseren. De precieze posities van Amerikaanse zakenbanken zijn onduidelijk. Wat zou een bankroet van Griekenland of een grote Europese bank voor de Amerikanen betekenen?

Volgens directeur Financiële Stabiliteit Aerdt Houben van De Nederlandsche Bank is het als hoeder van het financiële stelsel van groot belang om te weten wat je niet weet. Dit geldt ongetwijfeld voor de wereld van de kredietderivaten. Ze zijn er veel, heel veel. In alle soorten en maten. Het is te hopen dat toezichthouders iets meer weten dan ze zeggen te weten.