Volop documentaires op Ned. 2 tijdens IDFA

Bart Römer, netmanager van Nederland 2, zei het met enige trots in een debat over de toekomst van de Nederlandse documentaire in een zaaltje van IDFA. Vier avonden in de week rond de klok van elf uur is er een nieuwe documentaire te zien, tegenover Pauw & Witteman (VARA).

Het is veilige programmering, want tegenover een kijkcijferkanon maakt het toch niet veel uit wat je doet. Maar we zijn er ook blij mee, met Dokument (NCRV) op maandag, Close Up (AVRO) of Het uur van de wolf (NTR/VPRO) op dinsdag, VPRO’ s Import op woensdag en Holland Doc (HUMAN/ IKON/NTR/VPRO) op donderdag.

Tijdens IDFA is er nog veel meer aandacht voor documentaire, zelfs op primetime. De festivalwinnaar van vorig jaar, Stand van de sterren (HUMAN), trok woensdag maar liefst 400.000 kijkers en Pauw & Witteman ontvangen vier keer achter elkaar een regisseur van een IDFA-documentaire. Voor de VPRO praat Daphne Bunskoek drie keer 40 minuten met één documentairemaker, zoals woensdag de regisseur van de openingsfilm, de Deen Mads Brügger. En alle andere talkshows doen tijdens IDFA ook een duit in het zakje.

Toch valt er best nog wat te mopperen bij al deze luxe, in vergelijking met wat publieke omroepen elders aan documentaire doen. Bijvoorbeeld dat lang niet alle vulling van de afgeschreven zendtijd om elf uur gedefinieerd zou kunnen worden als documentaire kunst. En dat het beleid van de Nederlandse televisie te veel in formats denkt, waarbij het onderwerp belangrijker wordt gevonden dan een creatieve vormgeving. Als over een paar jaar iedereen die documentaires wil zien dat doet op een moment dat hem het beste uitkomt, dan is het jammer als het creatieve kind met het formatbadwater zou zijn weggegooid.

De Nederlandse documentaire in de recente uitzending van Holland Doc was bijvoorbeeld niet zo heel sterk van makelij, maar wel leerzaam en onderhoudend.

Kaffeefahrt ins Krematorium (IKON) van Sergej Kreso volgt een busreisje georganiseerd door een Duitse uitvaartondernemer. De koffie en cake staan klaar in het crematorium van Venlo. Daar krijgen de bejaarde Rijnlanders een rondleiding langs de ovens en een strooiveld in het sprookjesbos, alsmede folders over de voordelen van Nederland. Het is hier niet alleen goedkoper cremeren, maar de familie mag ook de urn zomaar mee naar huis nemen.

Prijsvechter Karl Schumacher uit Essen vertelt nog iets interessants. Zijn vader maakte een eind aan zijn leven – het Duitse woord Freitod klinkt beter. Dat schijnt in families van uitvaartverzorgers significant vaker te gebeuren, omdat men niet schrikt van de dood.

    • Hans Beerekamp