Patiënt én proefkonijn

In Rotterdam is nu ook wetenschapsfraude ontdekt.

Hoogleraar Poldermans verzon data, en gebruikte gegevens van patiënten zonder toestemming te vragen.

De onderzoeksgroep rond hoogleraar perioperatieve cardiovasculaire zorg Don Poldermans aan het Erasmus Medisch Centrum discussieerde eind mei of ze haar bevindingen moest insturen voor een congres. Poldermans is een zeer ervaren, aimabele en succesvolle onderzoeker. Hij wordt omringd door jonge onderzoekers. Die voelen niet voor insturen. De onderzoeksgegevens zouden niet in orde zijn.

Poldermans doet het toch. Later trekt hij de bevindingen in.

Het is een jonge onderzoeker die niet veel later het wetenschappelijk handelen van de hoogleraar in twijfel trekt. Hij benadert een vertrouwenspersoon, die op 6 juni het bestuur van het Erasmus MC inlicht. „Het is een doodenge stap voor zo’n jonge onderzoeker om te zeggen: mijn baas doet iets niet goed”, zegt bestuursvoorzitter Hans Büller van het ziekenhuis.

Het Erasmus MC is een vooraanstaand medisch onderzoeksinstituut. Daarbinnen is Don Poldermans een onderzoeker die volgens het ziekenhuis meer dan vijfhonderd wetenschappelijke publicaties op zijn naam heeft staan. Decaan Huib Pols noemt hem „een harde werker, die ’s avonds om elf uur nog even de resultaten van jonge onderzoekers bekeek”.

De aantijgingen van de jonge onderzoeker zijn zo ernstig dat het ziekenhuis nog diezelfde dag een onderzoek instelt. Op 4 juli stelt een ad-hoccommissie vast dat Poldermans het protocol voor onderzoek met patiënten heeft geschonden en onderzoeksgegevens heeft gefingeerd. Decaan Pols stelt een integriteitscommissie onder leiding van voormalig decaan Paul van der Maas in, met daarin ook externe hoogleraren. Die dag wordt Poldermans op non-actief gesteld. Decaan Pols: „Hij gaf een aantal fouten toe, maar de ernst van de zaak leek nog niet tot hem doorgedrongen. Zijn onderzoek was zijn levenswerk.”

Poldermans deed jarenlang onderzoek naar risicofactoren rond vaatoperaties. Om dat risico nader in te schatten werden ook zogeheten Dobutamine Stress Echo’s verricht. Zo’n echo dient het individuele belang van de patiënt, maar de resultaten kunnen ook worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek – een academisch centrum is ziekenhuis én onderzoeksinstituut. Maar een patiënt moet dan wel schriftelijk verklaren aan een onderzoek te willen meewerken. Büller zegt: „Patiënten zijn geen proefkonijnen.”

Precies dat ging mis, blijkt uit het vorige maand voltooide rapport van de onderzoekscommissie. Voor studie Decrease VI, waarover in de onderzoeksgroep onenigheid ontstond, blijken patiënten geen schriftelijke toestemming te hebben afgegeven. Poldermans zegt via een woordvoerder „ongevraagd een extra steekproef te hebben gedaan op al afgenomen bloed”. Bij het veel oudere Decrease II zegt de commissie niet zeker te weten of schriftelijk om toestemming is gevraagd. In dat onderzoek liet de hoogleraar patiënten juist geen gebruikelijke echo ondergaan, om ze te vergelijken met mensen bij wie dat onderzoek wel werd verricht. Pols: „Het vertrouwen dat een patiënt in zijn arts moet kunnen hebben, is daarmee geschaad.”

Bij Decrease VI blijkt een aantal resultaten bovendien niet te herleiden tot de gegevens in de patiëntendossiers. Poldermans zegt dat het gaat om aantekeningen die hij even heeft genoteerd op de plek waar onderzoeksresultaten horen te staan en die hij nooit heeft willen gebruiken. De commissie concludeert dat de onderzoeksgegevens zijn gefingeerd.

Bij eerdere studies heeft de commissie daarvoor geen aanwijzingen gevonden, wel voor het rommelig omgaan met data. Het Erasmus MC zegt de centrale verzameling van gegevens voortaan „nog beter te faciliteren”.

Volgens de commissie heeft Poldermans zijn gang kunnen gaan, doordat hij als enige hoofdonderzoeker op zijn afdeling zat. Mede door die geïsoleerde positie is hij niet stelselmatig getoetst en gecorrigeerd. Pols zegt „een open onderzoekscultuur verder te willen stimuleren”.