'We wisten al dat Afrika corrupt is'

De openingsfilm van het IDFA, met in de zaal de Nederlandse zakenman die hem wilde verbieden, viel velen tegen. „Lef, maar geen goed verhaal.”

De meest opmerkelijke gast bij de opening van het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA) gisteren, had een baseballpetje op om niet herkend te worden. Willem Tijssen, die in de openingsfilm The Ambassador van de Deen Mads Brügger wordt afgeschilderd als een dubieuze zakenman bij wie je tegen grof geld een Liberiaans consulaat in een Afrikaans land kunt kopen, had aan de IDFA-directie een kaartje gevraagd.

Hij bleef niet voor het openingsfeest na de film in het Tuschinski-theater, maar zijn reactie lag op een A4’tje her en der in de zalen. Gelogen, stelt Tijssen, die in Sierra Leone woont en in Nederland was om te zien of hij vertoning van de film kon verhinderen – of ten minste zijn eigen optreden daarin kon laten wissen. Het IDFA beticht hij ervan met de vertoning „particuliere en zakelijke belangen” te dienen.

Willem Tijssen is maar een van de talrijke zijpaden in het barokke The Ambassador, waarin filmmaker Brügger – een opmerkelijk lange man die zich in Tuschinski het matige applaus graag liet aanleunen – als diplomaat/zakenman poogt een voet tussen de deur te krijgen in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Hoofdonderwerp is het gemak waarmee Brügger de hand kan leggen op ‘bloeddiamanten’ – stenen zonder certificaat die met slaven- en kinderarbeid worden gewonnen in gebieden waar oorlog heerst. Handel daarin is internationaal verboden. De Centraal-Afrikaanse Republiek blijkt een rechteloos, corrupt en gewelddadig land, dat je als eerlijk zakenman beter kunt mijden.

Over de kwaliteiten van The Ambassador werd verschillend gedacht onder de honderden die na de film de opening van het hoogtepunt in het Nederlandse documentaire jaar bleven vieren. „Prachtig, fantastisch”, vond filmmaakster Meral Uslu, zelf bezig met een film over de verdediging van Robert M. „Heel moedig”, zei filmmaakster Aliona van der Horst, „maar onbevredigend, want dat in Afrika veel corruptie is, wist je al.” „Lef, maar geen goed verhaal”, meende filmmaker Paul Cohen.

„Het blijft een grap, die de kijker niet uit zijn veilige positie lokt”, vond Renzo Martens, wiens Enjoy poverty drie jaar geleden als openingsfilm van IDFA menigeen schokte, omdat je de filmmaker Afrikanen zag uitleggen hoe ze meer geld konden verdienen aan foto’s van hongerende kinderen. Ex-Kamerlid Boris Dittrich, werkzaam bij Human Rights Watch, had zich zo geërgerd dat hij meteen naar buiten beende en het feest het feest liet: „Rommelig en stuitend.” Filmmaker Frans Bromet, van wie op dit IDFA Alles van waarde in première gaat, toonde zich daarentegen tevreden: „Wat een leuke mockumentary! Goed bedacht en geschreven allemaal! Wat? Is het echt?”

IDFA 2011 duurt tot 27/11 in zestien Amsterdamse zalen. Inl: idfa.nl