Je kiest niet voor God óf voor liefde

Nooit hielden priester Jan Peijnenburg en Threes van Dijck hun relatie geheim. Nu zegt de hulpbisschop dat het afgelopen moet zijn. „De jacht is geopend.”

Priester Jan Peijnenburg (81) opent de deur van het Eindhovense huurhuis waarin hij al 43 jaar woont met Threes van Dijck (86). „Wees welkom”, zegt hij stralend. En: „Wij zijn gewoon Jan en Threes.” Mag het koffie zijn of thee, vraagt Threes vanuit de keuken. Op de tafel naast de gaskachel in de woonkamer staat een schotel met koekjes.

Al 46 jaar lang vormen Jan en Threes een liefdespaar. Ze hebben nooit een geheim gemaakt van hun relatie en van hun afkeer van het verplichte celibaat. Toen de paus in 1985 Nederland bezocht, leverden ze een bijdrage aan het boek Uit de grond van mijn hart, 56 open brieven aan Johannes Paulus II. Daarin schreven zij dat zij geliefden zijn en dat „geliefden eucharistie vieren in bed”.

Nooit legde het bisdom Den Bosch hun een strobreed in de weg. Tot 28 september dit jaar. Toen ontving Jan een brief. Hij moest voor de kerkelijke rechtbank verschijnen. „Het bisdom bereiken berichten dat u samenwoont met een vrouw en door publicaties voor ontkoppeling van het priesterschap van het celibaat pleit.” De orthodoxe hulpbisschop Mutsaerts – die ook het progressieve bestuur van de San Salvatorparochie in Den Bosch ontsloeg en vond dat een man die stierf na euthanasie niet door de Liemdse pastoor mocht worden begraven – had opdracht gegeven tot onderzoek.

„Ik kom niet”, schreef Jan terug. „Wat denken jullie wel.” Daarop antwoordde het bisdom per brief: „Een clericus die in concubinaat leeft, dient met suspensie gestraft te worden, waaraan, indien het misdrijf na vermaning blijft bestaan, straffen kunnen worden toegevoegd…” Jan zou uit zijn priesterambt worden gezet als hij niet voor 1 december Threes het huis uit zou zetten.

De jacht op samenwonende priesters is geopend, concludeert Jan. Hij spreek over „een razzia” van „klein-inquisiteur Mutsaerts”. Als het bisdom voet bij stuk houdt, stappen Jan en Threes naar de rechter. Althans, vrienden zullen dat namens hen doen – „wij zijn al zo oud”. Een burgerlijk rechter moet maar eens uitpluizen of de kerk mensen verplichtingen kan opleggen die indruisen tegen de mensenrechten, vinden ze.

Op zijn twaalfde ging Jan naar het seminarie. Op zijn 25ste werd hij tot priester gewijd. De eerste jaren na zijn wijding zei hij tegen zichzelf: „Trouwen is geen kunst. Niet trouwen is een kunst.” Maar elke vrije zondagmiddag dat hij ging zwemmen, zag hij overal stelletjes in het gras liggen „naast elkaar, op elkaar”. En hij lag daar maar alleen. Toen ging hij zich theologisch in het celibaat verdiepen.

Het celibaat gaat uit van een valse tegenstelling, was zijn bevinding. „Je kiest niet óf voor God óf voor de liefde. Want God is liefde. Als je van een ander houdt, ben je God aan het beminnen.” Argumenten om voor het celibaat te kiezen, vielen weg.

Toen ontmoette hij Threes. Threes gaf vormingsonderwijs op de meisjesschool waar Jan godsdienstles ging geven. Eigenlijk had ze priester willen worden. Binnen een week waren Jan en Threes verliefd.

Avond na avond keerde Jan laat terug op de pastorie. Tot de pastoor eens zei: „Je hebt een relatie, hè?” Jan en Threes maakten een afspraak met de vrijzinnige bisschop Bekkers (in 1966 overleden). Toen ze tegenover hem stonden, zei die: „Oh nee Jan, jij ook al.” Maar Jan antwoordde dat hij priester wilde blijven, dat hij zijn priesterschap met Threes wilde delen. Bisschop Bekkers vroeg hun te knielen en zegende hen. Threes: „Heel indrukwekkend.” Jan: „Onze auto danste naar huis.” Bekkers had voorspeld dat ze een storm over zich heen zouden krijgen, maar die bleef uit.

Ze beloofden elkaar eeuwige trouw in een kapel in Boxtel. Jan: „Jij was zo mooi, in hemelsblauw.” Threes lacht. „God was onze enige getuige.” Ze gaven elkaar gouden kruisjes en gingen picknicken.

Jarenlang vervulden ze samen het arbeidspastoraat. Ze werkten halve dagen bij Philips aan de lopende band en spraken met de werkgever over het eentonige werk, de lage lonen, het werktempo. Ze gaven lezingen in het land, schreven boeken.

Na hun pensioen bleef alleen het schrijven over. En toen de Rooms-Katholieke kerk in opspraak raakte vanwege misbruik, voelden ze zich getart. Jan: „Zelfs de commissie-Deetman zei dat het niet kon liggen aan het celibaat. Wat een aperte leugen! Een liefdevolle seksuele relatie brengt harmonie in een bestaan. Priesters die het zonder moeten doen, beschadig je en dwing je tot een risicovol leven.”

Ze schreven vijf brochures waarin ze pleitten voor het celibaat als vrijwillige keuze. Die stuurden ze naar gepensioneerde priesters, bisschoppen in Nederland, België, Engeland. Jan: „We willen de kerk van de toekomst ondersteunen. Het zou jammer zijn als de afstand tussen kerk en gemeenschap niet meer te overbruggen is. We weten zelf hoe belangrijk het is als je je in je leven aan Jezus kunt toetsen.” Threes knikt.

Ze beseften dat ze met de brochures „langs het randje liepen”. Maar dat gaf niets. Jan: „Ik heb niets te verliezen. Niemand kan het priesterschap uit mijn ziel halen, of de liefde voor Threes uit mijn hart.” Hij kust Threes liefdevol op haar wang en fluistert iets in haar oor. Threes doet de overgebleven koekjes in een zakje. „Om mee te nemen.”