Gitaarnerd St. Vincent laat orde los

De muziek van de Amerikaanse is gevormd door haar paniekaanvallen.

Zocht ze eerder houvast, nu kiest ze voor ‘emotionelere’ muziek.

Zangeres Annie Clark, alias St. Vincent, treedt morgen op tijdens het literair/muzikale Crossing Border-festival, in Den Haag. Clark is een toepasselijke gast. Want niet alleen de gitaarbeulen van Slayer en Pantera hadden een invloed op haar muziek, ook een auteur als Dylan Thomas heeft bijgedragen: de groepsnaam is afgeleid van het St. Vincent-hospitaal, waar Thomas in 1953 overleed.

De Amerikaanse Clark (1982, Dallas, Texas) maakte als St. Vincent onlangs haar derde cd, het enthousiast ontvangen Strange Mercy. Op Strange Mercy laveert Clarks artrock tussen uitersten: intieme luisterliedjes en door vurige gitaarriffs aangezwengelde rockfragmenten.

De uiterlijk breekbare maar muzikaal vastberaden Clark heeft haar carrière zorgvuldig opgebouwd. Zo speelde ze in 2004 in het hippiegezelschap The Polyphonic Spree en was ze gitarist in de begeleidingsband van Sufjan Stevens, voordat ze in 2007 haar eerste eigen cd opnam, Marry Me. ,,Dat was m’n wens al sinds ik op mijn twaalfde gitaar leerde spelen”, zegt Clark per telefoon vanuit Engeland, waar ze aan een uitverkochte tournee is begonnen.

Op Strange Mercy laat Clark zich voor het eerst horen als gitaarnerd. Haar manier van spelen, bijvoorbeeld in het nummer ‘Surgeon’, doet denken aan die van Robert Fripp (bekend van King Crimson) en zijn ‘Frippertronics’: snelle maar toch beheerste riedels, ook wel aangeduid als ‘math-rock’ (van mathematics).

Voor Clark, die in haar jeugd leed aan paniekaanvallen, is dit soort muziek een manier om angsten te bezweren. „Vandaar dat ik graag werk met hechte structuren. Ik oefen dagenlang mijn ingewikkelde patroontjes op gitaar, die geven me houvast. Ik heb behoefte aan orde, op allerlei gebieden.” Ze lacht. „Mijn huis is om door een ringetje te halen. Maar live laat ik de orde los. Live wil ik chaos. Dat is het mooie aan optreden, daar ontstaat wanorde op je eigen voorwaarden in plaats van dat het onaangekondigd voor je deur staat.”

Bij haar eerste twee cd’s componeerde Clark op een computer in plaats van op gitaar. „Ik wilde dat mijn muziek meer was dan wat mijn handen kunnen. Motorische vaardigheden moesten geen beperking zijn, dus componeerde ik noot voor noot met een computerprogramma.” Inmiddels neemt ze de gitaar als uitgangspunt. Dat leidt tot ‘emotionelere’ muziek, aldus Clark. Maar niet tot een simpeler stijl: een stekelige gitaar vloeit over in golvende zanglijnen, die op hun beurt overstemd worden door woest uithalende drumpartijen.

Clarks stem is niet krachtig, maar dat weerhoudt haar er niet van om op dringende toon, soms in spreekzang, haar woorden mee te delen. Zoals in ‘Cheerleader’, waarin het refrein luidt: ‘I don’t want to be your cheerleader no more’. De ‘cheerleader’ is symbool voor ‘buitenspel’ staan, zegt ze. „Ze hebben geen invloed op het verloop van de wedstrijd. Ze hebben geen inspraak, zijn een non-entiteit.”

Haar eigen muziek is mede bepaald door haar paniekaanvallen. Kan ze in andermans muziek ook zulke achtergronden herkennen? „Zeker, vanochtend nog, toen luisterde ik in de tourbus naar een cd van Sufjan Stevens, The Age Of Adz, met al die nerveuze deuntjes die de melodie bijna overstemmen; typische paniekmuziek. Dat is het goeie van musiceren. Het stelt je in staat om dingen over jezelf en anderen te ontdekken.”

Festival en CD

Strange Mercy van St. Vincent

Ze staat op 18/11 op het literair/muzikale Crossing Border in Den Haag.

    • Hester Carvalho