Dode in het verkeer is steeds vaker een (oudere) fietser

Het aantal verkeersdoden daalt, maar onder de slachtoffers groeit het aandeel fietsers. Dat komt vooral doordat het aantal oudere fietsers stijgt. Vanaf hun zestigste lopen fietsers een relatief groot risico op een ongeval. Bovendien hebben ze meer kans op overlijden of ernstig letsel als gevolg.

Dat blijkt uit onderzoek van de SWOV, de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid. Het jaarlijks aantal doden onder fietsers daalt nog steeds, hetzelfde geldt voor andere verkeersdeelnemers. Maar tussen 2000 en 2010 is het aandeel overleden fietsers gestegen van ongeveer 20 naar 25 procent. Vorig jaar waren onder de 640 verkeersdoden 162 fietsers. Deze maand gebeurden er al ten minste drie zware ongelukken met oudere fietsers. Gisteren overleed in Helmond een 71-jarige man nadat hij was gevallen en vervolgens aangereden door een scooter. Eerder deze maand raakte een 81-jarige vrouw in Utrecht ernstig gewond na een botsing met een andere fietser. In Zwolle overleed een 80-jarige vrouw op de fiets na een aanrijding met een bus.

Het aantal fietsers dat ernstig gewond raakt is gestegen van 7.000 in 2000 tot 11.000 in 2009. Van de ernstig gewonden in het verkeer is de helft fietser. Het aantal ziekenhuisopnamen door fietsongevallen bij ouderen nam tussen 2005 en 2009 met 55 procent toe.

Oorzaak van het relatief grote aantal slachtoffers onder zestigplussers is dat meer ouderen meer kilometers fietsen, al dan niet elektrisch.

Ook hun kwetsbaarheid speelt een rol. Functies als het gezichtsvermogen, de reactiesnelheid en de snelheid van informatieverwerking gaan achteruit. Ook de fysieke kracht en het vermogen om achterom te kijken nemen af.

„Naarmate men ouder is, heeft een val of een botsing ernstiger gevolgen. Loopt men op jonge leeftijd bij een val alleen een schaafwond op, op oudere leeftijd is de kans groot dat men bij een val ook een breuk oploopt”, aldus de SWOV.

Onschuldig fietstochtje kan zeer riskant zijn: pagina 8-9