Boekenkast

Kom ik voor het eerst bij iemand op bezoek en ik krijg de kans, dan inspecteer ik tersluiks de boekenkast. Om er met je handen in je zakken meteen voor te gaan staan, vind ik te brutaal. Zo’n kast is wel een openbaar bezit, net als de wandversiering en het meubilair, maar lange rijen boeken, zorgvuldig op de planken gerangschikt, gunnen je een blik in het hoofd van de eigenaar. Hij verschijnt met zijn naakte geest in de openbaarheid. Dat zal misschien zijn bedoeling zijn, maar ik ben te verlegen om er dan met mijn neus op te gaan staan. Als hij me daartoe uitnodigt, is er nog tijd genoeg. Als er bij mij iemand voor het eerst over de vloer komt en hij begint met zo’n inspectie, denk ik ook: hoepel op.

Dit alles schoot me te binnen toen ik in de Financial Times afgelopen weekeinde een reportage zag over de boekenkasten van zeven in Engeland bekende schrijvers. Op welke manier ze orde in hun boekerij brengen, hoe ze hun eigendommen behandelen, of ze aantekeningen in de marge maken en natuurlijk hun toptien. Zonder een toptien gaat het in deze tijd niet meer. Veel opzienbarends kwam er niet tevoorschijn. De min of meer eigentijdse klassieken, Tolstoj, Dostojevski, Flaubert, Nabokov om er een paar te noemen, blijven het goed doen. Een van de geënquêteerden, James Wood, schrijver van How Fiction Works, gaf een antwoord dat me trof. „Het meest voor mij betekenen de boeken waarvan ik me herinner wanneer en onder welke omstandigheden ik ze las en waarom ze me de vreugde van de ontdekking bezorgden.”

Zo dacht ik opeens aan mijn eigen avonturen. Eerst Sigmund Freuds Vorlesungen zur Einführung in die Psychoanalyse dat ik voor mijn studie moest lezen. Ik kocht een gebruikt exemplaar dat door de vorige eigenaar van kanttekeningen was voorzien. Viespeuk! Bah! Dit klopt niet! Het soort machteloze verontwaardiging dat je nu in overvloed op internet kunt lezen. En toen vond ik in de Oudemanhuispoort een boek dat ik meteen heb gekocht: Professor Freud en het Perverse Gevaar, geschreven door E. van Dieren, verschenen in 1931. Een bezetene die ervan overtuigd was dat met de psychoanalyse een nieuw Sodom en Gomorra was geopend. Ik heb Freud en Van Dieren naast elkaar gezet. Ook een vorm van orde.

De aanblik van een grote volle boekenkast, een boekenwand, straalt geleerdheid uit. Omstreeks 1943 kwam de zwarte handel op gang. Daarmee kon je in een oogwenk rijk worden als je er talent voor had. In dat opzicht minder begenadigde geleerden begonnen hun bibliotheek te verkopen, per meter. De eruditie van een zwarthandelaar kon je met een duimstok vaststellen. Boeken, zei W.L. Brugsma, beschouw ik als een zeer dik soort behang. De latere hoofdredacteur van de Haagse Post had de oorlog intensief meegemaakt. Ik had toen een vriendje wiens vader in de zwarte handel was. Ook die had zich een bibliotheek aangeschaft, en die omstreeks duizend aanwinsten opnieuw geordend, naar grootte. Ook een oplossing.

Eén aspect van de boekenkast blijft hier onbesproken: wat je achter de boeken kunt vinden. Ik heb niets te verstoppen, maar ter wille van de lezers ga ik er niet verder op in.

    • H.J.A. Hofland