Huur ons in, wij zijn uniek

Schrijver Marcel van Roosmalen bezoekt deze week een reclamebureau.

Het kantoor bevindt zich in een schoolbus. „Zelfs op de wc ben ik online.”

Het waarom blijft een raadsel, maar er zijn bedrijven die heel graag willen dat fotograaf Jan-Dirk en ik langskomen. Soms doen we dat.

Vorige week ontvingen we een hyperenthousiaste mail van 7causes, een reclamebureau dat zichzelf naar een uitspraak van Aristoteles had vernoemd.

Een paar citaten:

‘Wij, de dames van reclamebureau 7causes, zijn mediageniek.’

‘Wij zijn een ultiem voorbeeld van mobiel werken.’

‘Ons bureau is gevestigd in een hightech verbouwde Amerikaanse schoolbus.’

‘De bus is voorzien van toilet, keuken, presentatieplek, mobiel internet, losse werkplekken en bibliotheek.’

‘Wij zijn een extreme casus.’

In een moment van zwakte maakten we een afspraak.

De bus – bouwjaar 1996 – stond ergens achter de visafslag bij de haven van Scheveningen. Aan de Strandweg, bewust gekozen vanwege de foto. Jammer dat het mistte, geen zee gezien, wel een gele hijskraan.

Ik dacht dat er een stuk of zeven vrouwen in de bus zouden zitten – mail niet goed gelezen, sorry –, maar het waren er maar twee: Chantal Verweij en Celine Morelisse, allebei eind dertig. De ene droeg een soort paardrijbroek met eronder laarzen met veters en de ander had een zwarte jurk aan. Ze waren blond. Ik haalde ze de hele tijd door elkaar.

Voor de essentie van dit verhaal niet zo erg, ze zeiden hetzelfde.

Het was leuk om een – letterlijk – flexibele werkplek te hebben.

Ze hadden alle twee een man en twee kinderen, maar daar leed het werk niet onder. „Zelfs op de wc ben ik online.”

Ze hadden geen personeel, ze werken met ‘meedenkers’ en freelancers. Ze hadden het wel geprobeerd, maar in de praktijk was het voor personeelsleden lastig met twee bazen op een klein oppervlak. Ze waren bloedfanatiek en zeer professioneel en de bus was van alle gemakken voorzien.

Wat ze eigenlijk wilden zeggen: huur ons in, wij zijn uniek.

En dat ging zo de hele tijd door. Op de tafel in het bibliotheekgedeelte – 36 boeken over communicatie, het boek The ten faces of innovation was volgens de dames een aanrader – stond een schaal mandarijntjes. Toen we er een wilde pakken, werden we tegengehouden.

„Zuur.”

Er werd een bak pepernoten neergezet. Die aten we helemaal leeg. En ondertussen ging de stroom informatie door.

Dat ze alle twee een vrachtwagenrijbewijs hadden, dat de bus accu’s ter grote van een Mini en een draaicirkel van een Boeing had en dat ze – indien nodig, het was goddank nog nooit nodig geweest – enkele dagen zelfvoorzienend waren qua stroom en water.

Nog een Nespresso. En nog een.

„Ja, het is wel uniek”, hoorde ik mezelf zeggen. En Jan-Dirk vroeg of hij aan het stuur mocht zitten.

Ik wist echt geen vragen meer. De essentie had ik wel zo’n beetje te pakken: flexibele reclamevrouwen in een mobiel kantoor, maar het interview ging gewoon door. De een was op een natuurlijke manier bevallen, de ander had ‘een abonnement op keizersneden’. Als er in het huwelijk van de een iets scheef zat, werd de ander ingezet om het te sussen. Per mail, want werk en privé liepen niet in elkaar over. Ze zagen elkaar wel 160 uur per week, maar dat was wat anders.

En ja, ze maakten met de bus van alles mee. Een keer stonden ze op een carpoolplaats in Gouda. Naast een caravan, wat daar niet allemaal in gebeurde....

Fotograaf Jan-Dirk: „Was het een sekscaravan?”

Ja. Met een hele rij mannen ervoor.

Ze waren uitgestapt en hadden op de deur gebonsd, maar eigenlijk heb je op zo’n carpoolplek als mobiel kantoor geen poot om op te staan. Ze hadden de politie gebeld, daar zeiden ze dat carpoolplaatsen bedoeld waren om te carpoolen.

En een keer stonden ze in de zomer in de natuur. Lekker weer, alle ramen open. Was er een landarbeider in een hemd binnengekomen met de vraag of ze misschien een dongel hadden.

Celine of Chantal: „Dongel is een vies woord.”

De een had rustig doorgewerkt, bij de ander gingen alle alarmbellen af. De landarbeider in een hemd deed verder niets, maar voor de zekerheid hadden ze sindsdien overal busjes pepperspray verstopt.

Allemaal zaken die op een gewoon kantoor niet gebeurden.

Scheel van de pepernoten verlieten we de bus.

Voor de foto deden ze alles.

Aan de bus hangen, sturen, streng kijken, lachen, op hun hoofd staan, uit het raam leunen; jammer dat het nog steeds mistte.