Dit is het verkeerde Griekenlandakkoord in de verkeerde tijd

Het lijstje met structurele problemen in Griekenland is niet erg moeilijk om op te stellen. De nieuwe premier Papademos lijkt de juiste man om maatregelen te nemen. Dit lukt alleen als Europa hem niet in de wielen rijdt met allerlei instructies, betoogt Ruard Wallis de Vries.

Hoe nu verder met Griekenland? De noodfondsen zijn opgepompt. Een flink deel van de Griekse schulden wordt kwijtgescholden. De banken moeten buffers creëren.

Wat staat hiertegenover? Een door de ‘trojka’ van Europese Unie, Internationaal Monetair Fonds en Europese Centrale Bank opgelegd bezuinigingsprogramma. Dit vaagt de Griekse middenklasse weg, jaagt jonge Grieken het land uit en hakt in op degenen die het eenvoudigst te pakken zijn. De economie zal verder krimpen. De werkloosheid zal stijgen tot boven de 20 procent. Intussen moet Griekenland leningen terugbetalen.

Zal er iets veranderen met een grote Griekse coalitie? Misschien, maar laten we eindelijk eens kijken naar wat er structureel scheef zit in Griekenland. Structurele hervormingen, gekoppeld aan investeringen zouden niet alleen goed zijn voor Griekenland, maar op termijn voor ons allemaal.

Het recept van de trojka is fundamenteel verkeerd. Salarissen en pensioenen worden afgeroomd, de overheid krimpt, investeringen dalen en er wordt flink geprivatiseerd. Dit brengt louter ellende. De Griekse salarissen en pensioenen zijn al laag. Kan een leraar die duizend euro per maand verdient, bij hetzelfde prijspeil als in Nederland, 30 procent inleveren?

Wat zit in Griekenland fundamenteel scheef?

1De zwartgeldeconomie beslaat ongeveer de helft van wat er aan geld omgaat in het land. Iedereen weet het en iedereen doet eraan mee. Cardiologen verdienen volgens de belastingdienst zo’n 25.000 euro per jaar – yeah right. Een paar honderd Atheners betalen belasting over het zwembad in hun tuin, maar een vogelvlucht met Google Earth over de Atheense buitenwijken doet overal de lichtblauwe vlakjes opflikkeren.

2De Grieks-Orthodoxe kerk is eigenaar van gigantisch veel land, onder meer in hartje Athene. Sinds kort betaalt iedereen een onroerendgoedbelasting. De kerk bleef buiten schot. Priesters zijn in feite door de staat betaalde ambtenaren. De Orthodoxe Kerk is de Griekse staatskerk.

3Het overheidsapparaat is sterk uitgedijd, mede door de slechte gewoonte van de heersende politieke partij om vlak voor de verkiezingen papieren baantjes uit te delen. Zo ontstaat een wildgroei aan diensten en kantoortjes. Het juiste loket is lastig te vinden. Kafka is klein bier in Hellas.

4Tientallen procenten aan Europese subsidies komen nooit aan. Dit gaat om miljarden euro’s. Overal op de eilanden zie je half voltooide renovaties waarbij de EU-vlag staat afgebeeld. Op diverse plaatsen klagen lokale aannemers dat deze werken stilliggen omdat „Athene niet meer betaalt”. Een wirwar aan consultants en minibedrijfjes beheert de subsidies.

5Privatiseren in Griekenland is een heikele zaak. De vakbonden zijn machtig en hebben de afgelopen decennia menig bezuinigingsplan getorpedeerd. Om te privatiseren, zul je eerst de Griekse sociale wetgeving moeten bekijken – een ver doorgevoerde bescherming van werkenden, waaronder een soepel stakings- en bezettingsrecht, gekoppeld aan bedroevend slechte werkloosheidsvoorzieningen. Griekenland kent een lange traditie van gebrekkig opererende staatsbedrijven en een gebrek aan concurrentievermogen. Is privatiseren dan de panacee? Zou het niet geleidelijk moeten gebeuren, als het al iets oplevert?

Waarom maakt Griekenland zelf niet zo’n lijst? Regeringspartij PASOK is toch sociaal-democratisch? Waarom gaat de regering dan niet achter die cardiologen aan?

De woorden ‘links’ en ‘rechts’ zijn in Griekenland van betrekkelijke waarde. In naam is PASOK (Panhelleense Socialistische Beweging) sociaal-democratisch en is de ND (Nieuwe Democratie) rechts-conservatief, maar je moet de partijen zien als familieclans, met elk hun eigen groep volgelingen. De Papandreous zijn er voor de kleine luyden, de Karamanlissen en de Mitsotakissen vechten om de gunsten van het Griekse bedrijfsleven en de kerk. De Grieken blijven de clans trouw zolang deze goed voor hen zorgen.

Het cliëntelisme leeft. De grote partijen charteren al decennialang vliegtuigen die in het buitenland wonende Grieken tijdig het land invliegen om te stemmen bij landelijke verkiezingen. Zo’n ticket kost een habbekrats. Als PASOK je ticket naar Athene betaalt, moet je wel een heel ondankbaar mens zijn als je vervolgens toch ND stemt.

Zo is het lastig bezuinigen. Zolang je je eigen groep niet treft, gaat het nog, maar toen PASOK tien jaar geleden een poging deed het sociale verzekeringsstelsel af te slanken, werd de partij bij de volgende verkiezingen direct afgestraft. Belastingontduiking wordt niet serieus aangepakt. Het systeem zit diepgeworteld.

Een ander probleem is dat de Grieken gewend zijn geraakt aan een buitenlandse beschermheer. Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd tegen de Turken, die in 1821 begon, vochten de Russen, Engelsen en Fransen mee aan de zijde van de Grieken, elk met als doel om de invloed op het jonge en zwakke land te vergroten. Na de Tweede Wereldoorlog wonnen de Amerikanen sterk aan invloed. Tot en met 1974 was Griekenland een door Washington gecontroleerd kolonelsregime, met alle uitwassen van dien.

Toen Griekenland in 1981 EU-lid werd, nam de EU de functie van beschermheer over. Die steun was en is vooral economisch. Brusselse structuurfondsen schiepen banen, maar ook de vanzelfsprekendheid dat de EU uiteindelijk wel met geld over de brug zal komen. Dit is nog altijd merkbaar in de hedendaagse houding van veel Griekse politici.

Als het geld er eenmaal is, wordt het gebrekkig gecontroleerd. Dit mag de EU zich aanrekenen.

Verwacht van Griekenland geen voorstellen tot duurzame hervorming. Een traditie van duurzaam hervormen bestaat niet. Duurzaam hervormen gaat in tegen de heersende cultuur. De buitenlandse grootmacht zal het wel opknappen.

Waarom laten we de Grieken dan niet in hun sop gaar koken? Omdat we hen nodig hebben. We zijn nauw verweven met dit land van 11 miljoen mensen. De afgelopen jaren hebben we goed aan hen verdiend. Het is nog altijd Amstel en Heineken wat de klok slaat in Athene. Toen er in 1992 heibel uitbrak over minister Van den Broek (Buitenlandse Zaken, CDA), die vond dat de Grieken zich niet zo moesten aanstellen over de naam ‘Macedonië’, ontstond prompt een boycot van Nederlandse producten. Deze kostte ons miljoenen guldens per dag.

Of het waar is, zoals de Volkskrant in oktober schreef, dat Nederland 7 miljard euro heeft verdiend aan de Griekse crisis dankzij een lagere rente op onze staatsschuld, is voer voor economen. Het loslaten van Griekenland zal meer pijn doen dan het binnenboord houden ervan. Bij loslaten gaan banken en investeerders het schip in. Een Grieks failliet zet een domino-effect in gang waarvan de schade vele malen groter is dan die van deze crisis.

Ook voor het land zelf is het slecht. Met een sterk gedevalueerde drachme gaat de concurrentiepositie er misschien tijdelijk op vooruit. Aan de structurele zwaktes van het land zal het niets veranderen. Het is gevaarlijk voor het land om door het leven te gaan als paria van Europa. Wordt China de nieuwe beschermheer, vallen de Turken binnen, grijpen militairen de macht? Laat de EU dat toe? Griekenland is nog altijd EU-lid.

Gaan we verder op de bestaande weg of moeten we misschien onze aanpak herzien?

Ik bepleit een herziening van de Europese aanpak voor Griekenland. Het land heeft onze steun nodig. Het bestaande recept werkt niet.

Waarom pakt Europa niet de lijst met structurele problemen van Griekenland erbij? Het soort steun moet veranderen. Als je niets aan de onderliggende oorzaken van de problemen doet, blijf je de komende jaren schulden kwijtschelden. Wat blijft er dan over van Griekenland? Wie moet er betalen voor al dat kwijtschelden? De banken? Duitsland? China? Wij met zijn allen, vrees ik.

Iedereen heeft er belang bij dat Griekenland economisch blijft draaien. Het aandeel van kleine en eenmansbedrijfjes is groter dan waar ook in Europa en is altijd de kracht geweest van de Griekse economie, maar ook zij delven het onderspit. Een taverna-houder moet duizenden euro’s per jaar extra ophoesten aan belastingen en verzekeringen.

De Griek is een individuele duizendpoot bij uitstek. Juist eenmansbedrijfjes zouden moeten worden gestimuleerd. Houd de winkel op de hoek open. Laat de man met het plan actief blijven. Het is ook voor ons belangrijk dat de consumentenmarkt van 11 miljoen mensen niet in elkaar stort.

Voor Griekenland zelf zijn dergelijke investeringen haast van levensbelang. De komende werkloosheidscijfers zullen niet alleen de gemiddelde Griek wanhopig maken. Ze vormen een zorg voor heel Europa, al was het maar omdat de grote uittocht van jonge Grieken is begonnen. Velen trekken naar Duitsland, Zweden of Nederland. Een groeiende groep is op weg naar Australië. Zou het geen zorg van Europa moeten zijn dat jonge Europese academici het continent verlaten?

Dan hebben we het nog niet eens over de mate van sociale onrust in Griekenland. De massale demonstraties vertellen niet alles. De meeste Grieken wachten af. Ze zitten op hun geld. Fatalisme is alomtegenwoordig. Vooral jongeren lijden aan het soort malaise dat hun in de weg zit bij het vormen van, bij voorbeeld, een nieuwe partij die een nieuw geluid zou kunnen laten horen. „Het maakt toch niet uit”, zeggen ze. Wie geeft hun ongelijk. Je land kan je hooguit een baan als serveerster aanbieden, ondanks je masteropleiding.

Zelfmoord is een absoluut taboe in Griekenland. Je doet het simpelweg niet. Het vormt een eeuwige schande voor je familie en jezelf. Toch raken steeds meer suïcidegevallen bekend. Hoe lang zal het duren voordat in Griekenland echt iets misgaat?

De Europese steun aan Griekenland zou moeten zijn gericht op het economisch in leven houden van het land. Tegelijkertijd moet het land van de grond af aan worden hervormd. Laat verdere steun en investeringen afhankelijk zijn van het aanpakken van de echte problemen. Op termijn heeft het land hier veel meer aan. Sterker – op termijn heeft Europa hier veel meer aan. Zo zouden de markten een signaal krijgen dat Europa niet alleen een eurozone is, maar dat er ook politieke wil is om samen uit deze crisis te raken.

Riekt deze aanpak niet naar neokolonialisme?

De nieuwe premier, Papademos, is op een on-Griekse manier aan de macht gekomen. Hij is – zoals hij zelf benadrukt – geen typische politicus, niet iemand die meedraait in het cliëntelistische systeem. Gezien zijn staat van dienst is hij ongetwijfeld kundiger dan wie ook in het benoemen van de te nemen maatregelen. Europa zou hem de kans moeten geven zich hierover uit te spreken, in plaats van vast te houden aan de eis dat er een brief wordt ondertekend waarin dingen staan die de nieuwe coalitie al heeft afgesproken – over neokolonialisme gesproken.

Papademos heeft veel te overwinnen. Het is nog geen goed nieuws dat de samenwerking tussen PASOK en de ND zonder weerga is. De onwennigheid en de onwil zijn af te lezen van de gezichten. ND-leider Antonis Samaras lijkt vooral geobsedeerd door een mogelijk premierschap. Dit demonstreerde hij eerder al als jonge minister van Buitenlandse Zaken tijdens de Macedonische kwestie in 1993. Toen hield hij veel te rigoureus vast aan een veto over de naam voor het nieuwe noordelijke buurland, dat ondertussen door bijna iedereen ‘Macedonië’ wordt genoemd. Zijn positie kostte de toenmalige regering van ND-signatuur de kop.

Samaras is sinds een paar jaar terug uit het niets. Hij lijkt wel ouder, maar niet wijzer geworden.

De verkiezingstijd komt eraan. Dit is de periode waarin traditioneel de grootste cadeaus worden uitgedeeld. De tegenstellingen tussen de partijen worden nog eens extra in de verf gezet. Is dit de beste tijd voor het uitvoeren van het Europese ‘reddingsplan’, door een nieuwbakken grote coalitie van aartsvijanden?

Het zou kunnen dat de grote coalitie werkt, maar dan is het probleem altijd nog dat deze coalitie het verkeerde akkoord op het verkeerde moment ten uitvoer brengt. Doen Europeanen hier iets aan? Of blijven we krampachtig vasthouden aan een deal waarvan we ook wel weten dat hij op termijn niet werkt?

Misschien is het een goed idee om Papademos eens een lijstje te laten maken.

Ruard Wallis de Vries is werkzaam bij de Europese Commissie en is momenteel op sabbatical. Hij heeft jaren in Griekenland gewoond en gewerkt. Hij schrijft dit artikel op persoonlijke titel. De verantwoordelijkheid voor de informatie en de opinies in dit artikel liggen geheel bij de schrijver.