Tegenspraak

U en ik weten niet of de euro het op den duur zal houden. Evenmin weten we of de Europese Unie bestand is tegen nieuwe stormen op de financiële markten of economische crises. Ook Wilders weet het niet, maar hij doet tenminste iets, ogenschijnlijk. Hij kondigt een „onderzoek” aan naar herinvoering van de gulden.

Het is een uit de geschiedenis maar al te bekend fenomeen: waar onzekerheid over de toekomst heerst, angst voor chaos zelfs, daar weet een bepaald type politicus altijd wel uitkomst. Net zo vrolijk had Wilders kunnen zeggen dat hij onbekenden (maar wel zeer gerenommeerden!) onderzoek laat doen naar buitenaards leven. Het voorgenomen onderzoek was pseudonieuws, inhoudsloze propaganda, die niettemin alle nieuwsbulletins beheerste.

Hoe kan het dat de nieuwsberichtgeving vervuild raakt met onzin en demagogie? Omdat alles wat Wilders zegt, nieuws is. Per definitie: de PVV neemt nu eenmaal deel aan de macht. De media verhouden zich in het algemeen ambivalent tot de macht. Journalisten oriënteren zich op de macht, zij volgen de macht in de meest letterlijke zin, maar staan er, zolang zij onafhankelijk zijn (en de ruimte krijgen), ook kritisch tegenover.

Het lijkt me duidelijk wat Wilders beoogt met zijn onderzoek naar herinvoering van de gulden. Hier is een dolkstootlegende in de maak. Het begrip ‘dolkstootlegende’ vindt zijn oorsprong in de republiek van Weimar, toen conservatieve nationalisten het Duitse volk wijsmaakten dat de Eerste Wereldoorlog niet op het slagveld was verloren, maar door binnenlands verraad van links. Met een ‘dolkstoot in de rug’ van het Duitse leger zouden linkse en democratische krachten het land hebben uitgeleverd aan het geallieerde dictaat: de Vrede van Versailles. Als het aan Wilders ligt, wordt de euro ons ‘Versailles’.

Ai, daar bezondig ik me – het is me al eerder op een reprimande komen te staan – aan een verwijzing naar de republiek van Weimar, maar deze keer ben ik in het gezelschap van J.L. Heldring, die op 10 november op deze plaats opmerkte: „Als straks de PVV de grootste partij wordt, wat helemaal niet denkbeeldig is, dan heeft de democratie zichzelf de nek omgedraaid – althans de democratie zoals wij haar tot dusver gekend hebben. Vergelijkingen met het fascisme zijn onhistorisch (en schrikken trouwens toch niet af), maar we moeten niet vergeten dat in de democratische Weimarrepubliek Hitlers partij de grootste was voordat hij, op legale wijze, aan de macht kwam.”

Niet vergeten... Daar komt nog een omstandigheid bij. Hitler had helemaal niet ‘op legale wijze’ aan de macht kúnnen komen zonder een bondgenootschap met conservatieve partijen, zoals de rooms-katholieke Zentrumspartei van Brüning en Von Papen. Hun afkeer van de sociaal-democratie was groter dan hun bezwaren tegen Hitler. Die dachten zij voor hun eigen karretje te kunnen spannen en daarmee onschadelijk te maken – een vergissing die niet alleen Duitsland duur is komen te staan.

Daar is een les uit te trekken. In alle landen van de Europese Unie, met uitzondering van Duitsland, kunnen anti-Europese en anti-immigratiepartijen op een substantieel electoraat rekenen, maar zij kunnen onmogelijk op eigen kracht aan de macht komen. (Zelfs de mediapopulist Berlusconi niet: hij had veel voormalige christen-democraten weten in te lijven, corrupt als die vanouds waren).

De VVD en het CDA zijn een coalitie met Wilders aangegaan omdat hun afkeer van de sociaal-democratie groter was dan hun bezwaren tegen een partij die discriminatie en gevaarlijk nationalisme predikt. Met welk gezag spreekt Rutte in Europa mee over de euro, afhankelijk als hij is van een anti-Europese populist? Ik vermoed: met geen enkel gezag. Persoonlijke machtsposities en partijbelang kregen de voorrang boven het democratische perspectief. Devote ministers van CDA-huize moesten hun geweten bij de ingang inleveren.

Heldring verweet mij vorige week in zijn column dat ik te stellig ben in mijn „fulminaties” tegen Wilders. Zelf noemt hij in één moeite door de ideeën van Wilders gevaarlijk en de PVV een bedreiging voor de democratie. Kan het nog stelliger? Zijn verwijt aan mij slaat dus, met permissie, nergens op.

Ik kan niet ontkennen dat de PVV mij vervult met walging. Het heeft mij weliswaar nooit verbaasd dat ook in Nederland een deel van het electoraat gevoelig is voor ressentiment tegen immigranten, maar ik had het niet voor mogelijk gehouden dat het laag genoeg zou zinken om achter een éénmansfirma aan te lopen. De PVV is een hofhouding. De lakeien in het parlement dienen niet het algemeen belang, maar het belang van één man.

Volgens Heldring is het zinloos en zelfs „contraproductief” dat ik dit soort dingen naar voren breng, want Wilders’ „aanhang bekeer je er niet mee”, maar ik wil helemaal niemand bekeren. Ik heb nooit geprobeerd een mening aan anderen op te dringen of een mening geuit om instemming te werven – wel om tegenspraak te leveren. Als een grote sector van de publieke opinie is geïnfecteerd met wantrouwen in de democratie en in de rechtsstaat, is tegenspraak niet overbodig.