Kijk mij nou eens rijden! Auto'sontketenen revolutie op ledmarkt

Ledverlichting is bezig aan een snelle opmars. Mede dankzij het pionierswerk van Philipsdochter Lumileds. De autoindustrie loopt voorop, daarachter lonkt de huiskamer.

Een streepje licht, meer is niet nodig om een auto iets extra’s te geven. En dat blijkt een succesformule: koplampen met light emitting diodes (leds) waren ooit voorbehouden aan duurdere auto’s. Maar nu rijden ook nieuwe Citroëns, Toyota’s, Kia’s en Volkswagens rond met witte leds op de neus. De avondspits verandert in een fel knipperende modeshow.

Het bedrijf dat veel van deze nieuwe technologie ontwikkelde is de Amerikaanse Philips-dochter Lumileds. In 1996 kwam uit deze fabriek de eerste led-achterlamp (voor een Cadillac), in 2003 leverde Lumileds de eerste ledverlichting voor de koplampen van de Audi R8 sportauto.

Inmiddels is de autosector goed voor ongeveer eenderde van Lumileds’ omzet – exacte cijfers verstrekt Philips, dat de joint venture Lumileds in 2005 helemaal overnam, niet.

Het hoofdkantoor van Lumileds staat in San Jose, in het hartje van Silicon Valley in Californië. Hier werken 700 van de 4.000 werknemers.

De nabijheid van de computerindustrie is niet voor niets: leds zijn in feite lichtgevende chips die op wafels, ronde platen van halfgeleidermateriaal (plakjes silicium), gemaakt worden. De basis is een diode die blauw licht uitstraalt. Dat wordt wit gemaakt met een speciale fosforlaag.

Anno 2011 worden ledlampen vanwege hun energiezuinigheid en lange levensduur al veel gebruikt voor professionele toepassingen, zoals straatverlichting, winkels, hotels en kantoren.

Gewone consumenten hikken tegen de investering aan: een goede ledlamp die een gloeilamp kan vervangen kost al snel 25 euro. Maar die schroom verdwijnt zodra het om auto’s gaat. Dan tellen andere emoties mee. Zo werd de auto, volgens een recent rapport over de lichtmarkt van adviesbureau McKinsey, een van de meest zichtbare voorbeelden van de ledrevolutie.

Autofolders mogen graag benadrukken hoe veilig led is: je bent beter zichtbaar en remlampen reageren sneller – dat scheelt zo zes meter remweg bij een snelheid van 100 kilometer per uur. Maar het succes in de showroom is te danken aan het uiterlijk. Omdat het licht niet meer uit één punt hoeft te komen, kunnen auto-ontwerpers ook de voorkant van de auto een herkenbaar karakter meegeven – als een gezicht met twee felle ogen.

Klemens Brunner, verantwoordelijk voor de autodivisie van Lumileds: „Vroeger had je maar twee varianten met koplampen: rond of vierkant. En als een fabrikant heel veel fantasie had, dan kon je twee rondjes of twee vierkantjes naast of boven elkaar plaatsen.” Met de xeon-lamp – die felle opvolger van de traditionele gloeilamp – werd de koplamp opeens ‘design’.

Brunner: „Je vrouw vertel je dat je die opvallende verlichting voor de veiligheid neemt, maar tegen je buurman zeg je dat jij je een dure optie kunt veroorloven in je BMW 5.” Zijn verhaal wordt bevestigd door een Nederlandse Volkswagendealer. „Het is een veiligheidsoptie, maar 80 procent van mijn klanten koopt het omdat het een statussymbool is.”

Dankzij dat effect van ‘kijk mij nou eens rijden’ druppelde de led-lamp van het dure segment snel door naar goedkopere typen. Nu is ‘dagrijverlichting’ van led een gangbare optie bij allerlei merken, vaak in combinatie met xeon als hoofdverlichting.

Hyundai, Kia, Opel, Citroën en Volkswagen kiezen in hun ontwerpen veelal voor losse ledpuntjes op een rij – een trend die doe-het-zelvers graag kopiëren door een rijtje ledlampen op hun auto te plakken.

Om zich te blijven onderscheiden kiezen de Duitse topmerken voor andere ontwerpen. Zo heeft de nieuwe Mercedes-Benz CLS een koplamp met 71 leds en komt BMW met een driedimensionale versie van zijn dubbele koplamp, de angel eyes.

Nieuwe Audi’s [zie: ‘Audi’s hightech koplamp’] hebben één ledstreep die aan de buitenkant kan verkleuren in een knipperlicht. Het aparte oranje knipperlicht is verdwenen. Ook vervangen leds niet alleen de dagrijverlichting, maar ook de volledige koplamp.

Tegenover de Europese design-drift staat het pragmatisme van de Japanse fabrikanten. Op Lumileds’ parkeerterrein staat een elektrische Nissan Leaf broederlijk naast een Q5, een SUV van Audi. Allebei hebben ze ledverlichting, maar bij de Leaf valt het amper op.

Brunner: „Europa kiest voor design, maar Japanse automakers gebruiken led omdat het lage energieverbruik de actieradius van de elektrische auto’s verhoogt. Bovendien bespaart ledverlichting ruimte. Traditionele koplampen nemen tien centimeter ruimte in beslag. Dankzij ledverlichting beschikken Japanse auto’s over een iets grotere passagiersruimte. En in de kleinere klassen telt elke centimeter.”

In de VS zijn ledlampen wat minder gebruikelijk, zegt Brunner, die geboren is in Oostenrijk en vloeiend Nederlands spreekt dankzij zijn Philipsjaren. „Amerikaanse autodealers hebben genoeg ruimte om een heleboel auto’s te stallen. Waar je in Europese showrooms een auto met opties bestelt en drie maanden moet wachten, rijden Amerikanen meestal meteen in hun nieuwe auto weg.”

De basis van de technologie is de powerled, waar Lumileds tot 2004 als eerste bedrijf serieus mee bezig was. Ook grote producenten als Samsung en LG hebben zich op de ledmarkt gestort, maar zij hebben zich in andere producten gespecialiseerd.

Brunner: „In Nederland bestaat veel angst dat Samsung en LG, net als vroeger met tv, nu ook de ledtak van Philips zullen inhalen. Maar dit is een heel andere tak van sport. In de lichtindustrie gaat het niet om schaalgrootte. Klanten moeten in deze gefragmenteerde markt veel individueler benaderd worden.”

Hij pakt een telefoon die op tafel ligt en wijst naar de kleine led die als flitslamp dient. „Dit vertel ik altijd graag: Samsung, zelf een grote chipfabrikant, gebruikt onze leds voor hun smartphones, omdat ze zelf niet zulk mooi licht kunnen maken.”

Philips Lumileds heeft wel concurrentie in autoverlichting, met name van Osram (nu nog onderdeel van Siemens) en het Japanse Nichia. Volgens Stephen Spivey van onderzoeksbureau Frost & Sullivan zijn dat de enige drie fabrikanten die in staat zijn aan de strenge eisen van de auto-industrie te voldoen. Omdat de leds van Philips weinig warmte en relatief veel licht geven, zijn ze beter geschikt voor auto’s.

Van echte massaproductie in leds is geen sprake. Brunner. „De markt voor flashgeheugen is gestandaardiseerd – er worden maandelijks miljarden chips geproduceerd en per opbod verkocht –, maar led is nog jong. Als we bij wijze van spreken het pand hiernaast ook nog zouden gebruiken zouden we hele wereld van leds kunnen voorzien.”

De productiehal van Lumileds lijkt wel op een gewone chipfabriek, waar personeel in stofvrije pakken de wafels voorzichtig van de ene machine naar de andere vervoert. Een volstrekt afgeschermde omgeving, waar een continue overdruk ervoor zorgt dat de cleanroom daadwerkelijk een schone ruimte blijft.

Brunner: „Er kan nog veel verbeterd worden, ook al zijn we al bijna elf jaar oud.” Dat geldt ook voor het productieproces: terwijl men bij de productie van computerchips wafels van 12 of 18 inch gebruikt, maakt de ledindustrie net de overstap van wafels van 4 inch naar 6 inch.

Lumileds werkt ook nog aan de formule van de onderste laag van de ledchip en de voorspelbaarheid van de kleur licht. Een kleine verstoring bij het verhitten van de wafels zorgt ervoor dat de leds afwijken en onbruikbaar worden. Door slimme aanpassingen blijft de kleur toch constant. „Dat willen onze klanten: een verlichtingsbron die er elke keer precies hetzelfde uitziet.”

Het heldere witte licht van een koplamp kan alleen met de nieuwste generatie ledlampen gerealiseerd worden. Veel goedkopere lampen hebben een blauwe zweem.

Een andere uitdaging is de hoeveelheid licht (lumen) van een ledlamp. Die is nu toereikend om een gloeilamp te vervangen of de koplamp van een auto. „Maar je kunt met led nog geen stadion verlichten. En daar willen we uiteindelijk wel naartoe”, zegt Brunner.

Tot die tijd valt er nog genoeg met leds te pionieren – de innovatie waar Philips zich zo graag op laat voorstaan. Dus al verkocht Philips in het verleden alle fabrieken die losse componenten maakten, waaronder de halfgeleiderdochter NXP, toch besloot het bedrijf om Lumileds in 2005 geheel over te nemen.

Lumileds levert niet alleen leds aan Philips, maar heeft ook concurrenten als klant. „Eigenlijk is er niet zo veel veranderd sinds Philips de boel in 2005 overnam – behalve het logo bij de ingang”, zegt een medewerker. Maar wat wel scheelt is dat Philips veel ervaring in huis heeft met optische technologie (lenzen). Daarnaast heeft Philips Lighting van oudsher nauwe contacten met grote klanten, ook in de auto-industrie.

Het is de bedoeling dat Lumineds intensief samenwerkt met die andere tak van Philips Lighting, Luminaires. Philips lijfde afgelopen jaren enkele fabrikanten van designlampen in, zoals Massive uit België (2006) en het Italiaanse Luceplan (2010). De hoop is dat leddesign ook de huiskamer verovert, net zo snel als dat nu in de autobranche gebeurt.

Philips zal in die algemene lichtmarkt extra concurrentie krijgen van nieuwe ledfabrikanten, met name uit Azië, voorspelt analist Victor Bareno van SNS Securities. Want hoewel de ledmarkt in haar geheel nog niet volwassen is, vertonen de prijzen van chips voor backlighting (schermen van tv’s en smartphones) al hetzelfde cyclische karakter als de reguliere chipmarkt. Daarom zal Philips, denkt Bareno, uiteindelijk Lumileds toch weer willen verkopen.

Marc Hijink