IMF: Chinese banken steeds kwetsbaarder

Het IMF heeft de Chinese banksector doorgelicht. Door de razendsnelle kredietgroei laat de kwaliteit van leningen te wensen over, waarschuwt het fonds.

De Chinese banksector ontwikkelt zich snel tot de achilleshiel van het rode kapitalisme. Niet alleen wordt het Chinese financiële systeem steeds complexer en ondoorzichtiger, de banken worden als gevolg van de intensieve overheidsbemoeienis met de kredietverlening, slechte leningen en het huidige groeimodel steeds kwetsbaarder.

Dat concludeert het Internationaal Monetair Fonds (IMF) na een half jaar durend onderzoek naar de gezondheid, de stabiliteit en het management van de Chinese banken, waaronder alle vijf grote, commerciële staatsbanken en de belangrijkste regionale banken. Het onderzoek omvatte een zogeheten ‘zware stress-test’, die de Chinese banken allemaal moesten ondergaan.

De zeventien belangrijkste banken van het land, die samen meer dan 80 procent van de financiële sector vormen, zijn volgens het IMF bestand tegen geïsoleerde schokken, waaronder een scherpe daling van de onroerendgoedmarkt. Al geruime tijd vrezen investeerders en internationale banken dat de onroerendgoedbel zal barsten.

Volgens de IMF-onderzoekers kunnen de Chinese banken een dergelijke daling van hun bezittingen verwerken als deze niet tegelijkertijd plaatsvindt met andere schokken, zoals een wereldwijde recessie of grote koerswisselingen.

Deze constateringen gaan in het rapport van de IMF-missie in Peking gepaard met de opmerking dat de stresstest gehinderd werd door „zwakheden in de informatievoorziening”. Anders gezegd, er ontbraken ook nogal wat gegevens en niet altijd hadden de IMF-onderzoekers toegang tot de meest vertrouwelijke informatie van de commerciële staatsbanken.

Het IMF-team onder leiding van de Duitser Jonathan Fiechter bevestigt wat de internationale investeerders op de beurzen van Hongkong, New York en Londen al geruime tijd weten: de Chinese banken hebben op bevel van de centrale autoriteiten sinds eind 2008 voor meer dan 1.700 miljard dollar aan leningen en kredieten verstrekt zonder altijd even nauwkeurig naar de onderpanden te kijken.

De economie laten groeien is namelijk een hogere prioriteit dan de vraag of elke lening wel zal worden terugbetaald. De Chinese autoriteiten wilden in 2008/2009 dat voorkomen werd dat het land zou worden meegesleurd in de financiële crisis. Zij gaven de banken de opdracht de geldkranen open te draaien.

„In de komende jaren moeten de Chinese banken rekening houden met een verslechtering van de kwaliteit van de leningen als gevolg van aanhoudend snelle kredietgroei”, waaarschuwt het IMF.

Eerder dit jaar hebben Hongkongse zakenbanken, waaronder Stan- dard Chartered, gewaarschuwd dat zeker 20 procent van deze uitstaande leningen niet terugbetaald zullen worden voor het geval dat de economische groei stageert als gevolg van de problemen in de westerse economieën en als gevolg van een barstende onroerendgoedbel. Volgens Standard Chartered hebben Chinese banken een „preventieve bailout” nodig, willen zij niet bezwijken onder slechte leningen.

Het IMF onderschrijft het risico van de royale Chinese kredietverlening, maar denkt aan de andere kant dat de Chinese banken na de hervormingen van de afgelopen tien jaar, waaronder een sanering van slechte leningen, tegen een stootje kunnen, ook omdat de financiële autoriteiten strengere eisen zijn gaan stellen aan de omvang van de reserves. Daarbij komt dat hoge economische groei de risico’s voor de financiële sector kleiner maakt, aldus het IMF.

Het IMF dringt er bij de Chinese autoriteiten op aan de banksector te hervormen en daarmee toekomstige groei van de binnenlandse sector te bevorderen [zie: ‘Commerciële banken niet gebruiken voor politieke doelen’].

Achtergrond van de aanbevelingen is dat de zeventien grootste banken van het land vooral zaken doen met overheden en met staatsbedrijven. Particuliere ondernemingen, de drie grote it-conglomeraten uitgezonderd, hebben de grootste moeite leningen te krijgen en wenden zich daarom tot de ondergrondse banken.

Over het tempo van de volgens het IMF noodzakelijke hervormingen, doet het fonds geen uitspraak in de wetenschap dat 2012 in het teken staat van een reeks van politieke personeelswisselingen, te beginnen bij het Politbureau, de Staatsraad (‘regering’) en alle financiële commissies.