Doet Leers zijn werk zoals Wilders wil?

De Tweede Kamer behandelt deze week minister Leers’ begroting. Zijn portefeuille, immigratie en asiel, is zeer complex. De drie problemen van Leers op een rij.

Gerd Leers is een minister met veel problemen. Zijn pogingen jonge ‘vreemdelingen’ uit te zetten, zoals de Afghaanse Sahar Hbrahimgel en de Angolees Mauro Manuel, wekken weerstand tegen zijn asielbeleid, schaden zijn imago van menselijk bestuurder en knagen misschien ook wel aan zijn geweten. Zijn vertwijfeling is soms zo zichtbaar dat een mens zich kan afvragen of hij nooit denkt aan stoppen.

Oppositiepartijen verafschuwen zijn immigratieplannen – en vooral de hand van de anti-islamitische gedoogpartner PVV die ze daar in zien. Sommige mensen van zijn eigen CDA delen dat gevoel. Dat bleek kort geleden nog uit de openlijke twisten die CDA-Kamerleden Ad Koppejan en Kathleen Ferrier met hun eigen fractie uitvochten in de zaak-Mauro.

Die worsteling binnen het CDA biedt oppositiepartijen voorlopig de beste gelegenheid om coalitiepartners tegen elkaar uit te spelen. En die kans grijpen ze dan ook gretig.

1Geert Wilders

Groter dan de oppositiepartijen en de CDA-dissidenten is voor Leers het probleem Geert Wilders. Voor de PVV-leider is het immigratiebeleid hét kroonjuweel en is Leers aangesteld als kluisbewaker. Doet de minister zijn werk niet zoals Wilders wil, dan volgt een reprimande. Af en toe wordt daar een politiek dreigement aan toegevoegd.

Toen Leers het waagde sommige vormen van immigratie als verrijking voor de samenleving te zien, stuurde de PVV-leider een corrigerende tweet de ether in: „Leers bezigt CDA-onzinteksten over immigratie. Beetje dom. Maar PVV rekent hard af op nakomen afspraken en resultaten.” Geen enkele belangrijke CDA’er kwam de minister te hulp, en Leers moest zich van VVD-premier Mark Rutte verantwoorden bij Wilders. Er zijn ministers met een prettiger positie.

2Immigratiebeleid

Dan is er het immigratie- en asielbeleid zelf: complex en emotioneel beladen. Tel daarbij op de grote ambities van het kabinet op dit terrein en de onvoorspelbaarheid en onbestuurbaarheid van migratiestromen, en er ontstaat een vrij giftig brouwsel.

Leers probeert al deze krachten te beheersen. Dat doet hij met wisselend succes. Hij nam maatregelen om het terugkeerbeleid voor illegalen te verbeteren. Leges voor verblijfsvergunningen zijn verhoogd. Er zijn wetten in de maak om illegaliteit te beboeten en gezinsmigratie moeilijker te maken.

Om gezinshereniging verder te beperken, reist Leers sinds zijn aantreden door Europa om in andere landen steun te vragen voor het aanpassen van de Europese richtlijn over gezinshereniging. Een strengere richtlijn is voor de PVV belangrijk, want het is via gezinshereniging dat Marokkanen en Turken Nederland binnenkomen.

Naar eigen zeggen krijgt Leers veel waardering voor de Nederlandse voorstellen. Maar concrete resultaten levert het niet op, al is het maar omdat de landen zelf er in eerste instantie niet over gaan. Dat is de verantwoordelijkheid van eurocommisaris Cecilia Malmström.

Deze VVD-CDA-coalitie heeft Malmström nodig om de migratieambities te verwezenlijken, maar dat leidt niet tot een vriendelijke bejegening. Wilders over de eurocommissaris: „Ik weet alleen dat die halve hippie beter nu dan later ontslagen zou moeten worden. Het is echt een vreselijk mens.”

Morgen en donderdag behandelt de Tweede Kamer de begroting van Leers. Om geld gaat het bij immigratie niet vaak, hoewel de Nederlandse staat jaarlijks bijna 800 miljoen aan vreemdelingenbeleid uitgeeft. Debatten over immigratie en asiel hebben altijd dezelfde thema’s. Over hoe goed (of slecht) het lukt om mensen buiten Nederland te houden, of ze weg te sturen als ze er eenmaal zijn. En hoe goed (of slecht) de staat zich houdt aan mensenrechten bij pogingen immigranten te weren.

3Wat is succes?

Nog een probleem voor Leers: wat is de definitie van succes? Waar wordt hij op afgerekend? In het regeerakkoord staat welke maatregelen hij moet nemen. Volgens de regering zelf moeten die leiden tot een „zeer substantiële daling” van de immigratie. Maar gedoger Wilders heeft daar specifiekere ideeën over, zo bleek bij de presentatie van het akkoord: „De inzet van deze politieke samenwerking is een kwart minder asielinstroom, 30 procent minder reguliere instroom – waaronder gezinsmigratie – en als het gaat om de aantallen niet-westerse allochtonen kunnen de nieuwe maatregelen tot maar liefst 50 procent minder instroom leiden.”

Wat is het nou, substantieel of 30 procent? Leers vindt het eerste, Wilders het tweede. Voorlopig is het een overbodige discussie, want de belangrijkste immigratiestromen nemen tot nu toe alleen nog maar toe.

Alsof de druk op Gerd Leers al niet groot genoeg is.