Straffen met de liniaal

Het gezag is weg uit het klaslokaal. In Nieuwegein zeker, waar een adjunct-schooldirecteur gearresteerd werd nadat hij een onhandelbare scholier aan de kraag de klas uittrok.

Het gezag in de klas is al langer tanende. Dat leerde ik reeds in de jaren tachtig. Toen verhuisden mijn ouders van Engeland naar Etten-Leur, in Nederland. Ik herinner mij mijn eerste dag op mijn Nederlandse basisschool. De leraren werden bij de voornamen genoemd, een novum voor mij. In de middag, tijdens knutselles, zag ik een jongen met een houten hamer de juffrouw op de rug slaan. Het enige dat zij deed was liefjes het hamertje van hem afpakken, waarna hij later zijn hamergrapje met gemak herhaalde.

Ik weet nog hoe verrast ik was. Er was geen straf, geen strengheid, geen berisping van haar kant.

Hoe was anders was dat op mijn Britse school, waar we de leraren niet aanspraken met hun voornamen maar achternamen. Dus niet Juf Fieke of meester Peter maar Mrs Cooper en Mister Privat. In Engeland droeg ik een schooluniform. De docenten waren vrij zich te kleden zoals ze wilden, hetgeen de hiërarchie alleen maar bevestigde en dus ook het gezag. En dat was er volop. Er was een orde en gestrengheid die moeilijk uit te leggen is aan een Nederlander die dat niet kent. Er was stilte als de leraar binnenkwam, collectieve berouw als die standjes aan een scholier gaf. Zo moest een jongen die een lerares eens op de rug met zijn hand klopte terwijl ze hem met iets hielp, voor straf naar de directeur toe die weer met de jongen terugkwam en hem voor de andere scholieren op de kop gaf.

Te rigide? Lees dan over mijn ervaring in het nog strengere Pakistan. Als puber zat ik daar op school. Ook daar droegen we schooluniformen. Zodra de leraar binnenkwam of de klas verliet stonden we eerbiedig op. In koor moesten we hen groeten. Wie een fout antwoord gaf, bleef de rest van het lesuur staan. Er waren ook lijfstraffen, zoals met een liniaal op de handpalmen slaan.

Ik had er als westers kind moeite mee en liet dat vaak blijken door nukkig te kijken als ik berispt werd. Op een dag lichtte de lerares de directeur hierover in. Die kwam mij voor de klas een verhaal voorlezen. Het ging over enkele prinsen van een machtig koninkrijk. De prinsen waren voorbeeldige pupillen. Ze bogen hun hoofden als de leraar hen aansprak en ze raakten diens schoenen aan, uit dankbaarheid. Motto: een leraar genoot zelfs meer gezag dan een prins.

Wil ik dat voor de Hollandse klaslokaal? Nee, geen lijfstraffen of onnodige rigiditeit. Maar wel wat gezag terug voor de leraar, graag.

    • Naema Tahir