Scoren maakt niet gelukkig

Zie je wel, moet Klaas-Jan Huntelaar, hebben gedacht, als ik niet in de basis sta, scoort het Nederlands elftal niet. Dat is dit jaar tweemaal gebeurd, afgelopen vrijdag tegen Zwitserland en op 4 juni tegen Brazilië.

Niet alleen daarom hoopt de spits van FC Schalke 04 ondanks zijn gebroken neus morgen tegen Duitsland te worden opgesteld. Hij wil niet dat Robin van Persie hem van zijn positie verdringt en hij is op jacht naar de titel van nationaal topscorer aller tijden. Met zijn zevende plek op die ranglijst, net achter Johan Cruijff, is de 28-jarige Huntelaar al aardig op weg. Nog elf doelpunten en hij verdringt Patrick Kluivert, die er 40 voor Oranje maakte, van de eerste plaats.

Maar de enige echte topscorer van Nederland blijft natuurlijk Beb Bakhuys. Bepalend hiervoor is dan niet het totale aantal doelpunten, maar het gemiddelde per wedstrijd. Bakhuys maakte in 23 wedstrijden 28 doelpunten, een gemiddelde van 1,22. Huntelaar staat op 0,63.

De jury heeft bij deze bepaald dat spelers wel ten minste twintig interlands moeten hebben gespeeld om voor deze titel in aanmerking te kunnen komen. Anders is Piet de Boer (KFC) niet te verslaan. Hij speelde één interland (in 1937) en scoorde daarin driemaal. Dat was tegen Luxemburg; kennelijk vonden de keuzeheren dit tegen deze zwakke tegenstander zo onsportief dat ze hem nooit meer opstelden.

Ook Eddy de Neve (Velocitas) kan met zes uit drie dus niet meedingen. Maar hij heeft wel grotere tegenslagen gekend. Zijn huwelijk liep op de klippen, zijn zoon crashte in de oorlog met een spitfire, zijn broer werd door kannibalen verorberd en zelf overleed hij in een jappenkamp.

Bakhuys trouwens, die dol op geld was maar er niet mee kon omgaan, moest zijn gezin na zijn scheiding door een comité laten onderhouden. De KNVB leverde een bijdrage van 25 gulden per maand uit het ‘Gebroken Benenfonds’. Hoewel al zijn ledematen heel waren; hij leed aan tbc.

De moraal van dit verhaal: goals maken niet gelukkig.

John Kroon

    • John Kroon