Robuuste aanpak Joost doet Kamerkoor goed

Nederlands Kamerkoor / Risto Joost Gehoord: 11/11 Pieterskerk Utrecht. Tournee: 15/11 Alkmaar, 16/11 Amsterdam, 17/11 Enschede, 19/11 Den Haag, 20/11 Naarden ***

Twee jaar geleden maakte hij zijn debuut bij het Nederlands Kamerkoor, en nu al mag de jonge koordirigent Risto Joost zich de nieuwe chef noemen. En terecht, want het Estse multitalent, dat ook carrière maakt als orkestdirigent en countertenor, gaf vrijdagavond in de Utrechtse Pieterskerk overtuigend leiding aan een uitvoering van Rachmaninovs beroemde Vespers (1915).

Joosts directie is van een dwingende, onderhuidse intensiteit, die een verrassende uitwerking had op het koor. Met kleine, afgemeten armgebaren bereikte hij overweldigende klankerupties, die de Russisch-orthodoxe gods-euforie fraai gestalte gaven. Ook de prachtige diepten van de basso profundo (gezongen door Zigmars Grasis) en de sonore orgelpunten werden krachtig gerealiseerd.

Minder goed werkte Joosts robuuste benadering voor de mystieke kant van de Vespers. Met hun bewust beperkt gehouden arsenaal aan archaïserende frasen en harmonieën beogen deze liturgische gezangen de tijdloze, onthechte atmosfeer van het nachtelijk getijdengebed op te roepen. In Joosts gespierde uitvoering kwam deze maar weinig tot haar recht.

Hier wreekte zich niet alleen de uitvoering zelf, maar de hele concertante setting. Een ‘aangeklede’ versie van de Vespers, met gepaste onderbrekingen of een combinatie met beeld of handeling zou Joost hebben ontslagen van de noodzaak de spanning koste wat kost te bewaren. Dit zou geen misplaatste opleuking zijn geweest, maar een blijk van respect waar de Vespers zelf om vragen. Hier ligt nog veel terrein braak voor programmeurs, die zich vaak al te zeer op het repertoire zelf concentreren, met voorbijgaan aan buitenmuzikale noden.