Feilbaar geheugen

Bij de black-out van de Republikeinse presidentskandidaat Rick Perry kreeg ik andere associaties dan mensen van jongere generaties. Perry moest tijdens een debat met rivalen de drie namen opnoemen van ministeries die hij wilde opheffen. Handel, Onderwijs en… Pas een kwartier later wist hij het weer: Energie.

Iedereen was verbaasd dat deze ervaren politicus – hij is sinds 2000 gouverneur van Texas – zo’n fout kon maken, maar ik wilde meteen weten hoe oud hij precies was: 61 jaar. Dat verklaarde veel.

Ik wil best aannemen dat Rick Perry een volstrekt incompetente politicus is, maar het gaat mij te ver zo’n hard oordeel te baseren op haperingen, korte black-outs en verhaspelingen tijdens optredens die onder grote druk moeten plaatsvinden.

Ik heb nog enkele andere filmpjes gezien waarop hij ook min of meer in de fout ging. Hij leek me bij die gelegenheden, net als bij het debat met zijn rivalen, knap nerveus, wat hij wilde maskeren met nogal uitheinig gedrag: veel gelach en drukke gebaren. Volgens mij is hij bang om fouten te maken, omdat hij weet dat zijn geheugen feilbaar is geworden. Voor zijn parate kennis schuift soms een gordijn dat alleen het vereiste feit doorgeeft als het toevallig even opgetild wordt door de wind.

Geen wonder: hij is 61 jaar. Zet vijf mensen van boven de zestig bij elkaar en laat ze praten over de dingen die ze de afgelopen vijf jaar hebben meegemaakt; vraag ze welke concerten, films en boeken ze goed vonden, wie de kunstenaars waren die al dat moois gemaakt hadden. Je krijgt dan het volgende soort gesprek.

„Die laatste film van Woody Allen, kom hoe heet-ie ook weer, vond ik minder dan de vorige.” „Je bedoelt Vicky Barcelona.”

„Nee, Vicky Barcelona is niet de voorlaatste, dat was….”

„Hij heette trouwens niet Vicky Barcelona, er kwam na Vicky nog een tweede naam…kom.”

„Maar hoe heette die laatste film ook weer, zelfs daar kan ik even niet opkomen.”

„April in Paris.” „Nee..eh…Midnight in Paris!” „Ja!”

„Goed, daar zitten die schrijvers van vroeger in. Hemingway, Scott Fitzgerald en…die vrouw, die bekende lesbienne in Parijs…ze wordt gespeeld door…”

„Ik weet wie je bedoelt, maar ik kan je even niet helpen.”

Ad infinitum.

Voer nu hetzelfde soort gesprek met twintigers, dertigers en veertigers. Ik deed het onlangs nog. De namen en begrippen vliegen je om de oren. Veel minder vaak neemt iemand zijn toevlucht tot de bekende toevluchten: „Ik kan het honderd keer zeggen, maar nu…”, „Net wist ik het nog”, „Ik kom er straks wel weer op.” Ook hoeft niemand gegeneerd te vragen: „Waar was ik ook weer gebleven?” Of: „Hoe kwam ik hier eigenlijk op?”

Ja, u merkt het, ik spreek uit ervaring. Ook het Perry-moment vond ik zeer herkenbaar. Je begint aan een rijtje van bijvoorbeeld drie redenen of mogelijkheden, je bent zo stom het cijfer vooraf te noemen en al bij het formuleren van het tweede element denk je: wat was verdomme de derde ook weer? Dan is het al te laat. Er is geen weg terug meer, onder je gaapt het ravijn, boven je hangt de wolk van niet-weten.

In de Verenigde Staten noemen ze dit ‘senior moments’, waarvoor ik het wat wrangere Nederlandse equivalent ‘seniele seconden’ bedacht heb. In de Nederlandse politiek hebben Rutte, Pechtold en – helaas – ook Wilders er nog geen last van, maar die leider van de PvdA, hoe heet-ie, ook een echte zestiger, kom…

    • Frits Abrahams