Laten we Nederland aan China verkopen

Wat moeten we doen om de opkomst van China het hoofd te bieden? Uiteraard moeten we Limburg verkopen, zo stelde kunstenaar TINKEBELL. deze week tijdens haar Pietje Bell lezing die hier terug te lezen en te bekijken valt.

TINKEBELL. hield haar lezing ‘Wat allemaal goed zou zijn voor de wereld’ afgelopen woensdagavond in de Kunsthal in Rotterdam met behulp van een videopresentatie.

Bekijk de presentatie hieronder:

Lees hieronder de volledige tekst van de lezing:

Wat allemaal goed zou zijn voor de wereld

Laten we Nederland maar aan China verkopen. We verdelen de winst en worden allemaal Chinees. Het eten is daar veel lekkerder, er is minder criminaliteit op straat en als je een leuk gebouw met led-verlichting in regenboogkleuren wil neerzetten, heb je geen last van bureaucratische rompslomp. Misschien wel fijn ook zo’n communistisch regime, dan heeft het volk meteen niets meer te zeggen. In de prullenbak: Geert Wilders. En wie dat niet wil, verhuist gewoon naar België.

Een paar maanden geleden verbleef ik voor een project waarin ik de wereld red, een tijdje in Shanghai. Ik ben direct dolverliefd geworden op deze enorme, indrukwekkende stad.
Je ervaart daar een soort energie die moeilijk in woorden te vatten is, maar het voelt alsof alles om je heen de hele tijd in sneltreinvaart evolueert. Dat doet China sowieso heel erg op
dit moment - dat evolueren, dat constante groeien.

De miljoenensteden rijzen uit de grond, nog voordat er mensen wonen of voordat men überhaupt de naam van deze steden kent. Enorme volksverschuivingen van platteland naar deze nieuwe steden zijn een feit: het wordt alleen maar meer, meer, meer en groter, groter en nog groter.

Ondertussen zijn de Chinese overheid en de grote bedrijven daar gestart met een eerste aanzet van wat ik zou noemen: de opkoop en verovering van de wereld.

Een eerste stukje IJsland, Griekenland en Afrika zijn al in Chinees bezit en dan hebben we het hier alleen nog maar over concreet landeigendom. Ik heb dit het laatste jaar zelf mogen
ervaren. Of je nu door de Kalverstraat in Amsterdam wandelt, in de straten van Guinee-Bissau rondneust, of in willekeurige winkels in Peru lukraak welk product dan ook koopt: grote kans dat er met trotse letters MADE IN CHINA op geschreven staat.

Fantastisch, hoe ze dit allemaal kunnen doen. In enorme fabrieken en tegen extreem lage kosten maken ze alles waar de rest van de wereld naar verlangt. Lieve mensen, voor wie het nog niet wist, alles is al Chinees. En het zal niet lang meer duren voor de Chinezen het zelf ook in de gaten hebben en ernaar zullen handelen.

Nu worden nog netjes stukjes land gekocht, maar straks, binnen nu en misschien een jaar of tien, twintig, zullen hele continenten simpelweg worden opgeëist en zal uiteindelijk de hele wereld Chinees eigendom zijn. Vandaar dan ook mijn plan: Nederland gewoon nu al aan China verkopen. We hebben het al niet zo makkelijk in deze tijd, geldtechnisch en zo. Die economische crisis waait echt niet vanzelf over. Aangezien we nu ook nog eens flinke sommen naar Griekenland wegsluizen houd ik m’n hart vast.

Ongetwijfeld, zouden we het vast nog wel een tijdje kunnen uitzitten en kunnen proberen om ons lot uit te stellen. Maar uiteindelijk geldt toch: wat komt dat komt. Laten wij dit alles vóór zijn. Laten we Nederland verkopen nu het nog kan.

Het hoeft geen uitverkoop te worden, natuurlijk. Een beetje handelsgeest hebben we wel, toch? Amsterdam vinden ze fantastisch - dat kunnen we uitbuiten. Nederland als havenstad van Europa, daar hebben ze in China echt wel wat voor over! We verkopen de zaak en delen de winst nog voordat China zich Europa gewoon toe-eigent en er geen vergoeding meer aan te pas komt.

Op dit moment zou je het misschien niet denken, maar op termijn zal het gunstig zijn om een Chinees paspoort te hebben. China is dan namelijk de wereld en de wereld is iets waar we
allemaal graag deel van uitmaken. Economisch is het ook gunstig. Er zijn straks genoeg banen
voor iedereen. Zelfs voor degenen die niet hoog zijn opgeleid, want China voorziet de wereld nu al in alles. Een super vooruitzicht. Zeg nu zelf, wie wil nu niet op zijn cv schrijven dat hij
voor Nike heeft mogen werken?

Een super vooruitzicht, mits we het goed voorbereiden. De vraag is, wat doen we tot het zover is? Als kunstenaar word ik geacht mijn oor te luister te leggen. Ik hoor mensen zich voortdurend opwinden over hoe acuut de economische situatie nu is, over het gedoe van die bezuinigingen en zo. Het is lastig en ongelofelijk vervelend - oneerlijk zelfs - dat we hier allemaal hinder van moeten ondervinden. Dit moet anders kunnen.

De Limburgers. U weet wel, die mensen met dat slecht geknipte haar. Je herkent ze meteen in de trein: van die vrouwen met van die kort geknipte dorpskapsels, soms zelfs in stekeltjes en met de puntjes in rode verf gedipt.

Als we de ellende van de huidige begroting met ons eigen welzijn willen combineren, dan zeg ik: alleen nog maar bezuinigen op Limburg, maar er dan ook goed werk van maken. Alle geldstromen die nog in zuidoostelijke richting vloeien, moeten worden omgeleid. De kilometerheffing en de afschaffing van de hypotheekrenteaftrek kan gewoon lokaal worden doorgevoerd. Het idee straalt in haar eenvoud, al zeg ik het zelf. Prins Carnaval kunnen we missen als kiespijn en als niemand naar een plek wil, dan hoeven we daar toch ook geen wegen te onderhouden?

Tot slot bouwen we een mooie muur om Limburg heen zodat we er niet naar hoeven te kijken. Of dat laten we de Chinezen natuurlijk doen, want daar zijn ze goed in. En oh, koning Wilders kan daar dan leuk de baas spelen en voilà: probleem opgelost en de rest van Nederland hoeft het met geen cent minder te doen! Operatie centralisatie zou ik het willen noemen.

Waarom allemaal problemen en hinder ervaren wanneer we het ook kunnen oplossen binnen een kleinere, minder belangrijke kern van de bevolking?

Zo’n ommuurd Limburg is ook handig voor al onze criminelen. Die stoppen we daar natuurlijk ook in. Niks geen minimale of maximale straffen - ze gaan gewoon naar Limburg en daar zoeken ze het zelf maar uit. Ik denk dat Nederland op deze manier zelfs nog meer waard wordt en dus meer zal opleveren bij de verkoop aan China.

Natuurlijk zijn er weleens uitzonderingen, ik ben de beroerdste niet. Mensen uit Limburg die wel de moeite waard zijn, mensen die een kapper in de Randstad hebben of de zogenaamde ‘halfbloedjes’. Ik denk dat we coulant moeten zijn ten opzichte van deze mensen en ze tenminste de mogelijkheid moeten bieden om naar Duitsland te verhuizen. De taal spreken ze al, dus inburgeren zal geen problemen opleveren.

Demografisch zullen er sowieso wel wat zaken moeten veranderen in ons land, want na de verkoop aan China zal Nederland hoogstwaarschijnlijk het Hong Kong van Europa worden. U hoort het goed, we worden eindelijk een stad. Dit gaat heel eenvoudig. Shanghai met tweeëntwintig miljoen bewoners kan een goed voorbeeld zijn voor hoe we die Nederlandse zestien miljoen moeten ordenen. En Shanghai is fantastisch, zoals ik al zei.

De provincies worden een soort stadsdelen. Utrecht gooien we plat en plakken we vast aan het Groene Hart, om ons grote stadspark uit te breiden, opdat dit voldoende ruimte biedt voor recreatie in de spaarzame vrije uurtjes die ons nog zullen resten. (In China zijn de werktijden iets uitgebreider dan wat wij nu gewend zijn, ook al zo’n economisch voordeel). En natuurlijk ook als contrast ten opzichte van de rest van onze “havenstad”: Nederland zal compleet volgebouwd worden met torenhoge flats vol ledverlichting. Architecten uit de hele wereld zullen staan te popelen om hun steentje bij te mogen dragen aan die fantastische skyline. Central Park in New York is er niets bij en het uitzicht vanuit ‘Green Heart Park’ op de rest van de stad zal adembenemend zijn.

Overigens zijn er wel wat details waar we even met China over moeten onderhandelen. Doodstrafkwesties bijvoorbeeld. Ik persoonlijk ben daar niet zo van. Aan de andere kant, die hele mensenrechtenproblematiek, of eigenlijk het gebrek aan mensenrechten, kan wel weer handig zijn op het moment dat we alle criminelen met de Limburgers in een ommuurde omgeving plaatsen. Met die regels van nu gaat dat er natuurlijk nooit van komen en het is wel belangrijk dat er snel wat schot in de zaak komt.

Iets anders wat misschien enige aanpassing vereist, is de ‘éénkindpolitiek’ in China. Deze wet nemen we natuurlijk graag over. Minder kinderen op de wereld zetten is niet alleen een van de grootste oplossingen voor de milieuproblematiek, we hebben het er ook al een hele tijd over dat Nederland vol is. Minder reproduceren zal de hoeveelheid bewoners in de stad Nederland drastisch doen dalen.

Echter, ik zou daar graag het volgende aan toevoegen. In het kader van een verhoogde kwaliteit van mensen - het zijn er straks minder, dus dan moeten ze gemiddeld kwalitatief wel beter worden - stel ik een verplichte IQ-test voor, voor eenieder die zich wenst voort te planten. Slaag je niet, dan is het jammer. Kinderen baren en ze vervolgens opvoeden is dan niet voor jou weggelegd.

Om zeker te zijn dat er geen ongelukjes gebeuren, stel ik een verplichte sterilisatie voor. Dat schijnt een betrekkelijk kleine ingreep te zijn en dan weten we in ieder geval zeker dat we niet voor vervelende situaties komen te staan.

Om heel snel al iets aan de overbevolking en de milieuproblematiek te doen, stel ik ook voor dat we voor de kortetermijnplanning eenmalig een iets drastischere maatregel toepassen: alle meisjes die in 1995 zijn geboren, worden ook verplicht gesteriliseerd. Niet omdat ze per definitie dom zijn, begrijp mij niet verkeerd, maar als investering in de toekomst van een leefbaarder Nederland. Ik weet zeker dat al deze meisjes dit begrijpen en hun voortplantingsdrang graag ter zijde leggen ten bate van het grotere goed en meer ruimte in onze mooie, nieuwe Chinese stad.

Nu we het toch over het milieu hebben, daar heb ik ook wel ideeën over. U weet natuurlijk allemaal, net als ik, dat de grootste vervuiler de koe is. Het is allemaal een beetje omslachtig want de koe is een vervuiler omdat wij hebben bedacht dat we er veel van nodig hebben en omdat we ze sojabonen te eten geven, wat helemaal niet zo goed voor ze is en waar ze zo veel scheten van moeten laten dat de CO²-uitstoot van koeien 6 procent hoger is dan die van alle auto’s bij elkaar. Met andere woorden, die koeien zijn zo vervuilend omdat wij er iets verkeerds mee doen.

Wat ik dus denk, is dat wanneer niet een fabriek, maar wijzelf ons vlees verzorgen, het er een stuk gezonder aan toe gaat. Mensen willen voor zichzelf toch altijd het beste en de hoogste kwaliteit. Op het moment dat een beest ergens in een fabriek wordt verzorgd en later in stukken wordt gehakt - en wij dat dus met zijn allen niet kunnen zien of controleren - dan is die lap vlees bij de Lidl gewoon een lap vlees.

Ik stel voor om de hele zaak eens drastisch te veranderen, door een verbod op de verkoop van dode beesten of delen daarvan in te stellen. Voortaan koop je gewoon je kippen of je complete koe levend en wel. Eventueel collectief met de buren want het blijven grote beesten. Dat is allereerst goed voor het dier, want we krijgen een band met het beest. Dan wil je toch dat een varken een beetje vrolijk kan rondbaggeren en dat je koe iets te eten heeft wat echt gezond voor hem is en dus niet die sojabonen uit Brazilië. Maar het is ook goed voor de kwaliteit van het vlees. Een blije kip is een lekkere kip. Ik denk dus ook dat al die huisvrouwtjes, die nu trots roepen dat ze echt bijna alleen maar biogehakt eten, het allemaal zo eng en griezelig vinden dat ze spontaan flexitariër worden en alleennog maar een stukje vlees naar binnen werken wanneer ze op bezoek zijn bij de islamitische buren. Die durven wel zelf hun lammetje te slachten.

Het houden van je eigen vee zal al veel goeds doen, maar om de voedselkwestie en de gevolgen voor het milieu nog een extra positieve boost te geven, stel ik hiernaast ook een verbod op het stimuleren van dieren eten voor. Dus geen “kip het meest veelzijdige stukje vlees”-reclames meer, maar ook geen gratis Unox erwten-met-dode-beestensoep op het station bij vertraging van de treinen.

Oh, en ik pleit ervoor om restaurants verplicht te stellen om minimaal 50 procent aan vegetarische gerechten op hun menukaart te zetten. Voorverpakt voedsel dient te allen tijde te zijn voorzien van een boekwerk aan informatie over de herkomst van ingrediënten en bij de groenteafdeling zie ik graag informatieborden waarop vermeld staat welke bestrijdingsmiddelen zijn gebruikt en hoe ver de banaan heeft moeten reizen. Buiten het seizoen eten we natuurlijk geen aardbeien meer.

Op school leren kinderen weer koken zonder pakjes Conimex en Honigpoeder en uiteraard is het slachtexamen een must om te mogen slagen. Specifiek religieus onderwijs schaffen we af, maar in plaats daarvan wordt op elke school ‘geëduceerd’ over alle godsdiensten.

Ieder kind kan dan zelf zijn of haar conclusies trekken, keuzes maken en begrip opbrengen voor elk feest dat gevierd dient te worden, voor elk kledingstuk dat men wil dragen en voor elk boek dat men als heilig wenst te beschouwen.

Net als in China, beginnen we de dag met ochtendgymnastiek in het park. Om de dag af te sluiten, dansen we met zijn allen een Weense wals in de open lucht omdat dat goed is voor de gezondheid en je geest en bovendien een constant gevoel van gelukzaligheid geeft.

Over die ochtenden en avonden gesproken: ik ben een pragmatisch mens en ik houd van efficiëntie. De scholen zullen vroeg beginnen - ik stel voor zo rond een uur of zeven -en de lessen duren tot tegen de avond. Door de kooklessen kunnen kinderen zelf hun eigen potje koken en door het binnen de muren van het schoolgebouw te houden, wordt het meteen een stuk rustiger op straat. Geen gillende kinderen meer die om drie uur voetballen op de stoep terwijl jij probeert te werken. Geen bus vol studenten tijdens het vervoer van hardwerkende mensen, die hun zitplaats echt hard nodig hebben zonder dat studentengejengel om zich heen.

De enige vervelende obstakels op openbare plekken vormen dan nog de bejaarden.

Voor hen stel ik een straatverbod voor tussen acht en acht. Deze mensen hebben meestal toch niks te doen en de supermarkten zijn tegenwoordig tot laat open, dus anderen tot last zijn met rollators of traag gewandel op de stoep is nergens voor nodig.

Om deze groep dan weer een beetje tegemoet te komen, stel ik daartegenover dat iedereen, laten we zeggen boven de achttien, een bejaarde gaat adopteren. Één keer per week op bezoek, een vers soepje koken en een beetje aandacht geven. Het mag best je eigen oma zijn, maar als die niet leuk genoeg is en de buurman nu eenmaal veel aardiger is, is dat geen enkel probleem. Het zal bejaarde mensen ook motiveren zich wat socialer op te stellen, want wie niet leuk genoeg is, kookt zijn eigen soep.

Tot slot een ideetje voor buiten onze Hollandse grenzen.

Wij Nederlanders zijn goed in het bouwen van dijken, het beïnvloeden van waar wel en geen water mag stromen. Naar het schijnt zijn we ook goede baggeraars en rotzooiopruimers, die ingezet worden wanneer ergens ineens heel veel olie de zee instroomt. Allemaal kwaliteiten waarvan ik denk dat we ze meer zouden moeten uitbuiten.

Er schijnt in de Stille Oceaan een eiland van plastic restmateriaal te bestaan dat in totaal groter is dan Noord-Amerika en dit is best heel erg groot. Omdat dat eiland ronddrijft en iedereen alleen maar de problematische kanten van dit eiland ziet, weigert tot op heden elk land in wiens wateren deze massa ligt te dobberen het tot eigendom te claimen. Ik persoonlijk zie wel interessante mogelijkheden en daarom denk ik dat wij dat dan maar moeten doen. Onder het mom van “gevonden voorwerpen” zetten wij onze Nederlandse, of straks Chinese, vlag op die berg rotzooi en gaan we onze talenten inzetten om er wat leuks van te bouwen.

Wat we bijvoorbeeld kunnen doen, is die hele berg wat dichter bij elkaar brengen. Alles op een grote hoop, in plaats van die enorme spreiding net onder de zeespiegel. We storten er een hele grote hoop beton bij met hier en daar een paal heel diep in de bodem van de oceaan en we bouwen voor onszelf een nieuw stukje land aan de andere kant van de wereld. Handig om een beetje verspreid over de aardbol wat stukjes land te bezitten en het project wordt natuurlijk zo bijzonder dat het veel toeristen zal trekken. We kunnen er een soort ‘Mega Efteling in the Pacific’ van maken, uiteraard helemaal van plastic - om een beetje in het thema te blijven. Mooi dat Disney World op kan stappen, want wie kan op tegen de dansende schoentjes in een sprookjesbos op een zelfgebouwd eiland dat ook nog eens de vervuiling van de oceanen heeft opgelost?

Bovenstaande is zomaar een korte opsomming van wat mogelijkheden die ik onlangs bedacht en die ik graag zou aandragen aan de Nederlandse politiek omdat ik denk dat het allemaal wel wat creatiever mag. Alstublieft meneer Rutte, doe er iets wijs mee. We worden er allemaal beter van.

Beste mensen. Ik roep ook maar wat. Lariekoek waarschijnlijk. Kroegpraat, niets meer. En hoewel het me allemaal echt wel wat lijkt, is het puur gebaseerd op losse flarden informatie die ik de afgelopen tijd zo her en der heb opgevangen. Informatie, het moet gezegd, gecombineerd met een moeilijk te onderdrukken en al te menselijk onderbuikgevoel. Of, zoals u het ook zou kunnen noemen, populistisch geouwehoer.

Het zou allemaal zo in een willekeurig politiek programma kunnen worden bijgeschreven, aangezien deze ook steeds meer voor een groot deel gevuld zijn met idiote plannen gebaseerd op non-kennis en goedkoop sentiment.

O ja, er zitten natuurlijk diverse verwijzingen in naar serieuze zaken die spelen in de wereld waarin wij vertoeven. Ik durf zelfs te beweren dat menig politicus nog iets kan opsteken voor wat betreft het creatieve gehalte van mijn ideeën over hoe het allemaal beter zou kunnen in de wereld.

Beste mensen. Van economie heb ik zo weinig kaas gegeten dat ik een postmeisje in dienst heb. Al jaren weiger ik stelselmatig mijn post te openen en rekeningen te betalen, simpelweg omdat ik er zenuwachtig en doodongelukkig van word.

Sinds een aantal jaren maakt mijn postmeisje één dag per maand mijn enveloppen open, om een overzicht te maken van de hoognodige zaken. Ook deze hoognodige zaken weiger ik in te zien: ik sluis haar naar mijn telebankierding en laat haar alles invullen wat ingevuld dient te worden. Wat dat precies is, wil ik niet weten. Ik weiger!

Beste mensen, ik ben een chronisch wanbetaler en weet zelden wat ik bezit, verdien en uitgeef, maar ik heb wel een mening over de financiën van de wereld en die Occupy-beweging, u weet wel, die demonstraties tegen het kapitalistisch systeem en zo. Nou, daar ben ik ook een paar keer geweest.

Door mijn gereis en mijn poging de wereld te redden de laatste tijd, word ik iets beter in topografie, maar in de meeste gevallen grijp ik met grote vraagtekens boven mijn hoofd naar Google Maps om te zien waar ik nu eigenlijk naartoe vlieg. Geschiedeniszaken moet ik meestal “wikipediaën” en zelfs van landbouw en veeteeltkwesties weet ik niet meer dan de grote lijnen, meestal uit documentaires, populaire literatuur zoals Eating Animals van Jonathan Safran Four en zo nu en dan een krantenartikel of wat gegoogle.

Meestal werkt het dan zo dat elke keer dat ik weer iets ‘ontdek’ over de wereld, ik er zo erg van schrik dat ik er meteen een project van maak en de rest van de wereld ook in shocktoestand doe verkeren. Want kennis beste mensen, is niet altijd iets waar je gelukkig van wordt.

Toch zijn er ook zaken waar ik wel iets vanaf weet. Als ik politici hoor praten over deze onderwerpen - bijvoorbeeld dat kunstenaars maar op zoek moeten gaan naar “mecenassen” in Nederland die dan de sponsortaak van de overheid moeten gaan overnemen en dat ook met liefde doen - gaan mijn haren rechtovereind staan. Niet omdat dat geen mooi idee is, maar omdat het vergelijkbaar is met het idee een Efteling te bouwen op een plastic afvaleiland in de Stille Oceaan.

Weet u, ik ben zelf de enige kunstenaar die ik ken die voor een groot deel daadwerkelijk door particulieren wordt gesponsord en ik kan u vertellen dat die sponsorgelden zelden uit ons eigen kikkerlandje komen en dat deze ook zelden voldoende zijn om elk project uit te voeren wat ik bedenk, laat staan - dit vertelde mijn postmeisje laatst - dat ik überhaupt mag nadenken over mijzelf uitbetalen voor die tachtigurige werkweek.

Toch ben ik een bijzonder geval, want ik ken niemand anders in de kunstsector die het de afgelopen tijd zo goed voor elkaar heeft gekregen wat betreft het bij elkaar rapen van een klein beetje particulier geld. Dit heeft overigens vooral met geluk en goede contacten van mijn galerie te maken, want de doneerknop op mijn website wordt zeer zelden aangeklikt.

Kunstenaars worden her en der ingezet om de wijk, de stad, het land en de wereld beter te maken, maar het moet allemaal voor niks, want het staat “leuk op je cv”.

Ondertussen schaffen we de Raad van Cultuur af en zal meneer Halbe ikhebgeenideewiehetschilderijbovenmijnbankmaaktemaardekleurenpastengoedbijdegordijnen wel even vertellen hoe de kunstwereld het allemaal beter zou moeten regelen.

Het is zomaar een voorbeeld van een “issuetje” uit mijn eigen sector, maar ik weet zeker dat u allen wel eens een politicus iets heeft horen uitspreken waarvan u dacht: die heeft de afgelopen twintig jaar met zijn kop in een berg modder gebivakkeerd en spuugt de resten nu uit, in de hoop dat wij door al die modder niet door hebben wat voor onzin hij uitkraamt.

Weet u. Eigenlijk wil ik het vandaag met u over het volgende hebben. Ik zou graag met u af willen spreken dat we met zijn allen stoppen met het delen van onze mening over zaken waar
we niets vanaf weten.

Dwangmatig moet schijnbaar iedereen tegenwoordig ergens wat over te zeggen hebben. ‘Gedachtenincontinentie’ zou ik dat met een ongemakkelijk woord willen noemen.

Zulke gedachtenincontinentie kan op den duur leiden tot het vertekende beeld dat kennis van zaken een leuke hobby is, maar zeker geen vereiste voor het innemen van een standpunt met betrekking tot zaken die ertoe doen. Immers, zo luidt die gedachte, we hebben toch allemaal wel een idee van hoe het zou moeten? De gewone Nederlander weet zelf wel wat het beste is.

Kroegpraat. Voor een simpel voorbeeld van de gevolgen hiervan hoeft u alleen uw hoofd maar in de richting van Den Haag te draaien. Uitzonderingen op die regel? Zeker. Maar steeds minder, volgens mij.

Waarom weet een minister van Cultuur niets van hedendaagse kunst? Hoe kan het dat Kamerleden voortdurend laten doorschemeren net zo weinig van statistiek te snappen als ikzelf? Laten we toch in hemelsnaam de politiek weer uit handen geven aan experts. Geëduceerden. Mensen die over voldoende inzicht en ervaring beschikken en op een weloverwogen manier beslissingen kunnen maken. Mensen die daadwerkelijk geïnteresseerd zijn in de praktijken waarover ze beslissen. Een kennispolitiek. Niet met het volk, niet ten dienste van het volk; maar voor het volk.

Dat is het idee dat ik u nog het meest zou willen meegeven.

Helaas. Kennis, en zaken onderbouwen met kennis, lijkt steeds meer een taboe te worden.

Dat wetenschappelijk onderzoek ingewikkeld is en zelden met kant-en-klare conclusies komt, wordt steeds meer als argument gebruikt om het gewoon terzijde te leggen. Het feit dat iemand een kenner is op het gebied van beeldende kunst, lijkt plotsklaps voldoende om zo’n figuur te diskwalificeren als een serieuze stem. Wat het idee hierachter is? Nou, als je kunt uitleggen hoe een vloer van pindakaas een belangrijke schakel kan zijn in de ontwikkeling van de naoorlogse kunst, dan moet je ergens het contact zijn kwijtgeraakt met de gewone man op straat. Maar wat als kunst echt belangrijk is? Wat als de ‘gewone man’ dat gewoon niet ziet?

Dat dit de gedachtegang is, is wel gebleken na de laatste verkiezingen en de manier waarop momenteel politiek wordt bedreven. Er wordt niet alleen gekort op alle zaken die met kennis en intellect te maken hebben, maar ook binnen de politieke debatten die gevoerd worden.

Inhoudelijke motivaties worden steeds vaker van tafel geveegd onder het mom van “elitair geouwehoer wat vooral niet begrijpelijk is voor het volk“ en dus irrelevant.

Het is, voor de nietzoheelergdommemensenonderons een moedeloze situatie want we lijken met steeds minder te zijn doordat nietzoheelergslimme mensen zich steeds vaker uitspreken.

Beste nietzoheelergdomme en, vooral, beste heel slimme mensen: de enigen die hier iets aan kunnen doen zijn wijzelf! Mijn oproep is aan u allen die het echt weten. Die gestudeerd hebben. Die onderzocht hebben, die zich hebben bewezen op een intelligente wijze in hun vak en hun passie: VERSPREID UW KENNIS! SNEL!!!

Er wordt gekort op onderwijs. Het is niet cool meer om te motiveren - te elaboreren, te weten en te streven naar een hoger doel waar kennis deel van uitmaakt.

Werden wij niet ooit zelf ook geïnspireerd door anderen? Mensen tegen wie wij opkeken? Motiveerde dat niet het allermeest om te komen waar we nu zijn?

Ik stel voor dat eenieder die zich aangesproken voelt, zich per direct kosteloos aanbiedt ter verspreiding van zijn of haar kennis. Al is het maar een halve dag per maand op een middelbare school. Ik stel voor dat wij slimme mensen ons kenbaar maken. Dat we laten zien dat we bestaan en dat we bereikbaar zijn om een nieuwe generatie te motiveren en om alles wat wij weten te delen met deze generatie. Zodat ze het weten.

Laat kennis ons land weer regeren.
Laat kennis onze wereld weer regeren. Want dat is goed. Goed voor ons, en vooral goed voor de wereld.


Deze tekst is op verzoek van TINKEBELL. de letterlijk uitgesproken versie van haar lezing.

Wat is de Pietje Bell lezing?

De Pietje Bell lezing is het geesteskind van de oud-directeur van de Kunsthal, Wim Pijbes, en Ton Notten, lector Opgroeien in de Stad van de Hogeschool Rotterdam. Sinds 2003 organiseert de Kunsthal - samen met NRC Handelsblad en tot voor kort met de Hogeschool Rotterdam - jaarlijks een lezing die het sympathiek ondeugende erfgoed van Pietje Bell levend houdt.

Wie is TINKEBELL.?

TINKEBELL. is beeldend kunstenaar en stelt in haar werk de blinde vlekken in de moderne maatschappij aan de kaak. De dubbele moraal die mensen erop nahouden bij dieren is een belangrijk thema in haar werk. Haar projecten leveren geregeld een storm aan publiciteit en kritiek op.

    • David Haakman