'Terriër' Dion Graus verslikte zich

De enquêtecommissie beleefde een nare start. Ondanks de goede voorbereiding ging de aandacht de eerste dagen vooral uit naar de opgestapte PVV’er Graus. „Dion, wat maak je me nou?”

Den Haag : 7 november 2011 Parlementaire Enqutecommissie Financieel Stelsel. Lid van de enqute namens het CDA, Maarten Haverkamp. foto © Roel Rozenburg

Ze hadden zich deze eerste week anders voorgesteld. Na vele maanden voorbereiding begon de parlementaire enquêtecommissie maandag de eerste verhoren. ’s Middags was voormalig ABN Amro-bankier Jan Peter Schmittmann aan de beurt. Dion Graus (PVV), een van de leden van de Commissie-De Wit, vroeg hem of het niet verstandiger was geweest „enkel” het ABN Amro-deel te nationaliseren. Een spottende lach verscheen op het gelaat van Schmittmann. „Naar mijn weten is ABN Amro al genationaliseerd”.

De PVV’er begon te stotteren. Hij lukte hem nauwelijks nog zijn vraag uit te leggen. Namelijk: waarom had de overheid de Fortis-onderdelen niet aan de Belgen overgelaten?

Bij de evaluatie, diezelfde dag, viel de commissie over hem heen. Vooral Fatma Koser Kaya (D66) en Roos Vermeij (PvdA) meenden dat Graus de statuur van de commissie naar beneden haalde. Vermeij vroeg of iedereen die niet direct betrokken was bij de commissie de ruimte wilde verlaten. Vervolgens zei ze, met nauwelijks verholen woede: „Dion, we hadden een totaal andere lijn afgesproken. Wat maak je me nou?”

Er was in en rond de commissie breed begrip over de woede tijdens de evaluatie. Alle leden hadden zich goed voorbereid, op één na, wordt er gezegd. „Ze baalden dat ze door hem een modderfiguur slaan.”

Leden van parlementaire enquêtecommissies hebben doorgaans de neiging de partijpolitieke verschillen te vergeten. Bij deze commissie ging het niet anders, al viel Graus buiten dat solidariseringsproces. Vorig jaar bestond er al wrevel omdat hij in een gesprek met commissaris Arthur Martinez (ABN Amro) had gesproken van „bobo-borrels”. Zijn verweer, telkens: „Ik zit niet in de commissie om dikke dossiers te lezen, maar voor mijn kiezers.”

Dinsdagavond besloot Graus uit de commissie te stappen. Terwijl voorzitter Jan de Wit (SP) met zijn commissieleden wilde nadenken over een perscommuniqué, kwam de PVV met een eigen bericht. Dat sprak over „voorgekookte teksten door de staf” en „een slap verhaal”. kritische vragen over bonussen zouden Graus kwalijk zijn genomen. Maar van kritische vragen was geen sprake. Alle gegevens over Schmittmanns vertrekpremie waren al eerder in een rechtszaak naar buiten gekomen.

De Commissie De Wit meldde later „zich niet te herkennen” in de redenen die Graus gaf voor zijn vertrek. Daarna hielden de commissieleden hun mond. Ook Graus stond aanvankelijk niemand te woord, maar beloofde de redactie van tv-programma Pauw & Witteman wel een optreden, op woensdagavond. Kort voor de uitzending belde hij af. Hij bleek te hebben gekozen voor een interview in AD. Daarin meldde Graus dat hij namens de commissie voormalig DNB-president Wellink en Eurocommissaris Neelie Kroes zou ondervragen.

Opmerkelijk, want de commissie is om strategische redenen juist beducht om geplande getuigen te noemen. „Graus doet de zware verhoren. Dat zegt toch iets”, zei hij zelf in het AD, in derde persoon. De beelden van de NOS met zijn interview waren bovendien „lullig gemonteerd”. Hij had het juist fantastisch gedaan. „Ik was de terriër.” Alles „voor volk en vaderland”.

Commissieleden vreesden dat de kwestie Graus de aandacht onttrok aan de ondervragingen van deze eerste week. En ja, ze gebruikten daarbij een scherm („de voorgekookte teksten”) dat de vragensteller kan herinneren aan het vooropgezette plan. Maar waardoor ook kan worden geanticipeerd op antwoorden. Betrokkenen wijzen erop dat de kritiek op het voorgaande onderzoek van dezelfde commissie zich toespitste op een gebrek aan scherp doorvragen. In de eerste week gaat het ook beter.

Graus speelde in op deze kritiek. Tegen het AD zei hij zich de kritiek na de eerste ronde te hebben aangetrokken. Sterker, hij dacht zelfs met zijn vertrek te helpen. De commissie zal „vanaf nu” (na zijn vertrek) veel scherper ondervragen. Met andere woorden: doen ze het goed, dan komt dat mede door hem. Lukt dat niet, dan zegt Graus: zie je wel.

Toch is niet alles strategie. De botsing tussen Graus en de rest van de commissie was vooral een botsing van persoonlijkheden, geen vooropgezet plan van Graus, of PVV-leider Wilders. Tegelijk, zo blijkt uit commentaar achter de schermen, vindt de PVV de breuk ook niet erg. Wat valt er voor een partij nu eigenlijk te winnen met zo’n parlementair onderzoek? „We hadden Graus”, zo zei een PVV’er lacherig „natuurlijk ook lelijk opgezadeld met dit baantje”.