Soms verdraag ik dit leven niet

In de rubriek ‘Het laatste woord’ praten mensen over hun laatste levensfase.

Daaronder staat wekelijks een necrologie van een niet per se bekende persoon.

„De dood is geen probleem voor mij, het kan de oplossing zijn. Het leven valt me soms zo zwaar dat ik maar aan één ding kan denken: een einde eraan maken. Een terminale kankerpatiënt kan zeggen: ik wil me niet verder laten behandelen, ik wil euthanasie, het lijden wordt me te zwaar. Ik weet uit ervaring dat een psychiatrische patiënt op een vergelijkbare manier kan lijden. Maar dat ligt veel ingewikkelder dan bij kanker en wordt in de samenleving veel minder makkelijk geaccepteerd.

„Ik kan mezelf zo diep ellendig voelen, het is nauwelijks te beschrijven wat psychisch lijden met je doet. Ik zou willen dat gezonde mensen, en vooral ook hulpverleners, zich beter daarin zouden kunnen inleven. Ik kan compleet in mezelf opgesloten zijn, ik ben dan volstrekt ongevoelig voor signalen van buitenaf en kan maar aan één ding denken: dit moet ophouden, ik verdraag dit leven niet langer, ik wil weg …

„Tweemaal ben ik gedwongen opgenomen geweest. De eerste keer was omstreeks mijn scheiding, na 33 jaar huwelijk. Ik had me direct daarna in een onmogelijke relatie gestort, waardoor het nog slechter met mij ging. Ik wist zeker: mijn leven is totaal mislukt, ik kan niks, ik ben niks, ik ben mijn familie alleen maar tot last, het is voor mij en iedereen het allerbeste als ik er niet meer ben.

„Ik had al besloten hoe en op welke dag ik mijn plan zou uitvoeren. Op de ochtend dat het zover was, stonden er opeens een wildvreemde man en vrouw in m’n huis. Ze lieten me een papier zien en zeiden: we hebben een beschikking van de burgemeester, u bent een gevaar voor uzelf, we komen u ophalen voor gedwongen opname. Toen ik begon te protesteren, stapten twee politieagenten en twee ambulancebroeders m’n kamer binnen. Ik kreeg te horen: óf u loopt nu rustig mee, óf we slaan u in de boeien en we binden u op een brancard. Toen ben ik maar meegelopen.

„Ik heb dit als een diepe vernedering ervaren. Ik had al afscheid van het leven genomen. In feite was ik dood, met als enige verschil dat ik die allerlaatste stap net niet had kunnen zetten. Ik was zó boos, zó radeloos. Waar haalden ze het lef vandaan mij te weerhouden van het enige wat ik nog wilde op dat moment en waarover ik zélf wilde beslissen: mijn eigen leven!

„Hoe confronterend het ook mag klinken voor m’n familie en m’n naasten, nog steeds zeg ik: voor mij was het goed geweest als er vijf jaar geleden een einde aan mijn leven was gekomen. Het heeft me zo veel pijn en moeite, zoveel energie en kracht gekost de weg terug te vinden naar het leven. Ik had geaccepteerd dat m’n leven mislukt was en nu moest ik toch weer manieren zien te vinden om een bestaan op te bouwen met werk en een huis en andere mensen.

„Met vallen en opstaan ben ik overeind gekomen. Vorig jaar in augustus ging het weer mis. Opnieuw was ik dichtbij het einde. Een spoedconsult bij m’n psychiater heeft me tegengehouden. Ik zei: ik kán niet meer, je móét me helpen eruit te stappen, anders doe ik ’t zelf. Ze zei: ik moet even iemand bellen en ze ging de kamer uit. Toen ze terugkwam, zei ze: kom, we rijden even naar een andere dokter voor een ‘second opinion’. We gingen rechtstreeks naar de gesloten psychiatrische afdeling, waar wéér een beschikking voor gedwongen opname klaarlag.

„Toen was ik nóg veel bozer dan de eerste keer. Ik zei: vijf jaar geleden had ik van tevoren niks gezegd en toen hebben jullie me tegengehouden. Nu kondig ik het aan en mag ik het weer niet doen. Hoe zou ik ’t een volgende keer moeten aanpakken?

„Ruim een jaar later zeg ik: deze keer had ik toch nog wel een paar procent levenszin in me om weer door te gaan. Tegelijk denk ik: het houdt een keer op, ik kan niet steeds zo dichtbij de dood zijn en daarna toch de draad van het leven weer oppakken.

„Ik haal veel inspiratie uit mijn mozaïeken. Als ervaringsdeskundige geef ik voorlichting op scholen en in bedrijven. Dat houdt mij in balans. Gelukkig beschik ik over een gezonde dosis humor en relativeringsvermogen. Ik ervaar het leven lang niet altijd als uitzichtloos lijden. Ik vind het moeilijk, soms prachtig, en vaak vreselijk zwaar. Dat maakt het ook lastig voor m’n naasten. Maar het is niet anders.”

Tekst & foto’s Gijsbert van Es

Reacties: laatstewoord@nrc.nl.Twitter: #hetlaatstewoord

    • Gijsbert van Es