Klusje hier, klusje daar en voort maar weer

Auteur: Lynda GrattonTitel: De Werkrevolutie. De vijf krachten die onze manier van werken fundamenteel gaan veranderen.Uitgever: SpectrumISBN: 978 90 491 0796 3, 333 blz., € 24,99

‘Het is zes uur op een koude ochtend in Londen in januari 2025. Jill wordt wakker van het geluid van de wekker. Zodra ze helder kan kijken, wordt haar aandacht getrokken door de driehonderd berichten die op haar wandscherm opflitsen. In de nacht hebben collega’s , vrienden, huidige werkgevers en toekomstige werkgevers over de hele wereld hun ideeën met haar gedeeld (...)’

Sciencefiction? Nee. Keiharde realiteit, volgens Lynda Gratton, die het toekomstvisioen beschrijft in haar boek De Werkrevolutie. De vijf krachten die onze manier van werken fundamenteel gaan veranderen. De belangrijkste kracht van deze revolutie: „In 2025 zijn ruim vijf miljard mensen elektronisch met elkaar verbonden. Dat heeft enorme gevolgen.” Gratton is niet de minste op dit terrein. Naast haar werk als hoogleraar Management Practice aan de London Business School, adviseert ze grote ondernemingen over personeelsbeleid. Het Britse dagblad The Times zette haar in 2009 nog in de top-20 van belangrijkste denkers over management ter wereld. In haar nieuwe boek beschrijft ze trends en veranderingen – zowel in ons werk als in de wereld om ons heen – die ze vervolgens vertaalt naar de werkvloer van de toekomst. Niet alleen worden we veel ouder en zullen we langer door moeten werken, ook krijgen we nog veel sterker dan nu te maken met globalisering. Werknemers uit opkomende landen als China en India zullen hun plek gaan opeisen. Afkomst zal er steeds minder toe doen, voorspelt Gratton. Talent steeds meer. „Mensen uit alle delen van de wereld zullen in toenemende mate naar megasteden trekken, waar zich nieuwe kweekvijvers van talent vormen.”

De oorspronkelijke titel van het boek The Shift, The Future Of Work Is Already Here, dekt de lading beter dan de Nederlandse vertaling. Want de grote veranderingen zijn nú inderdaad al zichtbaar. Vergelijk de manier waarop u tegenwoordig werkt maar eens met tien, twintig jaar geleden. Niet alleen is de technologie waarmee u werkt ingrijpend veranderd, diezelfde technologie heeft de manier waaróp wij werken ook veranderd. Neem alleen al de opkomst van thuiswerkers en flexwerkers.

Ook onze houding ten opzichte van het werk is in beweging. Gratton beschrijft treffend hoe haar eigen werkdagen er 20 jaar geleden uitzagen: rond negen uur op kantoor; lunch om half een; een werkoverleg van drie tot vijf en dan op huis aan, waar het gezin om zes uur aan tafel schoof. ‘Als ik thuiskwam, was mijn werkdag voorbij.’

Nu zal dit schema voor een deel van de beroepsbevolking nog steeds opgaan. Maar een groeiend aantal mensen werkt anno 2011 eigenlijk altijd. In de trein onderweg naar kantoor wordt de mail beantwoord, ’s avonds na het eten gaat de laptop weer open.

Dit patroon zal doorzetten, voorspelt Gratton. Net zolang tot het voor iedereen doodnormaal is om, zoals het in De Werkrevolutie heet, fragmentarisch te werken: klusje hier, klusje daar, tussendoor de kinderen in bed stoppen, en voort maar weer. Uit onderzoek onder Nederlandse werknemers dat deze week (‘de week van het nieuwe werken’) verscheen, bleek dat een derde meer dan acht uur per dag werkt en dat de helft regelmatig (meer dan drie keer per week) werk mee naar huis neemt. Is dat erg? Eigenlijk wel, vindt de auteur. Versplintering en overbelasting gaat ten koste van bijvoorbeeld concentratie en ‘meesterschap’: om ergens heel goed in te zijn, moet je er tijd en aandacht aan kunnen besteden. Los nog van het feit dat een hogere werkdruk meer uitval met zich mee zal brengen.

Haar boodschap aan de nieuwe generatie is echter bemoedigend: ‘Jullie daden, ideeën en creativiteit zullen steeds meer zichtbaar zijn voor anderen. Geen enkele generatie vóór jullie had de technologie om dat te verwezenlijken.’ Maar of dat straks opweegt tegen de nadelen, is de vraag.

Patricia Veldhuis

    • Patricia Veldhuis