Geef klokkenluiders een minder hoge drempel

Het interimrapport van de commissie-Levelt naar de Stapelaffaire legt de vinger op een zere plek in de fraudepraktijk. De conclusies onderstrepen hoe belangrijk het aanstellen van een laagdrempelige klokkenluiderregeling is.

Aangetoond werd dat onderzoekers al vroeg twijfelden aan de wetenschappelijke integriteit en onderzoeksmethoden van de sociaal-psycholoog. Maar ze meldden deze wanpraktijken niet omdat ze ertegen opzagen om hun hoogste baas – in dit geval de rector magnificus – lastig te vallen met hun verdenkingen. Daardoor kon Stapel te lang doorgaan met zijn fraude- en intimidatiepraktijken.

Veel fraudes blijven onopgemerkt omdat het toezicht in organisaties te hoogdrempelig is. Mogelijke klokkenluiders worden daardoor afgeschrikt, en de enkeling die toch doorzet, raakt gefrustreerd door de stroperigheid en ondoorzichtigheid van het meldingsproces. Dat maakt weer dat mensen in de omgeving van een fraudeur extra kwetsbaar worden voor intimidatiepraktijken.

Daarom moeten grotere organisaties die net als een universiteit een belangrijke maatschappelijke taak uitvoeren en gevoelig zijn voor reputatieverlies, een klokkenluiderregeling hebben die wel makkelijk toegankelijk is én de procedure voor betrokkenen inzichtelijk maakt.

Vast onderdeel ervan moet een fraudecontactpunt zijn, een aanspreekpersoon die een vertrouwenspositie bekleedt en wiens deur altijd openstaat. De meldingsprocedure moet transparant zijn. Het moet duidelijk zijn wat of er met een klacht gebeurt, wie er zoal naar zullen kijken en wie beslist of men deze serieus neemt of niet. Wordt een klacht terzijde gelegd, dan moet worden gemotiveerd waarom.

Maar bovenal moet de organisatie uitstralen dat klokkenluiders worden gezien als mensen die in het belang van de integriteit van de organisatie hun nek durven uit te steken. Dat is de beste garantie dat een klokkenluiderregeling ook echt werkt.

André Mikkers

Partner en forensisch onderzoeker bij PwC