De scheuro helpt ons ook niet verder

De euro splitsen? Terug naar de gulden? Europa werd deze week overvallen door hopeloosheid. Maar de euro is nog te redden. ‘We moeten de markten dankbaar zijn. Zij zijn de enige die Berlusconi echt onder druk kunnen zetten.’

Even rust. Na een week van oplopende spanningen, kalmeerden de financiële markten gisteren enigszins. Griekenland en Italië lijken weer onder controle. Het Griekse parlement stelde donderdag een nationale noodregering aan, geleid door Lucas Papademos, voormalig lid van de Europese Centrale Bank. In Italië lijkt een interimregering, geleid door oud-eurocommissaris Mario Monti, nabij, nadat de Italiaanse senaat vrijdagmiddag een lang beloofd bezuinigingsplan had goedgekeurd. De rente die Italië moet betalen op zijn staatsschuld daalde tot 6,5 procent, na eerdere zorgelijke niveaus van boven de 7 procent.

Maar de zorgen zijn niet voorbij. Als deze week iets liet zien, is het hoe schadelijk de wisselwerking kan zijn tussen nerveuze investeerders, landen met grote schulden en een inzakkende economie. Hoe ze elkaar negatief kunnen versterken.

Neem Italië. Dat land staat niet aan de rand van een faillissement, blijkt uit de cijfers. De overheidsfinanciën zijn vrij eenvoudig op orde te brengen. Een goed bezuinigings- en hervormingsplan is waarschijnlijk voldoende. „De zorgen over een bankroet zijn totaal niet gefundeerd”, zegt de Britse hoofdeconoom van ING, Mark Cliffe. „Het land is in principe solvabel.” Wim Boonstra, hoofdeconoom van de Rabobank, is het met hem eens: „Er is objectief gesproken geen enkele reden dat Italië niet aan zijn schulden kan voldoen. Het is een buitengewoon rijk land. Als Italië een behoorlijke regering krijgt, is de zaak zo op orde." Maar als investeerders het land blijven wantrouwen en de rente lang boven de 7 procent blijft staan, dan komt Italië tóch in betalingsproblemen.

Schadelijke wisselwerking

Die schadelijke wisselwerking geldt niet alleen voor Italië. Die geldt voor de hele eurozone. Zelfs over Frankrijk ontstond twijfel op de markten: ook die rente op staatsobligaties steeg afgelopen week fors. Als de regeringsleiders de eurocrisis niet weten op te lossen, dan belandt Europa in een recessie, zei eurocommissaris Olli Rehn donderdag. Rehn: „Dit is de laatste waarschuwing.” Een recessie verkleint namelijk de kans dat regeringen de schuldencrisis kunnen oplossen. Want dan lopen begrotingstekorten en staatsschulden overal in Europa automatisch verder op.

Eerder genomen Europese maatregelen om de crisis te bestrijden, werden door de onrust ook nog eens minder krachtig. Het lukt het noodfonds dat de eurozone moet redden, nu niet om voldoende geld op te halen, doordat er onrust is. De baas van het fonds, Klaus Regling, waarschuwde donderdag dat het fonds op deze manier nóg meer geld nodig heeft om de zorgen van investeerders over staatsobligaties van landen als Italië weg te nemen. Het is dan ook niet vreemd dat een gevoel van hopeloosheid Europa overviel deze week. Is de eurocrisis nog wel op te lossen?

De financiële markten gonsden van een op handen zijnde Noord-Zuidbreuk in de eurozone. Aanleiding was een nieuwsbericht van het internationale persbureau Reuters woensdag. Een anonieme bron (door Reuters betiteld als een EU official) zegt dat op „intellectueel niveau” is gesproken over „een of meer landen die de eurozone verlaten”. Bondskanselier Angela Merkel ontkende dat er plannen waren. Maar toen de voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barrosso donderdag waarschuwde dat een breuk zeer kostbaar is (het zou wel eens 50 procent van het bruto binnenlands product kunnen kosten), was de conclusie in nieuwsprogramma's op televisie „dat er nu openlijk over een breuk gesproken wordt.”

President Klaas Knot van De Nederlandsche Bank benadrukte donderdag in de Tweede Kamer hoe schadelijk discussies over dit soort scenario's zijn. Het wakkert de onrust op de markten alleen maar aan.

Maar splitsingsscenario’s als een opdeling van de eurozone in een noordelijke en een zuidelijke muntunie klinken hardnekkig, ook bij sommige politici. Is het niet beter dat Nederland samen met Duitsland, België, Oostenrijk, Luxemburg en Finland een ‘neuromunt’ invoert? De zuidelijke probleemlanden kunnen dan een ‘zeuro’ invoeren. Bij welke munt Frankrijk dan hoort, weet niemand. Partijleider Arie Slob van de ChristenUnie vindt dit een serieuze optie. Nog langer aanmodderen kost ook veel geld, is zijn redenering. Dan liever een houdbare oplossing.

Geert Wilders blijft intussen pleiten voor een terugkeer naar de gulden. Hij wil een „gerenommeerd internationaal bureau” laten uitzoeken of een vertrek uit de euro op langere termijn economisch beter uitpakt, meldde hij via De Telegraaf.

Terugkeer naar de gulden

Het zijn plannen die in theorie aanlokkelijk klinken, maar in de praktijk waarschijnlijk slecht uitpakken. Zeker voor Nederland. „Voor Nederland is een breuk van de muntunie een angstaanjagend vooruitzicht”, zegt hoofdeconoom Cliffe van ING. „De economie is buitengewoon verknoopt met Europa. Niet alleen exporteert Nederland veel naar Europese landen, ook is het de op een na grootste investeerder in Europa.” Cliffe onderzocht een jaar geleden op verzoek van de raad van bestuur van ING wat de kosten zouden zijn van een breuk van de eurozone. Hij is bezig met nieuw onderzoek. Wat de effecten van een breuk precies zijn en hoe groot de schade, dat is een gok. Er is geen historisch vergelijkingsmateriaal. „Het is lastig hier cijfers aan te plakken,” zegt Cliffe. In zijn onderzoek vorig jaar schatte hij de kosten van een volledig uiteenspatten van de eurozone in als volgt: landen verliezen in de eerste jaren na de breuk 5 tot 9 procentpunt economische groei ten opzichte van het basisscenario. De Zwitserse bank UBS berekende in september de kosten voor Duitsland, als het de eurozone verlaat. In het eerste jaar na de breuk bedragen die 20 tot 25 procent van het bbp. UBS nam in het scenario aan dat Duitsland dan ook de Europese Unie verlaat en geen toegang meer heeft tot de interne markt. Dit kan een gevolg zijn van een breuk in de eurozone, maar dat hoeft niet.

Een breuk, zegt hoofdeconoom Cliffe, zal Nederland harder raken dan andere Noord-Europese landen. „Niet alleen het bruto binnenlands product maar ook de welvaart. De pensioenvermogens zijn groot en daardoor extreem kwetsbaar. Ik voorzie enorme stress in het financiële systeem van Nederland. Als er één land belang heeft bij het voortbestaan van de eurozone zoals die is, is Nederland het wel.”

Een breuk kost veel geld, raakt ook de neurolanden in het noorden van Europa hard en kan bijna niet anders dan chaotisch en paniekerig verlopen. Het is in elk geval geen scenario om lichtzinnig over te denken. Boonstra van de Rabobank: „De neurolanden gaan na een breuk een lange periode van lage groei tegemoet.” Casper de Vries, hoogleraar aan de Erasmus Universiteit: „De zeurolanden zullen in eerste instantie meer profiteren van een breuk, hoewel de vraag is of zij wel bij elkaar zullen blijven in één munt.”

Export

De schade voor de neurozone komt via twee kanalen: de export en het financiële systeem.

Eerst de export. De neuro wordt een dure munt. Beleggers zullen vluchten in het staatspapier van de noordelijke club van financieel zeer sterke landen. De zeuro keldert. Dat kan de export van handelsnaties Duitsland en Nederland schaden. Een sterke neuro maakt hun producten in het buitenland immers duur.

Belangrijker: een breuk gaat waarschijnlijk gepaard met ruzie. Zuid-Europa vertrekt vast niet vrijwillig. De kans is dan ook groot dat de Europese interne markt uit elkaar valt, en dat er weer importtarieven en grenscontroles komen. Noord-Europa exporteert veel naar Zuid-Europa, dus dat raakt de neurolanden.

Dan het financiële systeem. Omdat de zeuro keldert in waarde, worden de vele bezittingen en beleggingen, die de neurolanden in Zuid-Europa hebben, direct minder waard.

Een breuk zal gepaard moeten gaan met het bevriezen van alle banktegoeden in Europa. De banken moeten een week dicht, anders komt er een stormloop op de Zuid-Europese banken. Burgers en bedrijven zullen hun geld immers willen stallen in de landen met de sterke munt, de neuro. De Vries: „Initieel zijn de kosten heel hoog. De financiële sector ligt even op apegapen.” Een breuk vereist verregaande samenwerking van Europese leiders. Als Noord en Zuid ruziënd opbreken, dan is de schade groter. De Vries: „Dan wordt in één dag het complete Italiaanse bankwezen leeggezogen.” En dreigt een bankroet voor veel meer banken in Europa.

Cliffe, Boonstra en De Vries schetsen geen armageddon. Barroso overdrijft als hij zegt dat het bruto binnenlands product met de helft krimpt. Noord-Europa zal immers ook minder exporteren naar Zuid-Europa als het Zuiden binnen de eurozone doet wat Europa wil: concurrerend worden door hervormingen. Na een jaar of vijf komt Noord-Europa de sterke munt wel te boven, denkt Boonstra. Toch zien de economen een breuk als het minst te prefereren scenario.

Op papier is een breuk dus niet voordelig, maar betekent dat ook dat die er niet komt? „Op dit moment weet ik niet meer wat ik waarschijnlijk acht,” zegt Boonstra. „Ik ben ervan overtuigd dat Europa er alles aan doet om de eurozone bij elkaar te houden. Maar ik ben me er heel erg van bewust dat ik redeneer vanuit de aanname dat de grote landen hun verstand erbij houden. Ik weet niet of dat zo is.”

Het is de frustratie van meer economen. Italië is het land waarop de euro kan breken, maar dat is absoluut niet nodig, zeggen zij. De Europese Centrale Bank kan rust brengen. De ECB heeft genoeg geld. De eurocrisis oplossen is geen kwestie van kunnen maar van willen. En juist over dat ‘willen’ maken de financiële markten zich zorgen.

De hoop is nu dat de onrust van de afgelopen week onderdeel is van een bewuste strategie. Sinds de zomer heeft de Europese Centrale Bank grote hoeveelheden Italiaans staatspapier gekocht. Dat drukte de rente. Maar Berlusconi bleef dralen met zijn beloofde hervormingen. Volgens handelaren stopte de ECB deze week tijdelijk met opkopen. De oplopende rentes forceerden een oplossing in Italië. Boonstra: „Ik denk dat de nieuwe Italiaanse ECB-president Mario Draghi een stevige boodschap stuurt naar zijn landgenoten.” Hervorm! Hoogleraar De Vries: „Eigenlijk is het goed dat de rente oploopt. We moeten de markten dankbaar zijn. Zij zijn de enige die Berlusconi echt onder druk kunnen zetten.”

Misschien zetten de angstaanjagende spanningen van deze week politici in Noord- en Zuid-Europa aan tot echte actie. Nu of nooit, dat gevoel. Maar dat lukt niet als steeds meer kiezers en politici denken: splitsen is toch goedkoper.