Rijk (2)

Het is meer dan twintig jaar geleden, veel details zijn mij ontschoten, maar de hoofdzaken kan ik mij nog levendig herinneren. Eelke de Jong leefde nog en we gingen hem onder aanvoering van Rijk de Gooyer opzoeken in Veldwijk, een psychiatrische inrichting op gereformeerde grondslag, waar Eelke de voorlichting verzorgde en hoofdredacteur was van het interne tijdschrift. Er werd een tentoonstelling van kunstwerken van psychiatrische patiënten geopend. Ik nam de gelegenheid te baat om een van de gereformeerde artsen te vragen hoe het zat met die befaamde predestinatie, voor hij kon antwoorden kwam Rijk tussenbeide. „Predestinatie? Heel eenvoudig, jongen. Als je gereformeerd bent zit je sowieso geramd. Kom je in de hemel. Dat heet predestinatie.” Ik begreep dat het zijn persoonlijke interpretatie was van deze leerstelling. Helaas was er geen tijd om dieper op de zaak in te gaan, want we gingen met zijn allen dineren in een restaurant in Amersfoort. Naast Rijk zat een echtpaar, kennissen van Eelke, dat de tentoonstelling had georganiseerd. Bij het bestellen bekenden zij vegetariër te zijn. Nu, dat hebben ze geweten. Laat dat maar aan Rijk over. Hij begon ze goedmoedig te sarren met hun overtuiging, zo langdurig, dat de vrouw smeekte: „Alsjeblieft, Rijk, hou nu op.” „Oké, oké, oké”, zei Rijk, „sorry, zal niet meer gebeuren.” Hij nam voorzichtig haar hand in de zijne en drukte er een kusje op. Maar voor hij haar hand teruggaf, wees hij er met borende vinger op en zei: „Vlees!”

De rest van de maaltijd, die aangenaam verliep, hield hij zich inderdaad in en liet het echtpaar met rust. Pas toen we het nagerecht gegeten hadden en iedereen opgaf welk digestief hij of zij bij zijn koffie wenste te gebruiken, zei Rijk, voor het echtpaar hun bestelling kon plaatsen, wijzend op de vrouw naast hem: „En voor mevrouw hier, een heerlijke vleeslikeur.”

    • Peter van Straaten