Kaalgeschoren freak met rubberen lichaam

De Amerikaanse surfer Kelly Slater (39) is recordhouder met elf wereldtitels. Zijn geheim? Een geweldige techniek en zijn vermogen zich te vernieuwen.

Kelly Slater surfs under the curl at the Rip Curl Pro Search surf contest en route to winning the third round, thereby clinching his 11th ASP season title, at Ocean Beach on Wednesday, Nov. 2, 2011, in San Francisco. (AP Photo/George Nikitin) AP

Voortaan heet hij Ke11y. Afgelopen zondag werd de 39-jarige Kelly Slater voor de elfde keer wereldkampioen surfen. In zijn sport is hij al vijftien jaar een icoon en hoeft daarom alleen nog met zijn voornaam te worden aangeduid. Sinds zondag geldt daarbij een andere spelling: de dubbele ‘l’ in Kelly is vervangen door het cijfer 11.

In de sport die wordt geassocieerd met geblondeerde pubers is de kaalgeschoren veteraan al twee decennia dominant. Hij is zowel de jongste als oudste wereldkampioen ooit. „The greatest athlete of all time”, jubelen de Amerikaanse commentatoren, om hem vervolgens te vergelijken met andere levende legenden: oud-basketballer Michael Jordan, golfer Tiger Woods en oud-wielrenner Lance Armstrong. De zevenvoudige Tourwinnaar twitterde deze week over Slater: „One of the best athletes to ever walk the planet. Period.”

Net als Jordan, Woods en Armstrong is Slater allang multimiljonair. Hij won ruim drie miljoen dollar aan prijzengeld, maar dat is nog niets vergeleken met zijn opbrengsten afkomstig van onder meer sponsors, surffilms en computerspellen. Het laatste contract dat hij met zijn hoofdsponsor Quiksilver afsloot, had naar verluidt een waarde van twee miljoen dollar.

Dat is niet gek voor een surfer die werd geboren in Cocoa Beach, Florida – een plek die door surfers alom wordt geminacht vanwege de lage, slechte golven. Maar ook in dat verwaaide sop aan de Amerikaanse zuidoostkust werd Slaters grote talent al snel duidelijk. Hij droomde ervan profsurfer te worden en als kind van gescheiden ouders – zijn vader was verslaafd aan alcohol – ontwikkelde hij een enorme gedrevenheid om dat doel te bereiken. Op twintigjarige leeftijd won hij zijn eerste wereldtitel.

Surfen is een jurysport. In heats van een half uur tellen de beste twee golven, die per stuk met maximaal tien punten kunnen worden gewaardeerd. Het kampioenschap verdien je niet in één wedstrijd. Tijdens de zogeheten ASP World Tour reizen de 44 beste surfers een jaar lang langs de beste golven ter wereld. Hoewel er volgende maand nog in Hawaï wordt gesurft, heeft Slater nu al zoveel punten verzameld, dat hij door de concurrentie niet meer is in te halen.

Het geheim van zijn succes? Dat zijn er veel. Een rubberen lichaam dat hij in de meest onmogelijke posities kan wurmen zonder te vallen. Een door eindeloze studie ontwikkeld vermogen golven te ‘lezen’ om te weten waar en hoe ze zullen breken en waar welke truc het best op zijn plaats is. De voortdurende drang om naar technische perfectie van zowel lichaam als materiaal. En een mentale geslepenheid die door velen wordt gevreesd. Tegenstanders noemen Slater een competitieve freak, die berucht is om zijn mind games. Sommigen mijden uit angst voor die geestelijke oorlogsvoering zelfs oogcontact tijdens het surfen.

Maar de belangrijkste verdienste: hij weet zichzelf voortdurend te vernieuwen. Onder invloed van jongere pioniers is de manier van surfen de laatste tien jaar sterk geëvolueerd. Weliswaar geldt het zo lang mogelijk in een omslaande golf (barrel of tunnel) blijven rijden én eruit komen nog altijd als de ultieme surftruc; maar waar vroeger scherpe bochten (cutbacks) met zoveel mogelijk opspattend water (spray) hoog werden gewaardeerd, geven jury’s nu vooral punten voor skateboardachtige sprongen. Bij deze zogeheten airs vliegen surfers meters boven de golf uit om vervolgens – al dan niet na een draai van 360 graden – verder te surfen. In tegenstelling tot de meesten van zijn generatiegenoten kreeg Slater die vaardigheden onder de knie. En zo bleef hij de vaak twintig jaar jongere concurrenten de baas.

En toch had hij nog meer titels kunnen winnen. Nadat hij in 1998 met zijn zesde WK het toenmalig record van de Australiër Mark Richards had verbroken, verloor hij de motivatie om te blijven presteren. Hij verliet de tour en probeerde enkele jaren alleen nog voor de lol te surfen. Tevergeefs, want de gedroomde rust bleef uit. Vanwege zijn relatie met actrice Pamela Anderson werd hij belaagd door de roddelpers. De twee kenden elkaar uit de serie Baywatch, waarin Slater tien afleveringen de rol vertolkte van Jimmy Slade: een jongen die in een surfbus sliep en ervan droomde prof te worden. „Tegen beter weten in staarde ik in de camera als een hert in de koplampen”, zo omschreef hij zijn acteercarrière in de autobiografie Pipe Dreams (2003). En toekijken hoe anderen wonnen, ging hem slecht af. „Mijn competitieve aard kreeg klappen.” Twee jaar later won hij zijn zevende titel.

Even leek hij dit jaar opnieuw af te haken. In juli liet hij een wedstrijd in Zuid-Afrika schieten. Via Twitter verklaarde hij de golven „te mager” te vinden, terwijl ze tegelijkertijd in Fiji „belachelijk groot” waren. Wedstrijd, of niet, een perfecte „once in a lifetime”-deining van zeven meter hoog kon hij niet voorbij laten gaan. En door daarna weer twee opeenvolgende wedstrijden te winnen, had hij zijn achterstand goedgemaakt.

Woensdag werd hij al gehuldigd, tijdens een wedstrijd in San Francisco. Een rekenfoutje, zo bleek tot schaamte van ASP. Hij moest nog één heat winnen om elfvoudig kampioen te worden. Dat deed hij zondag. Sindsdien willen de surfmedia nog maar één ding van Ke11y weten: gaat hij volgend jaar voor zijn twaalfde?